Gisteren was ik op bezoek bij de Internationale Socialisten (IS), de groepering waar ik langdurig lid van ben geweest en waarmee ik me nog steeds nauw verbonden voel, for better or fot worse, maar momenteel mostly for better. De IS had een zomerschool georganiseerd, een dag met politieke discussiebijeenkomsten, en barbecue toe. Het was zeer de moeite waard, en gezellig bovendien.
Deelnemers konden naar vier bijeenkomsten, en op elk tijdstip kon je uit twee onderwerpen kiezen. Ik koos voor de volgende lezingen : “Marx en Engels als praktische revolutionairen” ; “Is Wilders een fascist?” , “Socialisme of anarchisme?” en “Shockdoctrine in Nederland: Balkenende en de crisis”. De eerste en de laatste van die vier laat ik hier verder rusten. De tweede en derde meeting vind ik voldoende de moeite waard om er uit te lichten.
“Is Wilders een fascist?” Vaste lezers van dit blog weten dat ik van mening ben van wél. De IS is die mening echter lange tijd niet toegedaan, en ook al in de tijd toen ik nog lid was, woedde die discussie, ook op een voorloper van dit weblog. Ik was daarom benieuwd hoe de analyse van Wilders er in de IS inmiddels voorstond, of de standpunten elkaar inmiddels naderden, en wat voor argumenten er gewisseld zouden worden.
Welnu, Jelle Klaas gaf een gedegen, en levendig gebrachte, inleiding over het onderwerp, met een overzichtelijke aanpak. Hij schetste eerst hoe het historische fascisme opkwam en werkte. Daarna besprak hij het gedachtengoed en de werkwijze van de PVV. Vervolgens legde hij die twee als het ware naast elkaar om de vraag uit de titel te beantwoorden.
Het fascisme, zo legde hij uit, kwam op als reactie vanuit de middenklasse op een ontwrichtende oorlog en economische crisis enerzijds, opkomend revolutionair arbeidersverzet anderzijds. Panisch geworden door een kapitalistenklasse die de kleinburgerij stukconcurreert, en een arbeidersklasse die de kapitalistische orde bedreigt, zoeken stukken van die middenklasse naar extreem-autoritaire middelen om de orde te herstellen. Mussolini in Italië bijvoorbeeld begon een krant, plus knokploegen die hij inzette tegen de georganiseerde arbeidersbeweging die direct na de Eerste Wereldoorlog bijne een revolutie wist door te zetten in dat land. Die knokploegen tegen links vormden de kiem van zijn fascisme. Na een golf van geweld hielpen de grote ondernemers hem uiteindelijk in het zadel, als wapen om de arbeidersklasse te verpletteren. Vanuit de middenklassen opgekomen werd het fascisme een wapen in handen van de grote ondernemers, niet van die middenklasse.
De dictatuur van het fascisme richtte zich niet alleen, zoals ‘gewone’ rechtse dictaturen, tegen revolutionaire arbeiders. Marxisten als Clara Zetkin onderkenden dat de héle arbeiderklasse voor fascisten de vijand was. Naast het feit dat uiteindelijk de kapitalistenklasse de fascisten in het zadel hielpen, was er een tweede factor: de zwaktes en verdeeldheid binnen links, binnen een arbeidersbeweging die de fascisten niet wist te stoppen.
Dan de PVV. Daar zien we – zo schetste Jelle Klaas – wel degelijk een aantal parallellen met het historische fascisme. Het felle racisme, het e nationalisme van de partij, de sterke leiderspositie van een autoritair politicus als Wilders, de hele reeks autoritaire voorstellen vanuit de PVV, het hinten op geweld, en op acties op straat.
Maar één ding is wezenlijk anders. Mussolini, en ook Hitler, hanteerden daadwerkelijk straatgeweld tegen links, tegen vakbonden en linkse partijen. Er was volgens hem een dynamiek “van onderaf” – een ongelukkige formulering van Jelle Klaas , naar mijn mening; hij bedoelt kennelijk: niet vanuit de staat maar vanuit groepen kleinburgers en dergelijke zelf . Maar ook daar gaan lijnen top-down, van de grote en kleine knokploegbazen verbonden met officieren en ondernemers, naar het gewelddadige tuig dat de knokploegen bemenst. De typering “van onderaf” is echt teveel eer voor zoiets wezenlijk autoritairs. Maar dat er van iets anders sprake is dan enkel het inzetten van officieel staatsgeweld op links, en dat dit relevant is om al dan niet van fascisme te spreken, dat ben ik in zijn algemeenheid wel met Jelle eens.
Welnu – en daar ligt voor Jelle Klaas de crux – de PVV is niet bezig met het opzetten van knokploegen, van het organiseren van daadwerkelijk straatgeweld. Dat betekent dat er, hoeveel verwantschap er op het ideologische vlak ook mag zijn tussen de PVV en het historische fascisme, toch geen sprake is van daadwerkelijk fascisme bij Wilders en zijn PVV. Nóg niet, “vooralsnog” niet – een woord dat Jelle in dit verband hanteerde. Want hij sloot bepaald niet uit dat het wel die kant op ging. Hij onderkende met zijn verhaal wel degelijk de dynamiek in een ríchting die de PVV tot een fascistische organisatie zou kunnen maken. Maar volgens hem was dit nu nog niet het geval.
