SP: Steuncomité Politie?!

16 november, 2009

De Socialistische Partij (SP) maakt veel werk van haar inzet voor veiligheid op straat, en tegen beuinigingen op de politie. Hierin maakt de SP zich spreekbuis van de verlangens binnen de politie Daarmee komt zij lijnrecht tegenover het idee te staan dat de politie er is om een orde overeind te helpen houden waar de gewone mensen waar de SP voor  zegt op te komen, dag in dag uit onder lijden. Het is een stellingname die serieus en stevig links onwaardig is.

Nu lees ik weer het volgende op de site van deze partij: “Onderzoek SP: bezuinigingen en bureaucratie leiden tot onveiligheid op straat”. Dat is de kop. Agumentatie volgt: “Bijna negen van de tien politieagenten vindt dat zij onvoldoende aanwezig zijn. Dit blijkt uit het SP-onderzoek ‘de agent ana het woord’ onder ruim 10.000 politieagenten.” Verderop volgen wat cijfers: 81 procent vindt de werkdruk te hoog, 89 procent signaleert een groeiende bureaucratie, 40 procent wil eigenlijk weg bij de politie. “Dit is treurig, omdatjuist ook uit het onderzoek blijkt dat de politieagenten trots zijn op hun vak”, aldus Agnes Kant. Er stata nog meer, maar dat mag je elf leen, als je tenminste graag aan zelfkwelling doet.

Het is sowieso al vreemd om de méning van politieagenten op zichelf te verheffen tot bewijs voor het verband tussen veiligheid en aanwezigheid van de politie. Natúúrlijk vinden agenten dat ze meer collega’s nodig hebben, minder werkdruk enbetere arbeidsvoorwaarden, om die fameuze veiligheid veilig te stellen. Je zou echter vann een linkse partij verwachten dat die iets kritischer kijkt naar het zelfbeeld van de krachten van een orde en een gezag die door links doorgaans – en terecht – gewantrouwd en verafschuwd worden. De SP staat  in deze zaken waar ze niet hoort te staan: aan de verkeerde kant van de barricaden.

Hoe verkeerd, kun je afleiden uit een bericht in De Volkskrant. Daarin wordt duidelijk hoe gewelddadig ook die brave Nederlandse politie eigenlijk is, ook in vergelijkend opzicht. “In Nederland vallen relatief veel doden door politiekogels. Dat blijkt uit een vergelijking van het aantal doden en gewonden door gericht pistoolvuur van agenten in negen verschillende landen. nederland staat daarin op de derde plaats.” De eerste en tweede plek worden ingenomen door de VS en door Canada.

Oorzaken voor dee hoge score ijn onduidelijk. relatief ruime schietbevoegdheid, relatief weinig tijd voor schietoefeningen, het kan een rol spelen. maar onderzoeker Jaap Timmer zegt over het forse verschil met andere landen:  “we weten eigenlijk niet hoe het komt.” Duidelijk lijkt mij echter wel dat die veiligheid waar de SP zo hard op hamert, door dodelijke pistoolschoten niet echt wordt bevorderd.


SP over bezuinigingen politie

3 november, 2009

Minister van binnenlandse Zaken Guusje Ter Horst wil flink bezuinigen op de politie, tot een berdrag van 190 miljoen euro jaarlijks. De SP neemt daartegen stelling en heeft onderzoek gedaan naar de gevolgen van bezuinigen. “Uit de uitkomsten blijkt dat  vertrekkende collega’s niet meer worden vervangen en politiebureaus sluiten. Ook is er minder geld voor ondersteuning en materieel.” Kamerlid Ronald van Raak concludeert: “We kunnen ons geen verdere inkrimping van politie op straat permitteren.” Van Raak ziet de politie kennelijk als handhaver van one veiligheid. Ik niet. Ik zie de politie als handhaver van een orde die de onze niet is.

Wil Van Raak echt meer blauw op straat? Gisteravond was ik in Arnhem, om mee te lopen met de fakkeloptocht tegen Wilders. Er was blauw op straat, en veel ook. Agenten op het station, agenten op hoeken van de straat, politiebusjes, al ver van het verzamelpunt. Ik hoorde van iemand dat de politie op het station ook controleerde op identiteitsbewijzen, maar kennelijk weer eens alleen bij mensen die er als actievoerder uitzagen (mij lieten ze weer eens met rust. Pure discriminatie is het). Onderweg was ook her en der politie te zien, en busjes met politie.

Geen idee wat zoiets allemaal kost, maar van het bedrag kun je een flink stuk achterstandswijk in een mum van tijd tot prachtwijk omtoveren, lijkt me zo. En dit alles voor een volstrekt vreedame optocht van 200 mensen. Zelfs in termen van openbare orde – termen die de mijne niet zijn – waren twee agenten voorp en twee agenten achteraan de stoet ryuimschoots voldoende geweest.

Te weinig blauw op straat? Niets van gemerkt. Te véél blauw op straat. Maar het laat zien waar de prioriteiten van de orehandhavers en hun gezagsdragende opdrachtgevers liggen: bij hún orde, niet bij ónze veiligheid.

Moeten we dat de bezuinigingen van Ter Horst slikken? Geenszins. Zij bezuinigt, niet omdat ze kritisch staat tegenover de taak van de politie, maar omdat ze dezelfde ordehandhaving wil voor minder geld. Beuinigen op politie maakt deel uit van een algemeen bezuinigingsbeleid dat in grte lijnen de rechten en voorzieningen van ons allemaal  aantast. Dat deze specifieke bezuinigingen de politie iets zwakker maken, is geen ramp, maar niet het doel van haar beleid.

Ik heb eenvoorstel waarmee 1. geen steun verleend wordt aan de politie als zodanig, zoals de SP helaas wel doet, maar tegelijk 2. geen acceptatie van de bezuinigingen inhoudt. Het werkt als volgt:

Neem dat bedrag van 190 miljoen. Kijk hoeveel politiebanen het doorzetten van die beuiniging  zou kosten. En vervang elke politiebaan door een andere baan die wél echte veiligheid bevordert.  Bijvoorbeeld:

Wordt een vertrekkende wijkagent niet vervangen wegens bezuinigingen? Neem voor hetelfde bedrag een maatschappelijk werker in dienst. Dreigt een wijkagent worden ontslagen wegens bezuiniging? Schrap die bezuiniging, school de wijkagent om tot buurtwerker; ervaring in de buurt heeft ij of hij al. Dat geeft ondersteuning bij problemen in de buurt, dat bevordert de veiligheid.

 Bestuurders van politiebusjes? Biedt ze aan om buschauffeur te worden, en vervang geschrapte politiebusjes door stadsbussen. meer beschikbare bussen, meer personeel in het OV, minder frustraties bij reizigers, minder agressie, meer veiligheid.

Kortom: schrap het bezuinigingsbedrag, maar zet het bedrag in voor minder politie en méér inzet in collectieve voorzieningen waar we wat aan hebben. En wat kan met dit bezuinigingsbedrag, kan in principe ook met het héle politiebudget. Zet dat om in een budget voor werkelijk nuttige, sociale zaken. Beter voor de werkgelegenheid, beter voor de leefbaarheid en uiteindelijk beter voor de veiligheid. Dáár zouden socialisten zich hard voor moeten maken, want van de regering zelf zal zo’n ommezwaai niet komen. Meegaan met het idee dat de politie er is voor onze veiligheid is  meegaan met rechts, en het is verkeerd.


