Het ministerie van buitenlandse zaken van Israël verdedigt de slachting die het Israëlische leger rond de afgelopen jaarwisseling onder Palestijnen op de Gazastrook aanrichtte. Ja, het erkent fouten van Israëlische soldaten: “In dertien gevallen zijn strafrechtelijke onderzoeken geopend wegens mogelijk wangedrag”, en naar aanleiding van rond de 100 klachten wordt onderzoek gedaan. Maar de operatie kon, aldus het ministerie, door de beugel.
Het ministerie noemt het Israelische geweld “in proportie”. Dat Israëlische geweld kostte volgens de VN 1300 Palestijnse mensenlevens (volgens Israël iets minder, volgens Palestijnse bronnen nog iets meer). Het merendeel was burgers. Aan Israëlische kant vielen 13 doden, merendeels soldaten. Wie hier spreekt van geweld dat “proportioneel” was, zegt feitelijk dat één Israelisch mensenleven evenveel waard is als honderd Palestijnse mensenlevens, dat Israëlis dus honderd keer meer mens zijn. Het racisme hier is evident – of zou dat moeten zijn.
Israël erkent inmiddels dat haar militairen witte fosfor hebben ingezet, maar zegt dat dit geen verboden middel is. Maar volgens een ooggetuige in een rapport van Breaking the Silence, een groep die stemmen van zelfkritische Israëlische soldaten naar buiten brengt, is het spul niet alleen ingezet om een rookgordijn de maken – dat schijnt te mogen – , maar om een huis op te blazen. Een militair “zegt dat fosformunitie is gebruikt om een huis tot ontploffing te brengen waar volgens de inlichtingendienst explosieven en boobytraps waren aangebracht. Eerst ‘werd een granaat geschoten, maar dat bracht weinig teweeg’, zegt hij. ‘Toen heeft de artillerie besloten het huis onder vuur te nemen en zij gebruikte daar fosfor voor.’” Dat betekent inzet van fosfor in dichtbevolkt gebied, en dat mag nadrukkelijk níét volgens een sinds 1980 geldige VN-overeenkomst. Witte fosfor is een chemisch wapen dat vreselijke brandwonden oplevert.
Wat de soldaat hierboven beschreef was een oorlogsmisdaad. En niet de enige. Amnesty Internetional bracht ongeveer een maand geleden een rapport uit, met volgens de Volkskrant de volgende strekking: “Israël heeft oorlogsmisdaden begaan, roekeloze aanvallen uitgevoerd en buitensporig geweld gebruikt tijdens de 22 dagen durende aanval op de Gazastrook in december en januari”. Van de 1300 Palestijnse doden waren er 900 burgers, en Amnesty zegt “dat het omkomen van honderden burgerslachtoffers niet simpelweg kan worden afgedaan als fouten of bijkomende schade, zoals Israël stelt.”
Het rapport laat zien hoe misdadig het optreden van Israël was – en het plaatst de staat Israël waar die thuishoort: in de verdachtenbank, samen met andere schrikbewinden op deze planeet. Het zalvende rapport van het Israëlische ministerie van buitenlandse zaken van israël zal daaraan niet wezenlijks veranderen.
Zie ook speech op de Gaza-demonstratie:
Groetjes