Deze analyse – de PVV heeft a fascistoïde trekken, maar is niet daadwerkelijk fascistisch – kreeg bijval uit de zaal, maar ook kritiek. Die laatste kwam er deels op neer dat die ríchting waarin het verschijnsel zich bewoog de kern is, meer dan het feit of er al daadwerkelijk bruin- of zwarthemden aan het marcheren zijn geslagen. Zelf deel ik die kritiek. Ik heb naar voren gebracht hoe radicaal de PVV inmiddels is, dat het veel verder gaat dan een agressievere variant van VVD-politiek, dat het bijvoorbeeld niet langer juist is om de PVV economisch neoliberaal te noemen.
De PVV richt zich tegen migranten met een racisme dat verder gaat dan het ‘ze pikken onze banen , uitkeringen en woningen in’-verhaal. Moslims worden niet enkel weggezet als concurrenten op woning- en arbeidsmarkt, maar als bedreiging van de nationale eenheid, als niet-loyaal, als binnenlandse vijand. Het racisme is verbonden aan een extreem nationalisme dat we zo goed kennen van het historische fascisme. En de PVV richt zich tegen heel links, tegen alle verworvenheden van de arbeidersbeweging. Uitdrukkingen als een “linkse elite” die bestreden moet worden, “linkse hobbies” die afgeschaft moeten worden en “sharia-socialisten” die de vijand van de dag vertegenwoordigen, wijzen die kant op. Het is heel de arbeidersbeweging die onder rechts-autoritair vuur ligt vanuit de PVV.
Ik had willen ingaan op de werkwijze van de PVV, maar daarvoor ontbrak de tijd. Punten die gemaakt moeten worden zijn: de PVV werkt wel degelijkaan een massabeweging buiten parlementaire kanalen, en daarmee indirect in de richting van knokploeg-achtige toestanden. Elke uitspraak van Wilders, elk voorstel van de PVV, vergroot de afstand tussen hem en zijn club enerzijds, en de rest van de politiek anderzijds. Geen coalitievorming, geen moties die maar enige kans van slagen hebben in het parlement – maar wel aandacht trekken en mensen voor zich winnen. Hij stookt via het parlement en de media een wezenlijk buitenparlementair, impliciet antiparlementair, vuur op. Hij zit zo ver buiten de politieke mainstream dat hij in een positie komt waarin extreme tactische middelen onontkoombaar worden.
Het straatgeweld is er in georganiseerde vorm nog niet – maar het is dan ook werkelijk het énige dat ontbreekt, en de dynamiek in een richting die zulk geweld oproept, is onmiskenbaar. We hebben daarom wel degelijk te maken met ene vorm van fascisme-in-wording. Het feit dat Wilders aan het hoofd van dit fascisme-in-wording staat, dát maakt hem tot (een soort van) fascist.
Er ligt dus ene meningsverschil, maar dit dient ook niet te worden overdreven. Jelle Klaas en de IS maken het ontbreken van knokpoeggeweld vanuit de PVV tot dé reden om hem geen fascist te noemen, maar onderkennen wel de dynamiek in de richting. Ik hanteer een verwante analyse maar leg de grens anders: de dynamiek, de stootrichting, de ambitie en het streven van de PVV. dat tezamen, is voor mij beslissende reden om Wilders en zijn garde fascistisch te noemen, en niet enkel ‘fascistoide’, een typering die prominente IS-ers nue en dan wél hanteren.
Het praktisch bellang van dit meningsverschil is trouwens beperkt. Het klassieke marxistische standpunt over het fascisme – gehanteerd door de IS en eveneens door mij – omvat de erkenning van de noodzaak om tegenover het opkomend knokploeggeweld van fascisten militante tegenacties o grote schaal te zetten, om fascisten daadwerkelijk te beletten om te marcheren en bijeen te komen. Tegen Wilders en de PVV is dat niet aan de orde, zo vindt de IS en zo vindt ook ik. Dat kan snel veranderen, maar nú is het taak om een geloofwaardig links op te bouwendat de terechte woede diemensen nu in Wilders’armen drijft, te richten tegen de echte tegenstanders: de politieke en economische top, de rijken, de regering die banken redt en banen laat verdwijnen.
Ook daarin geen werkelijk meningsverschil, wat mij betreft. Maar ik blijf erbij dat het onderkennen van de PVV en Wilders als een loot aan de fascistische stamboom ons hekpt het gevaar te onderkennen, en ons makkelijker in staat zal stellen om de switch naar daadwerkelijke mobilisaties tegeh beginnende straatacties vanuit de PVV snel en adequaat door te zetten en intussen een scherpe weerbaarheid tegen de anti-democratische en arbeidersvijandige politiek van Wilders op te bouwen.
(over de meeting “Socialisme of anarchisme” snel meer in een vervolg-stuk over de zeomerschool van de IS)