Vrolijke kraakdemonstratie

25 oktober, 2009

Foto024

Hoe vrolijk kan een mens op een regenachtige zaterdagmiddag worden? Zeer vrolijk. Althans, afgelopen zaterdag gold dat voor mij. Aanleiding tot deze vrolijkheid was een zeer geslaagde demonstratie vóór kraken. Tegen de duizend mensen, krakers en sympathisanten, voerden met deze betoging actie tegen het kraakverbod dat onlangs door de Tweede Kamer is aangenomen.

Heel veel hoeft er over het exacte verloop hier niet gezegd te worden. Het was een vrij lange tocht door de binnenstad, vrijwel onder gedoe met de politie zodat de volle aandacht bij de zaak zelf lag: de noodzaak en het nut van kraken, de opgewekte wil van mensen op te komen vóór het kraken, maar ook voor de alternatieve levensstijl die daar voor veel mensen mee samenhangt.

Pas tegen het einde was er een vleugje spanning, toen er opeens politiebusjes snel langsreden en agenten te paard voorbij kwamen galopperen. Plotseling stond er een ME-linie en was er een begin van een charge zichtbaar aan de flank van de actie. Ook aan de andere kant van de dmonstratie was  ME opgedoken. De aanleiding? Voor mij op dat moment onduidelijk, ik begreep naderhand dat mensen een kant op wilden waar het gezag ons niet wilde hebben.

Het politiegebeuren zag er op dat moment uit als combinatie van nervositeit en machtsvertoon. maar de spanning nam gelukkig snel af. Wat bij andere betogingen vaak gebeurt, namelijk dat veel demonstranten het opgefokte politiegedrag met eigen opgefokheid beantwoordden, dat bleef nu achterwege. Mensen bleven rustig en gingen opgewekt verder met de actie zelf, die niet zo heel lang erna op een veldje dichtbij het station werd afgesloten.

Opgewektheid typeerde de actie. Het was een stoet vol dansende en springende mensen, voor een flink deel meer een streetrave dan een ‘gewone’ demonstratie. Het strakke  groepsgewijs scanderen van leuzen – dat ik zo goed ken van acties waarin de Internationale Socialisten, die dáár goed in zijn, prominent aan deelneemt – ontbrak goeddeels, al werd af en toe wel “Idealen ontruim je niet, kraken gaat door!” geroepen – vooral hoorbaar waar mensen in groepsverband zo’n leus aanhieven. Iets méér leuzen, iets meer variatie erin, iets meer aandacht voor die kant van de actie, was welkom geweest. Zulke leuzen zijn niet alleen voor demonstranten zelf handvaten, ze maken vooral ook aan omstanders iets duidelijk. Maar het is een relatief detail.

Er was daarentegen wel een veelheid van borden en spandoeken, zo te zien vooral handgemaakt en soms erg mooi, te zien. Dat compenseerde het matige leuzen roepen. De foto’s hieronder geven een indruk. De kern van het thema werd duidelijk, vaak ook humoristisch, voor het voetlicht gebracht. Humor en vrolijkheid typeerden de sfeer sowieso. Dit zag er niet uit als een restant van een vrijwel verslagen beweging. Dit zag er uit als iets springlevends, iets met niet alleen een roemrucht en respectabel verleden van strijd, maar evenzeer met toekomst.

Het zag er ook niet uit als enkel of zelfs vooral een in zichzelf gekeerde scene. Het grimmige karakter, dat vroeger bij acties waarin krakers een grote rol speelde zo opviel, met de veelheid aan donkere kleding en eindeloze punkmuziek ontbrak vrijwel.  Ja, er was woede, en terecht. Dat bleek wel uit meegevoerde leuzen en zo. Maar het was geen woede uit plichtsbesef. Het was boosheid uit levenslust. Deze mensen hadden op een zeer aanstekelijke wijze plezier in wat ze – pardon, wat we – deden. En dat straalde de stoet dan ook uit. ja, mensen waren met zichzelf, met hun eigen ding bezig. Dat kun je ‘naar binnen gekeerd’ noemen, als je dat graag wilt. Maar het ding waar men mee bezig was, werd juist door de zo evidente lol van mensen, tegelijk gecommuniceerd naar iedereen die kon zien en/of horen. In al dat pleier was intussen steeds zichtbaar waar het om draaide: kraken heeft waarde, kraken is nodig, kraken gaat door.

Uit de muziek op de geluidwagens bleek eenzelfde soort vrolijkheid. Eerste nummer dat ik herkende toen de stoet liep: “Lust for Life”, van Iggy Pop. Dat zou zo ongeveer het motto van de demonstratie hebben kunnen zijn! Ja, een punknummer – maar ook een tamelijk bekend nummer, destijds in 1977 een hit (ik herinner me nog hoe Iggy Pop de studio zo ongeveer verbouwde tijdens een optreden in het toenmalige populaire programma Toppop…). Daarna: “Somebody to Love”, Jefferson Airplane, 1967 en een hippie-lied zonder weerga. Het werd nog gekker: “Ma Baker”, disconummer van Boney M. uit de jaren zeventig, “Tainted Love” van Soft Cell, “Le Freak” van Chic (ook weer stokoude disco), “These Boots Are Made for Walking” (Nancy Sinatra)… Allemaal nummers die je niet meteen met de kraakwereld of radicaal-links  in verband zou brengen. Maar ook allemaal nummers die veel omstanders herkend zullen hebben, en die de afstand tussen betogers en mensen erbuiten eerder kleiner dan groter zullen hebben gemaakt. En dat helpt.

Degenen die verantwoordelijk waren voor de muziekkeus hadden een groot gevoel voor ironische humor: veel van de genoemde titels zijn makkelijk op te vatten als ondeugende rebelse knipogen. These Boots Are Made for Walking (I’m gonna walk all over you)…  Ze hadden ook het inzicht om nu eens niet de smaak in het gemiddelde kraakpand of infocentrum tot uitgangspunt te maken, zoals in het verleden te vaak gebeurde op demonstraties. Die smaak is immers nogal anders dan die in de gemiddelde eensgezinswoning, en juist dat verschil via muziek benadrukken vergoot de afstand nodeloos. Maar daarvan was dus nu minder dan tevoren sprake. Verfrissend en vrolijkmakend. Zoals eigenlijk de hele actie.

Waren er geen minpunten? Zeker wel. De belangrijkste zwakte was de samenstelling van de betoging. Krakers natuurlijk, ik had ook de indruk dat er redelijk wat studenten (al dan niet zelf krakend) meededen. De kraakbeweging wás er, en ik vond het aantal van 1000 mensen heel behoorlijk (ik had enkele honderden mensen verwacht). Maar er waren zeer weinig mensen in georganiseerd verband van buiten de kraakwereld gekomen. Ik zag maar één linkse groep die georganiseerd zichtbaar actief was: een handvol mensen van de Internationale Socialisten (IS), met enkele borden en een stapel pamfletten over klimaatacties rond de top in Kopenhagen. Ik was erg blij dat de IS aanwezig was. Maar waar was Rood (SP-jongeren, zelf nog wel eens bezig met kraakacties)? Waar waaren andere uiterst-linkse groepen, Offensief, Rode Morgen, NCPN? Misschien heb ik ze over het hoofd gezien, de stoet was groot… maar ik let op zulke dingen. En waar was Dwars (GroenLinkse jongeren)? Dan heb ik het nog maar niet over zichtbare SP- en GroenLinkse aanwezigheid. OK, ik zag één iemand met een SP-tomaat en een button tegen hogere pensioenleeftijd. Maar onder georganiseerde aanwezigheid versta ik iets meer dan dat.

Ik zeg het maar eens hard. Vrijwel geheel links buiten de linksradicale, met kraken verweven, scene, heeft de krakers, en daarmee het kraken zelf, en daarmee een wezenlijk gevecht om woonrecht, in de steek gelaten. Verwijzingen naar de naar-binnen-gekeerdheid, het scene-krakter, van de kraakbeweging gaan minder dan ooit op. Ze kunnen gehanteerd worden als smoes om verstek te laten gaan, maar niet langer als serieus argument.

Alleen al het spandoek “mede mogelijk gemaakt door de kraakbeweging”,  dat vanuit de kraakbeweging al enige tijd wordt verspreid, laat juist een inzet zien van krakers om hun strijd nara buiten uit ter dragen, de relevantie ervan te laten zien. Dit spandoek hangt veelal op panden die via kraken voor sloop opf speculatie behoed zijn en inmiddels eene sociale en/ of culturele bestemming hebben gevonden. Ik vind het spandoek meesterlijk, en de verspreiding ervan heel verstandig en slim. Zoals ik eigenlijk de hele demonstratie vond getuigen van ene verstandige, slimme en vooral dus zeer vrolijke aanpak. Het is een vrolijkheid die links in de huidige moeilijke tijden zeer goed kan gebruiken.

Foto004

Foto006

Foto008

Foto010

Foto009

Foto012

Foto013

Foto015

Foto017

Foto021

Foto022

Foto026

Foto027

Foto028

Foto029

Foto030

Foto’s gemaakt door Peter Storm; gebruik ervan is prima, maar dan graag met vermelding van maker en verwijing naar dit weblog.


Dilemma opgelost, kraken gaat vóór

23 oktober, 2009

Eerder deze week schreef ik over het kraakverbod, en het doorgaand verzet ertegen. in dat verband noemde ik de demonstratie “Kraken gaat door!”, morgen in Utrecht. Toen schreef ik ook dat ik niet zeker was of ik eraan deel ging nemen. Er is immers op dezelfde dag ook een mars tegen klimaatverandering. Dilemma dus. Maar ik ben er uit. Ik ga naar de kraakdemonstratie.

Ja, het door mensenhanden catastrofaal veranderende klimaat is met gemak het meest dreigende probleem dat de mensheid bedreigt. Ja, actie op straat daartegen is noodzakelijk, de de klimaatmars verdient op zichzelf steun. En in de aanloop naar de top in Kopenhagen, waar ook grootschalige actie verwacht wordt, is de timing ook goed.

Toch ga ik, om een handvol redenen, naar de kraakdemonstratie.  Allereerst heb ik zoiets van “wie A zegt moet ook B zeggen”. Ik heb het kraakverbod herhaaldelijk gehekeld, de noodzaak van verzet beklemtoond, en er op gewezen dat juist solidariteit van buiten de kraakbeweging zelf belangrijk is. Welnu: ik ben zelf geen kraker, maar wel solidair. Ik hoor mijn eigen advies dus op te volgen, dus ik ga erheen.

Maar er zijn belangrijker redenen dan mijn eigen behoefte om consistent te zijn. De actie – de hele strijd tegen een kraakverbod – is van groot gewicht voor de opbouw van links verzet, vér buiten de kraakbeweging zelf. 

Het gaat sowieso om een wezenlijk recht: het recht op een dak boven je hoofd. Kraken betekent niet alleen huisvesting voor krakers zelf. Het betekent ook dat bezitters van panden rekening houden met de dreiging van kraken. Het maakt leegstand voor hen riskant, en dat betekent dat ze zich enigszins in moeten houden met eindeloos speculeren. De kans op kraak motiveert eigenaars ook om andere woningzoekenden goedkope woonruimte te bieden: zonder kraak geen antikraak. Als kraken effectief verboden wordt, komen niet alleen  krakers op straat, maar dan is ook de kans op woonruimte op anti-kraakbasis vrijwel verkeken. Een kraakverbod betekent meer woningnood. Het betekent dat slachtoffers van gedwongen huisverkoop, bijvoorbeeld dat gezin dat na DSB-narigheid in Breda via de kraakbeweging aan woonruimte kwam, nog minder kansen op huisversting krijgen.

Dat verbod mag er dus niet komen. De Tweede Kamer  heeft weliswaar ja gezegd, maar de Eerste Kamer nog niet. De strijd is dus niet beslist. Maar hij moet dan wel per direct met alle kracht gevoerd worden. Een soortgelijke nu-of-nooit factor is er met het klimaat veel minder, dat is op een heel ándere manier urgent. De strijd tegen klimaatverandering staat of valt niet met wat er tussen nu en een handvol weken gebeurt. De kraakstrijd mogelijk wél. Volgens mij betekent dat: naar die demonstratie morgen!

Er is meer. Kraken is niet alleen vechten voor een woning. Er is zoiets als een kraakbeweging. Daarbinnen zijn mensen actief die veel verder kijken, die zich inzetten voor een fundamenteel andere wereld. Vandaaruit zijn allerlei verwante initiatieven: weggeefwinkels, infocentra, ook podia voor kritische en alternatieve kunst. De politieke inslag van dit alles is veelal anarchistisch, en dat is in dit ordelievende landje eerder een pluspunt dan iets negatiefs. Maar wezenlijker dan die identiteit is het feit dat dit alles een soort van infrastructuur van radicaal-links activisme biedt. En dat gaat veel breder dan het anarchisme van veel krakers. Zonder kraakpanden en voormalige kraakpanden ook geen centra als ACU in Utrecht en (tot voor kort ) Hotel Bosch in Arnhem, noem het allemaal maar op. Valt dit weg, dan wordt héél links strategisch verzwakt, dan worden plekken vanwaaruit we onze acties kunnen organiseren weer schaarser, en duurder. Wie aan het kraken komt, die komt aan de speelruimte voor kritiek en verzet. En dat gaat héél links aan.

Dat betekent niet dat links kritiekloos meedoet met alles wat in krakerskringen wordt bedacht en gedaan. Het betekent  kritisch meedoen, niet klakkeloos meelopen. Zo is de gerichtheid van grote stukken kraakbeweging op de scene als bijna een eigen wereldje niet erg productief. En ook is de anarchistische politiek -  hoe welkom ook als tegenwicht tegen het oprukkend autoritarisme in dit land – bepaald niet probleemloos. En juist het feit dat het een politieke verzetsvorm in de marge van de maatschappij is maakt de beweging kwetsbaar.

Hoe kwetsbaar blijkt uit de houding van bestuurders en politie tegen kraak-gerelateerd activisme. Zo krijgen de organisatoren van de demonstratie van morgen ook allerlei beperkende eisen voorgelegd over de route. Daar zouden de autoriteiten minder makkelijk mee wegkomen als er bredere steun, groter draagvlak, rond deze demonstratie stond. En voor dat bredere draagvlak moeten krakers, maar juist ook niet-krakers uit de volle breedte van links, maar eens helpen zorgen, vind ik. Het gaat hier ook nog eens om ons demonstratierecht.

Maar het feit dat een deel van de kraakbeweging vooor deze marginale plek kiezen, maakt het des te urgenter voor andere delen van links om die marginaliteit te doorbreken – niet door met het vingertje naar die marginale krakers te wijzen, maar door zij aan zij met krakers aan acties deel te nemen. Dat laat in de praktijk zien wat er nodig is: een combinatie van breed en tegelijk radicaal verzet, voor het woonrecht van ons allemaal én voor een fundamenteel andere wereld. Daarom: kraken gaat niet alleen dóór. Morgen gaat kraken vóór.

Demonstratie “Kraken gaat door!”, Morgen, Utrecht, verzamelen 12.00 uur Mariaplaats, en dan 5 kilomoter strijdbaar lopen door de stad.


Kraken: op naar de volgende verzetsronde

19 oktober, 2009

De Tweede Kamer heeft vorige week het kraakverbod  aangenomen, dankzij de steun van de PVV die in ruil hiervoor zwaardere straffen voor kraken en aanverwanten in het wetsvoorstel terugzag. Tijdens en direct na de steemming was er levendig, vrolijk en uiteindelijk grimmig protest van enkele honderden krakers. Zij hadden een tentenkamp op het Plein in Den Haag opgezet. ’s Avonds hielden ze een sit-in bij het Binnenhof. hardhandig politieoptreden maakte later aan die actie een einde. De politie arresteerde tegen de 100 actievoerders. Die zijn inmiddels allemaal weer vrij, lees ik op Indymedia. Merijn de Boer maakte een mooi verslag, te vinden op de website van de Internationale Socialisten (IS) (1).

Wat mij opviel is de opgewekte zelfbewuste houding van kraakactivisten, op het Plein en sowieso de laatste tijd. Het oogt niet als een beweging die op haar laatste benen loopt. Het ziet er veel meer uit als een beweging die, onder druk van het kraakverbod, een nieuw elan aan het hervinden is. De leus “Kraken gaat door!” is geen slag in de lucht, maar een helder uitgesproken, realistische ambitie.

Dat zal komende zaterdag hopelijk ook duidelijk blijken op de demonstratie die dan in Utrecht plaatsvindt onder de leus, jawel: “Kraken gaat door!”. De bedoeling is, aldus de poster, een “kleurrijke optocht tegen kraken”. Deze actie biedt een prachtige gelegenheid voor krakers, maar voral ook voor niet-krakende sympathisanten, om de druk tegen het kraakverbod op te helpen bouwen als ook om komende kraakacties bij voorbaat een hart onder de riem te steken (2).

Hoe relevant kraken is, juist in een tijd dat mensen makkelijk in geldproblemen raken, blijkt uit een kraakactie in Breda die vandaag in de publiciteit kwam. Het gaat om een gezin dat in financiële nood raakte omdat ze een te dure hypotheek plus koopsompolis van de DSB hadden gekocht. Schulden, huis ver onder de prijs verkocht, drama. gelukkig konden ze praktische steun vinden. “De Bredase kraakbeweging heeft zondag in de Bredase Meerten Verhoffstraat een woning gekraakt voor een gezin dat onder meer door een dure DSB-hypotheek op straat was beland.”

Een hele goede zaak – zowel voor dit gezin dat concreet geholpen is, als voor de kraakbeweging zelf die laat zien dat ze zich open opstelt, naar buiten kijkt en een rol speelt in bredere behartiging van belangen van mensen inn nood. Kraken als voorhoedestrijd? Daar mogen zowel anarchisten als leninisten eens lekker over na gaan denken :-) .

(1). In mijn vorige stuk schreef ik dat “de rest van links het weer eens grotendeels liet afweten”waar het ging om een campagne tegen het kraakverbod. Ik noemde daarbij “niet alleen parlementair maar ook grote delen van revolutionair links.” Een dag na mijn stuk was er gelukkig het al genoemde stuk op de site van de IS – en ee reactie op mijn stuk van de hand van Sieb. Die wees mij op het IS-stuk (dat ik inmiddels had gezien), en voegde er aan toe: ‘nog wel voorpagina nieuws” (élk nieuwe stuk staat op zo’n site even op de voorpagina, haha). Iets serieuzer: mijn kriteik was niet dat er niet nu en dan over  kraken en kraakverbod geschreven werd door bijvoorbeeld de IS. Mijn punt was dat linkse groepen buiten de kraakbeweging zelf heel weinig merkbare inzet vertonen als het om activiteiten rond kraken, een campagne tegen het kraakverbod bijvoorbeeld, gaat. Dat punt hou ik overeind, hoe mooi en welkom ik het artikel van Merijn de Boer ook vindt.

(2). Ik weet zelf nog niet of ik aan deze demonstratie deelneem. Op dezelfde dag is er namelijk ook een optocht tegen klimaatsverandering, en die vind ik ook belangrijk (gevonden via de IS-site). Op twee plaatsen tegelijk actievoeren gaat me niet lukken. Dilemma dus.


Verbod of niet, kraken gaat door

15 oktober, 2009

Vanavond stemt de Tweede kamer over een wetsvoorstel dat het kraken van woningen strafbaar stelt. Het zit er helaas in dat dit wetsvoorstel een meerderheid behaalt. Vast staat evengoed dat het kraakverbod geen einde aan het kraken van woningen zal maken. Dat wordt er moeilijker door, maar ‘Kraken gaat door!’ Dat is maar goed ook.

Het kraakverbod is om twee redenen kwalijk. Het verbod is een aantasting op het woonrecht, dat wat mij betreft boven het  bezitsrecht (en dus speculatierecht) dient te staan. Er is woningnood. Arme mensen, vooral ook jonge mensen, kunnen niet wonen waar ze willen. Er zijn domweg niet voldoende betaalbare woningen in veel steden. Veel voorheen betaalbare huurwoningen worden omgevormd tot veel duurdere appartementen die je eventueel kuhnt kopen maar niet meer huren. Daar bovenop komt dan nog leegstand van panden om ze later met winst te verkopen: speculatie. Woningnood enerzijds, leegstand en specualtie anderzijds, ziedaar de kern. Daarom gaan mensen kraken, en gelijk hebben ze.

Pas in een maatschappij waarin goede huisvesting voor iedereen gegarandeerd is, mag je van mensen verwachten dat ze zich aan wachtlijsten en democratisch geregelde toewijzing gaan houden. In een maatschappij waar die toewijzing alleen mensen met lage inkomens betreft, kan die hel procedure al niet erg democratisch genoemd worden. Rijke mensen kunne huren en kopen waar ze willen, arme mensen niet: ongelijke behandeling dus. Het respect voor toewijzing, wachtlijsten en de bijbehorende procedures is daarom misplaatst. Kraken is een vorm van voor je woonrecht opkomen, en het is een goede vorm. Het verbieden ervan maaktde strijd voor woonrechten weer iets moeilijke, en het maakt Nederland weer iets meer tot een autoritair en asociaal bestuurd land.

Het kraakverbod komt er bovendien op een manier die extra kwalijk is. Aanvankelijk leek er geen parlementaire meerderheid voor te zijn. Maar daar is iets op gevonden: de PVV van Wilders heeft zich bij de verbieders aangesloten. Daarvoor heeft de PVV echter een prijs gevraagd, en gekregen: een hogere strafmaat voor het kraken. Niet alleen versterkt dit de autoritaire trend die in het kraakverbod zichtbaar wordt nog verder. Het geeft de PVV en haar fascistische voorkeuren ook extra gewicht, extra erkenning,  in het politieke bestel.

Er is flinke weerstand tegen het kraakverbod. Naar mijn mening hebben krakers zelf een serieuze en goede campagne gevoerd om het verbod kritisch onder de aandacht te brengen. De klassieke neiging om ich daarbij vooral tot de eigen doelgroep en netwerken – kraakpanden, autonome infocenta, weggeefwinkels etcetera – te richten was weliswaar onmiskenbaar. Maar krakers en sympathisanten hebben meer gedaan dan dat. Het tentenkamp dat zij momenteel op het Plein in Den Haag hebben opgezet om tot op het laatste moment tegen het dreigende verbod te protsteren, is daarvan een voorbeeld. Seervolle foto’s ervan zijn op Indymedia te zien.

Dat de campagne niet veel breder is opgezet is bovendien in hoge mate een gevolg van het feit dat de rest van links het weer eens grotendeels liet afweten. De neiging van niet alleen parlementair maar ook grote delen van revolutionair links om alles wat naar autonome scene en anarchistische politiek ruikt verregaand te negeren is hier weer eens  sterk voelbaar, en dat is tragisch. Wie vindt dat de verdediging van kraakrechten breder getrokken moet worden dan krakers zelf veelal doen, zou daar dan zelf best een goed voorbeeld in mogen geven.

Dat een kraakverbod vér buiten radicaal links op kritiek stuit, soms uit zeer onverwachte hoek, maakt het gemis aan brede campagne des te triester. De mogelijkheid ligt er namelijk wel degelijk. Een voorbeeld van een niet voor de hand liggende hoek vanwaaruit kritiek komt: Monumentenzorg! Krakers zijn namelijk zuiniger op gebouwen dan speculanten, dat hebben ze daar in de gaten. Zij moeten er immers wonen, speculanten niet. Soms laat een speculant een gebouw moedwillig verloederen, om krakers te weren.  “In Groningen werd ooit op last van de gemeente de vloer van het Wolters-Noordhoff-complex gesloopt om het krakers moeilijk te maken. dat zouden krakers nooit doen. Die willen een mooie vloer.” Ergens bij Monumentenzorg leeft duidelijk het besef dat er hogere waarden zijn dan het heilige bezitsrecht, en dat krakers – als gebruikers – dat beter door hebben dan spculanten aan kraaktreiterende gezagsdragers.

Als het kraakverbod er komt, is dat een slag in het gezicht, voor krakers, voor woningzoekenden, voor een ieder die sociale rechten hoger stelt dan bezitsrechten. Zo’n kraakverbod helpt speculanten om zich druk van het lijf te halen. Het is een asociale wet.

Maar het zal kraken niet stoppen. Juist in wat er over is van de kraakbeweging leeft het idee dat je rechten wint door e gewoon uit te oefenen – ongeacht de wet – sterk. Dat is een kracht, een pluspunt in deze beweging . Het is zaak dat krakers in de komende verdediging van met ontruiming bedreigde panden actieve steun krijgen uit veel bredere groepen dan we de laatste 15 jaar gezien hebben. Verbod of geen verbod, kraken gaat door.


De SP en de Algemene Beschouwingen

19 september, 2009

Een onderwerp dat ik in mijn vorige stuk over de Algemene Beschouwingen goeddeels heb laten rusten, is de opstelling van de Socialistische Partij in de debattten. Die opstelling viel opzichzelf niet tegen. Maar de keus van Agnes Kant om een motie van wantrouwen van rechts tegen het kabinet te steunen, vond ik onjuist en erg riskant.

Agnes Kant hamerde in haar bijdrage keer op keer op de verschraling van de publieke sector vanwege de vermarkting, het doordrukken van marktwerking in allerlei sectoren, openbaar vervoer, zorg, noem maar op. Ze verweet het kabinet om – ondanks de crisis de voortkomt uit doorgedreven marktwerking nen hebzucht-boven-alles – stug door te gaan met de huidige koers. Ze pleitte hardnekkig voor keuzes op de publieke sector weer echt publiek te maken, en de markt daaruit weg te werken.

Ze pleitte voor een paar eerste concrete eerste stappen. Eén zo’n stap is het in staatshanden nemen van vervoersbedrijf Connexion om het om te bouwen tot een Nederlandse Busmtaas tschappij. “Het is mooi geweest met het mislukte experiment met marktwerking in het busvervoer.” Een andere eerste stap: “We stoppen met de marktwerking in de thuiszorg.” Daarvoor heeft de SP een eigen wetsvoorstel ingediend.

Natuurlijk nam ze ook fel stelling tegen het plan om de AOW-leefijd tot 67 jaar te verhogen.  Dat plan noemde ze “ongewenst: Als je 65 bent is het mooi geweest (…) Een beschaafd lant gunt ouderen hun welverdiende rust.” Ze noemde het plam ook “onzinnig” en “onnodig: de AOW is helemaal niet onbetaalbaar.” Allemaal ware en nuttige woorden, en op de fronten van strijd tegen marktwerking en tege slechtere sociale zekerheid levert de SP nog steeds nuttig werk.

Ook deed Kant in haar bijdrage een nadrukkelijke oproep om de oorlogsmissie in Afghanistan stop te zetten, en zelf een stap te zetten: “Haal de Nederlandse troepen terug!” Ook dat is een goede zaak. In de debatten die volgden was ze bovendien vrij hard tegen Wilders, en ook dat  was niet bepaald verkeerd.

Minder blij ben ik met de inzet voor de politie waar de SP de laatste tijd zo’n stevig nummer van maakt. Jazeker, “meer blauw op straat” klinkt goed, in oren van mensen die een op zichzelf niet onredelijke zorg hebben over veiligheid en criminaliteit. Maar een redelijke bezorgdheid verdient ook een redelijk antwoord: meer politie dient niet de veiligheid, maar eerder de orde. En juist degenen die vechten voor een anders, socialer soort orde, komen keer op keer de politie tegen: met dwangbevelen, met boetes, met helmen en wapenstok. Links dient de politie niet te behandelen als  zomaar een groep arbeiders wiens sociale eisen gesteund dienen twe worden. Links hoort de politie  te zien voor wat ze in feite is: de knokploeg van het kapitaal, heel ouderwets gezegd. Dat daarmee niet het laatste woord over op zichzelf terechte zorgen rond veiligheid en criminaliteit gezegd is, mag duidelijk zijn. De drie-hoeraatjes-voor-onze-dienders houding waar de SP de laatste tijd zoveel uiting aan geeft, bevalt me niets.

Echt verkeerd ging het met de vertaling van de SP-opstelling in stemgedrag. De PVV van Wilders had meteen woensdag al een motie van wantrouwen aangekondigd;  de VVD volgde in de loop van donderdag. De SP steunde uiteindelijk de motie van wantrouwen.

Directe aanleiding was de lompe en botte houding van Balkenende over vragen die Agnes Kant aanhoudend stelde over bezuinigingen op zorg en dergelijke. “Ja, de plaat blijft een beetje hangen”, voegde de premier Kant vinnig toe. Dat was de druppel. Maar de hele houding van de premier die alle kritiek afwimpelde had al kwaad bloed gezet bij haar.

Uiteindelijk steunde ook Agnes Kant de motie van de VVD. Ze zei: “de opstelling van de premier is een premier onwaardig. Hij gaat vragen uit de weg, toont geen visie en zijn aanpak mist iedere mate van daadkracht. Ik kan daarom na vandaag niemand meer uitleggen waarom de SP vertrouwen hebben in dit kabinet.”  

Wat moeten we daar nu van denken? Natuurlijk toont het kabinet wèl visie: een visie waarin bezuinigen centraal staan, maar nog even worden uitgesteld om om de zaken niet erger te maken als heze al zijn. Het is, in de woorden van Maina van der Zwan, “dezelfde als de voorgaande kabinetten: een maatschappij waarin winst voor de top boven alles gaat.” De kritiek op de visieloosheid van het kabinet is wat mij betreft net zo min erg terzake als de kritiek op het ontbrekend leiderschap van Balkenende, waarik woensdag over schreef. 

En ik mag toch hopen dat vóór gisteren de SP toch óók al geen vertrouwen meer had in het kabinet? Dat bleek uit het eerdere betoog van Kant, maar ook uit de hele opstelling van de SP tegen dit kabinet: oppositie voeren, niet als tijd stevig genoeg, maar toch. Van vertrouwen was geen spreke, de SP hoort niet bij de meerderheid waaraan de regering haar steun ontleent. Van vertrouwen in reële zin was aldoor al geen sprake. Het idee dat pas gisteren een eind aan dat vertrouwen kwam, zoals Kant impliceert, lijkt me absurd.

Wat een motie van wantrouwen doet is feitelijk: de regering manen tot vertrek. Door zo’n motie niet te steunen, spreek je geen inhoudelijk vertrouwen uit, maar je erkent er simpelweg het feit mee dat dee regering nu eenmaal over een Kamermeerderheid beschikt en dus, in parlementaire termen, legitiem regeert. Een motie van wantrouwen die een Kamermeerderheid achter zich krijgt, laat zien dat de regering die Kamermeerderheid niet meer heeft. Voor een motie van wantrouwen stemmen betekent: zeggen dat de regering moet opstappen.

Nu vind ik in principe dat elke kapitalistische regering dient op te stappen, liever vandaag dan morgen. Maar niet elke soort van opstappen is op elk moment onder alle omstandigheden een stap vooruit. De motie van de VVD worteld in de réchtse kritiek die deze partij op het kabinet heeft: het kabinet is te slap en stelt hoognodige bezuinigen uit. Het kabinet is niet rechts genoeg, dát is de kritiek. De PVV-motie is uiteraard  ook een aanval van rechts.

Agnes Kant onderkende wel het verschil tussen haar houding en die van de VVD. “De SP maakt heel andere keuzes dan het kabinet, maar ook dan de VVD”, zei ze in een toelichting op haar steun aan de VVD-motie. Punt is en blijft dat ze, hoezeer ze in woorden zich ook onderscheidt van de VVD, ze een initiatief van die partij steunt. Een succes van die motie zou het kabinet ten val hebben gebracht, ten gunste van réchts. Het had de deuren geopend voor een verkiezingscampagne waarbij VVD en PVV – in toenemende mate zij aan zij, met Hans Wiegel als bruggenbouwer tussen die twee – frontaal in de aanval zouden kunnen gaan. Het wegsturen van het kabinet, op inititatief van rechtse en uiterst rechts, verdient van een linkse partij op dit moment dan ook geen enkele steun.

Uit een reconstructie in de Volkskrant blijkt – gelukkig! – dat het steunen van een motie van wantrouwen binnen de SP ook omstreden was. “Bij de socialisten waren ze flink verontwaardigd  over ‘de minachting’ voor de kamer van ‘deze norse’ premier. Maar  een motie van wantrouwen steunen van de VVD nota bene, was niet vanzelfsprekend. De liberalen wilden immers het kabinet naar huis sturen omdat er te laat en te weinig werd bezuinigd. Niet een standpunt van de SP-fractie. De voorstanders binnen de SP deden dat argument van hun twijfelende collega’s af als ‘Haags geneuzel’.” Soms is Haags geneuzel écht Haags geneuzel. maar hier werd ‘Haags geneuzel’ als scheldwoord gebruikt tegen mensen die zich nog enigszins linkse tactieken en strategische keuzes weten te herinneren: géén steun aan agressief rechts, ook niet tegen een vijandig kabinet. Onder de twijfelende collega’s bevond zich trouwens een zekere Jan Marijnissen, die zich “op de vlakte (hield)”.

We mogen hopen dat de SP haar talloze zinnige en woorden in de Algemene Beschouwingen, combineert met daden, en omzet in actie. We moen eveneens hopen dat de neiging tot het spelen van doodenge parlementaire spelletjes binnen de SP voldoende omstreden is om ervoor te zorgen dat zoiets niet weer gebeurt. Maar ergens op rekenen wat dit betreft? Dat zou getuigen van grote, onverantwoordelijke naïviteit.


Nogmaals Hoek van Holland

24 augustus, 2009

Over het grove geweld afgelopen weekend bij Hoek van Holland is bepaald het laatste woord nog niet gezegd. Hoe meer ik er over lees, hoe vaster mijn conclusie wordt. Hoe akelig het gedrag van een deel van de feestgangers ook geweest mag zijn, hoofdverantwoordelijke voor de bloedige chaos zijn allereerst de polite en degen die de politie van instructies hebben voorzien.

Wat afgelopen nacht, toen ik mijn vorige stuk erover schreef, duidelijk léék te zijn, was het volgende: nadat er vechtpartijen waren uitgebroken op het feest, en ook schoten waren gehoord, greep de politie in en vuurde waarschuwingsschoten af. Mogelijk vuurden agenten ook gericht. Eén van de gewonden was slachtoffer van een politiekogel; voor de andere gewonden, en voor de dode 19-jarige jongen, stond dat niet vast.

Inmiddels weten we iets meer. Uit politiekringen komt het bericht dat alle kogels door de politie zijn afgevuurd. Justitie houdt echter nog staande dat er eerst door anderen zou zijn geschoten. Een vuurwapen is op het strand en de duinen ernaast echter nog niet gevonden.

Er is ook veel dat erop wijst dat de schutters die rug aan rug op mensen vuurden, geen feestgangers waren, geen hooligans, maar agenten in burger die zich bedreigd gevoeld zouden hebben nadat ze als zodanig waren herkend. Een commentaar bij een AD-artikel verklaart die herkenning: het voetbalteam van de politie was ingezet, sommige hooligans hebben eerder met deze agenten te maken gehad, hetgeen de kans op zo’n herkenning vergroot.

Een ooggetuige die dit schietincident met – kennelijk – vier agenten in burger, beschrijft, hoe de mannen moesten vluchten, en hoe vervolgens… politie een soort van charge probeerde uit de voeren.  Je kunt op je vingers natellen wat er gebeurde: “De opgeroepen politie kwam met 40 man met wapenstokken het strand op maar gauw gingen de jongeren de paniek afreageren op de politie.” Wie bedénkt zoiets?! Enkele tientallen agenten met wapenstok op een opgefokte menigte afsturen waar even eerder op geschoten is? Op een strand waar duizenden mensen, deels  aangeschoten maar in sommige gevallen ook zowat néérgeschoten, rondhangen? Zulk optreden lijkt wel bedácht om de zaak nog verder te laten escaleren.

Opvallend, en nogal verdacht, is ook het geringe aantal arrestaties: drie, voor lichte overtredingen, voordat de zaak echt was dolgedraaid. Talloze mensen hadden iets gezien, als er echt door bezoekers  zo geschoten zou zijn, waarom is er dan geen schutter aagehouden door aanwezige agenten in burger? Justitie verklaart dat aldus: ” ‘Dat was moeilijk’, aldus een woordvoerder van het OM, ‘omdat het erg donker was.’” Ook nadat zich tientallen getuigen hadden gemeld, volgden geen arrestaties.” Prachtig, nietwaar? Het is te donker om mensen aan te houden. Maar het is niet te donker om op mensen te schieten en het risico van dodelijke kogels te nemen. Vreemde prioriteiten vind ik  het. Tenzij de politie natuurlijk inderdaad al wist dat er, buiten de politie zelf, geen schutters te arresteren waren omdat de politie inderdáád als enige geschoten had.

Ik weet het: er is nog teveel onduidelijk om heel veel zeker te weten. En ja, de organisatie gaat zelf ook niet vrijuit. Waarom bijvoorbeeld wél hekken bij een feest dat gratis was – en dan níét foulleren omdat dit zinloos zou zijn aangezien mensen toch wel spullen door de hekken heen zouden gooien

Enige controle was er volgens bezoekers aan het feest trouwens wel: “Er werd niet gefouilleerd, maar wel in tassen gekeken. Daardoor ontstond er en rij en moet st je al gauw een uur wachten om binnen re komen”, aldus een bezoeker in een NRC-stuk. Zoiets is ook niet echt een goede manier om een relaxede atmosfeer te krijgen. En wat mocht er dan niet naar binnen? “Mijn deodorant werd ingenomen. Wapens kon je kennelijk ongestraft meegenomen, deodorant niet. En ook geen drank, want ze moeten natuurlijk wel verdienen aan zo’n feest, hé?”, vertelt iemand erbij.

En natuurlijk rechtvaardigt niets het agressieve gedrag dat een deel van de feestvierders ongetwijfeld vertoonden, ruim voordat de politie de aanval opende. Maar mijn indruk dat de politie met haar optreden - roekeloosheid gecombineerd met machtsvertoon – zeer heeft bijgedragen aan de verschrikkingen op dat strand, wordt wel steeds sterker.


Hoek van Holland: tragische gebeurtenissen, trieste reacties

24 augustus, 2009

Trieste taferelen daar op het strand van Hoek van Holland, met een tragische afloop: één dode en zeker vijf gewonden. Treurig is ook de reactie van veel politici die in de rellen op het strand een buitenkans bespeuren om een hard optreden te eisen en voor de heilige gezagsdragers van de politie op te komen.

Wat is er gebeurd? Het valt niet mee om een beeld te krijgen van de chaos die er moet hebben geheerst. Er was een strandfeest, Sunset Grooves, georganiseerd namens Vernonica door evenementenbureau Tridee. Daar kwamen vele duizenden mensen op af, vermoedelijk meer dan de 15.000  waarvoor vergunning was aangevraagd. De politie kwam erachter dat er ook 70 tot 80 voetbalhooligans op het feeest af zouden komen, en zette naast sowieso aanwezige agenten haar voetbalteam in.

Rond middernacht was sprake van  een “grimmige sfeer”, met “vechtpartijen”, aldus berichtgeving in de Volkskrant; er werden ook schoten afgevuurd. Onduidelijk is hoe dat ging, wat de aanleiding was. Alcohol zal een rol hebben gespeeld; de rol van de voetbalhooligans is volstrekt onduidelijk, en het is niet aannemelijk dat louter, of zelfs vooral, hun aanwezigheid de zaak uit de hand liet lopen. Daarvoor was de feestende menigte te groot en het aantal hooligans relatief veel te klein. Bovendien is het scanderen van “Rotterdam Hooligans” echt nog iets anders dan het schieten met vuurwapens.

Dat schieten zelf, was dat louter bij wijze van vuurwerk, schoten afvuren in de lucht? Het NOS-journaal wekte die indruk, maar de Volkskrant zegt: “meerdere getuigen meldden dat twee schutters midden op het feestterein ‘rug  tegen rug’ gericht vuurden op bezoekers en politie.” Wie? Waarom? Onduidelijk, vooralsnog. Griezelig is het wel.

De politie maakte vervolgens een einde aan het feest en ontruimde het terrein. Daarbij vuurden agenten tal van waarschuwingsschoten af, en dat vind ik opvallend. De aanleiding was dat een deel van de menigte zich tegen de politie keerde, en dat de politie zich kennelijk bedreigd voelde. Ik vind de reactie van dat deel van de menigte niet zo vreemd. Je bent met veel, je hebt flink wat op, de sfeer is al verhit, en daar komt een flinke groep dienders jou vertellen dat je moet maken dat je wegkomt…

Dat de politie bij zoiets niets anders weet te bedenken dan schieten, is tekenend. Ook de rest van het politieoptreden klonk niet als een poging om snel echte rust te herwinnen, maar als tamelijk lomp machtsvertoon met ook nog eens te weinig middelen. Er waren enkele tientallen agenten, waaronder ook politie te paard. Ik zie het tafereel voor me: een donker strand (de moeilijkheden begonnen laat in de avond), een grote, niet bepaald nuchtere, mensenmassa, en politieagenten die te paard daar ordehandhaver proberen te zijn. Rennende paarden met agenten erop, dat draagt alleen maar bij aan stress en paniek. Sommige mensen worden dan bang. Andere mensen worden dan boos. Als er nog geen chaos was, dan zou die er alsnog zijn gekomen. En ja, dan gaan mensen inderdaad de politie te lijf, met de nogal aanwezige wapens. Nee, dat is niet netjes. Maar het is ook niet echt vreemd.

Dan de waarschuwingsschoten. Minstens één van de gewonden is door een politiekogel geraakt. Van de andere gewonden wordt dat niet uitgesloten, en van het dodelijke slachtoffer, een negentienjarige jongen, al evenmin. Ik dacht dat waarschuwingsschoten in de lucht werden afgevuurd. Of konden de feestvierders misschien vliegen, net zoals zoveel Palestijnse kinderen die door Israëlische soldaten die in de lucht schoten desondanks dodelijk werden geraakt?

Nee, ik zeg niet dat politieagenten moedwillig een jongen hebben doodgeschoten en vijf anderen hebben verwond. Ik zeg wel dat het politieoptreden nogal lomp op me overkwam, en dat het  zo was opgezet en uitgevoerd dat het risico op zwaargewonden en doden zeer reeël was. Het handhaven van hun orde kreeg voorrang boven het in veiligheid brengen van mensen en het herstellen van een situatie waarin mensen geen gevaar meer liepen. Dat is althans mijn indruk.

Inmiddels is er een groot onderzoek gestart. Ik ben benieuwd wat daar uitkomt. En intussen is uit de mond van politici al een gebrul van verontwaardiging opgestegen, keurig samengevat door Nu.nl. Het grote schandaal voor die politici is niet dat er een dode is gevallen, en vijf zwaargewonden, op iets dat een feest had moeten wezen. Nee, het grote schandaal was dat mensen de politie te lijf gingen.

Natuurlijk, van een VVD-er als Laetitia Griffith verwachten we zoiets. “Vreselijk en heel zorgelijk” vond zij het, “vooral voor de agenten die de orde moesten handhaven.” Nieuwsflits voor Griffith: de agenten zijn springlevend en gezonnd van het terrein weggekomen. Een jongen van 19 dus níét. Is de stress van agenten werkelijk érger dan de dood van een tiener en het verdriet van de nabestaanden?

Griffith zei ook nog: “Gericht schieten doen ze niet zomaar, daar is de politie heel zorgvuldig in.” Over die ‘zorgvuldigheid’ zal het lopende onderzoek hopelijk iets meer  vertellen, al verwacht ik bepaald geen wonder van openheid. Maar dat geríchte schieten, dat klinkt toch anders dan de waarschuwingsschoten waar de berichtgeving het vooral over had. Ook daar wil ik graag meer van weten, want scherpschutterij als relbestrijding heb ik zelfs in Straatsburg tijdens de acties tegen de NAVO-top niet meegemaakt. Justitie houdt intussen de mogelijkheid open dat agenten gericht geschoten hebben.

Het CDA reageerde, bij monde van kamerlid Cokun Cörüz, soortgelijk als de VVD: “onacceptabel”, was het aanvallen van agenten. “De agenten zijn de hoeders van onze rechtsstaat.” Ach ja, vanuit het CDA en de VVD verwacht je weinig anders. Dat hun rechtsstaat de meerderheid van de bevolking steeds minder zegt, dat het bepaald niet ónze rechtsstaat is – dat inzicht is aan hen niet besteed.

Maar ook de SP tapt uit dit autoritaire vaatje, en dat is wèl erg stuitend. Ronald van Raak, SP-Kamerlid: “wie relt tegen de politie, relt tegen de samenleving. Dat kán niet.” Hij eist strengere en ook snellere straffen. Het is tenenkrommend om te lezen; een béétje socialist snapt – zou je toch denken? – wat veel hooligans in ieder geval intuïtief wèl door hebben: de politie verdedigt een gevestigde órde, desnoods tegen flinke delen van de maatschappij in.

Delen van die maatschappij die verandering eisen, treffen de politie keer op keer tegenóver zich aan. De krakers die grootschalig relden tegen de politie in de jaren tachtig, relden vóór de maatschappij, niet ertegen. Een béétje socialist stond en staat samen met die opstandige delen, tegenover het gevestigde , al dan niet geüniformeerde, gezag.

Die anti-autoritaire erfenis is bij grote delen van links vergeten, ondergesneeuwd. Bij de SP is dat weer eens heel schrijnend zichtbaar geworden. Zelfs als de menigten die zich op dat strand van Hoek van Holland  tegen de politie keerden  - zónder enig werkelijk positief doel, voorzover ik kan nagaan – geen speciale sympathie van links verdienen, dan nóg is het misplaatst om de politie zo ongeveer heilig te verklaren en de onaantastbaarheid van het gezag van de daken te schreeuwen.


Rijke gevangenen willen comfort

28 juli, 2009

Gevangenissen zijn akelige plaatsen, ongeschikt voor menselijke bewoning. Te weinig ruimte, vaak beroerde omstandigheden – van slecht eten tot beroerde hygiëne en gebrekkige ventilatie – , verregaand gebrek aan privacy, kans op slechte behandeling door bewakers, op agressie en intimidatie van medegevangenen, en – het allerergste – geen bewegingsvrijheid, opgesloten zitten, overgeleverd aan de vrijwel totale macht van de instelling, en de staat wiens dwang de gevangenis tot uitdrukking brengt. Níémand wordt hier beter van, behalve de staat zelf en haar rijke sponsors.

Maar bijna niemand stelt bij die wantoestand die ‘gevangenis’ heet nog een kritische vraag. Het is kennelijk normaal om mensen in groten getale in naargeestige hokken op te sluiten – behalve als het om rijke mensen gaat. Dán is er opeens gedetailleerde aandacht voor de hel die ‘gevangenis’ heet. En – nog gekker – dan blijken aanstaande gevangenen nog inbreng te hebben in welke gevangenis zij gaan bewonen.

Twee voorbeelden. Onlangs werd megafraudeur/zakenman (oh, sorry, zijn dat geen synoniemen?) Bernard Madoff tot een zeer lange gevangenisstraf veroordeeld. Hij had veel mensen enorme sommen geld afhandig gemaakt met een beleggingsfraude op grote schaal. Hij kreeg daarvoor een gevangenisstraf van 150 jaar.

Waar ging hij die uitzitten? In – zo lijkt het – een gevangenis van zijn kéúze. Hij nam een zekere Herb Hoelter in dienst, die tegen een ongetwijfeld vorstelijk honorarium adviseert welke gevangenis Madoff het beste zou bevallen. Ongeveer zoals je via een reisagent een goed hotel vindt voor je vakantie. Want  hij “zou door de zwaarte van de opgelegde straf tussen moordenaars, verkrachters en zelfs terroristen kunnen komen te zitten, in plaats van tussen andere wittenboordencriminelen”

Dat mogen ze de keurige mijnheer Madoff niet aandoen, is het niet? Kennelijk is het voor criminelen zonder wit boord níét erg om tussen “moordenaars, verkrachters en zelfs terroristen” te hoeven zitten. En hoeveel arme mensen hebben deze optie om hun plaats van opsluiting te mogen kiezen? Hoeveel zwarte gevangenen in de VS hebben trouwens het geld om een Hoelter te betalen?

Het kan nog mooier. Allen Stanford – verdacht van het achterover drukken van 7 miljard euro en dus kennelijk geen kleine jongen in fraudeursland – heeft overplaatsing aangevraagd uit zijn huidige cel. Die staat in een gevangenis in Conroe, Texas. En daar valt het bepaald niet mee: “Hij zou het een groot deel van de week zonder elektriciteit en dus zonder airconditioning moeten stellen. Overdag is het in de zomer gemiddeld 37 graden in Conroe. Met de luchtvochtigheid meegerekend  kan het aanvoelen als 40 graden.” Geen aangename plek, ik geloof het meteen. Het lijkt atmosferisch gezien wel een beetje op mijn woning trouwens, en ik woon daar nu al ruim zes jaar en ben nog springlevend. Maar leuk is soms inderdaad anders…

Maar waarom dit ondraaglijke leed slechts tot ophef en bezwaar leidt als het slachtoffer ervan een steenrijke van oplichting verdachte zakenman is, vermeldt de berichtgeving weer eens niet. Een aardig detail dat wél wordt vermeld:  de gevangenis is in privé-handen, en en in handen van een winstgevend bedrijf. Leve de ondernemersvrijheid!

Toch kunnen we met  de ophef blij zijn, en als het Stanford lukt om overgeplaatst te worden naar een cel waar de airco het doet en de temperatuur niet boven de 24 graden komt, opent dat mogelijkheden. Dan valt het te hopen dat élke gevangene met succes overplaatsing naar een cel aanvraagt die, tenminste atmosferisch gezien, enigszins leefbaar is. Want het zal toch niet zo zijn dat leefbaarheid in de cel een voorrecht is dat alleen voor ríjke gevangenen een recht is?