Guantanamo te water in 17-voud

2 juni, 2008

Eerst was er Guantanamo Bay, het concentratiekamp dat de VS na de invasie van Afghanistan oprichtte op haar militaire basis op Cuba. Daarin stopte deze grootste aller schurkenstaten zogeheten ‘terreurverdachten’, om ze zo min mogelijk te berechten en zo veel mogelijk te vernederen en te breken. Definitie van ‘terreurverdachte’? ‘Verkeerde’ godsdienst, ‘verkeerde’ kleren, ‘foute’ baard, op de ‘verkeerde’ plaats aangetroffen door CIA of amerikaanse militairen. Echte betrokkenheid bij echt terrorisme was geen vereist om als terreurverdachte te worden aangemerkt, ontvoerd en naar Guantanamo versleept.

 Na Guantanamo Bay kregen we de berichten over “extraordinary rendition”.  Hetzelfde soort ‘terreurverdachten’ bleken met geheime vluchten door de VS naar allerlei landen gezeuld te worden waar ze stevig verhoord konden worden, zonder de beperkingen die formeel binnen de VS nog gelden (golden, want er mag op dit gebied steeds meer). Anders gezegd: waar gevangenen konden worden gemarteld. Het ging hier om landen als Jordanië en Marokko. Er bleken echter ook geheime gevangenissen in Oosteuropese landen te bestaan waar de VS haar kwalijke gang ging.

En nu hebben we dan kennelijk Guantanamo te water. Op 17 Amerikaanse schepen worden volgens Reprieve, een mensenrechtengroepering gevangenen vastgehouden, en volgens een uit Guantanamo Bay vrijgelaten gevangen die sprak met iemand die op zo’n schip heeft ggezeten wordt er harder geslagen dan op Guantanamo Bay zelf.

In de berichtgeving over deze onthulling staan trouwens nog interessante cijfers. volgens de VS zitten er maar liefst 26.000 mensen vast zonder dat er een aanklacht tegen ze is ingediend. En sinds 2001 zouden er zelfs 80.000 mensen enige tijd in zulk soort geheime gevangenschap hebben gezeten.

Rond Guantanamo Bay zelf rommelt het intussen ook. Onlangs ontsloeg het Pentagon een rechter die daar de zaak tegen een zekere Omar Khan moest voorzitten ontslag. Een reden werd niet gegeven. Maar de rechter, een zekere Peter Brownback, probeerde zijn werk een beetje zorgvuldig te doen, stond erop dat de openbare (???) aanklagers documenten aan de verdediging overhandigden, en weigerde een datum voor het proces vast te stellen.daardoor was er alle kans dat het proces pas na het vertrek van Bush zou beginnen - en dan zouden de kaarten wel eens anders kunnen liggen, zo zou het Pentagon kunnen vrezen.

Het lijkt aannemelijk dat het Pentagon Brownback een dwarsligger vond die de beoogde schijnprocessen teveel als min of meer serieuze processen wilde behandelen. Het lijkt aannemelijk dat zelfs iedere zweem van serieuze rechtsgang al teveel is voor de dictatoriale ambities van het Pentagon - en van de regering waar dat Pentagon uitvoerend orgaan is.

Gegevens uit: Duncan Campbell en Richard Norton-Taylor, “US accused of holding terror suspects on prison ship”, Guardian, 2 juni 2008; ” ‘VS houden terreurgevangenen vast op schepen’”, NRC, 2 juni 2008 (kennelijk gebaseerd op het Guardian-stuk); Michelle Shepard, “Khadr Judge Fired  Amid Record Squabble”, Toronto Star (via Common Dreams), 30 mei 2008.


Havenstaking VS op 1 mei: prachtvoorbeeld!

2 mei, 2008

Wat een prachtvoorbeeld! Acht uur lang legden havenarbeiders aan de Westkust van de Verenigde Staten het werk neer. Acht uur lang zetten zij daarmee kracht bij aan de eis van de International Longshore and Warehouse Union (ILWU), de vakbond waarin havenarbeiders georganiseerd zijn: “een onmiddellijk einde aan de oorlog en bezetting in Irak en Afghanistan de terugtrekking van Amerikaanse troepen uit het Midden-Oosten.” De dag van de actie was prachtig gekozen: de Eerste Mei.

De president van de vakbond, Bob McEllrath, zegt het nog vriendelijk: “We steunen de troepen en vertellen de politici dat het tijd  is om een eind aan de oorlog in Irak te maken.” Jack Heyman, woordvoerder van de bond in de regio, zegt het steviger: “De havenarbeiders hebben besloten dat ze niet werken zodat alles aan de kust stil ligt. We hopen dat dit een krachtige boodschap naar het Witte Huis en het Congres zendt om deze oorlog tot een eind te brengen.” Hier trouwens gelukkig géén dubbelzinnige verwijzing naar ’steun aan de troepen’ (1).

Dave Macaray geeft op Counterpunch nog wat achtergronden. Op zich, zegt hij, is de actie redelijk beperkt van impact. de achterstand vcan acht uur niet werken is in een mum van tijd ingehaald. Maar vervolgens laat hij zien dat dat de ILWU aan de Amerikaanse  westkust een sterke vakbond is, waar stakingsbreken niet aan de orde is, en waar bazen weten dat ze niet met de bond moeten sollen. En hij zegt: “Hoe dan ook,. de ILWU verdient enorm krediet. Het is verbluffend en wild-bemoedigend dat een vakbond aan de westkust meer lef en vastbeslotenheid heeft om een Republikeinse administratie uit te dagen dan het Amerikaanse Congres.”

Zó vecht je tegen oorlog. Zó vier je Eén Mei. Wat een prachtvoorbeeld!

(1). Ik hou niet zo van leuzen als “support the troops, bring them home”. Ik snap het tactische handigheidje erachter, maar zolang troepen troepen zijn - mensen in dienst van de macht - steun ik ze niet. Ik vind dat e mensen in het uniform steun verdienen, maar niet in hun rol als geüniformeerde mensen, tenzij ze met uniform en wapens en al zelf in verzet komen tegen hun kwalijke rol. De troepen moeten terug, niet omdat we ze in hun hoedanigheid als soldaten steunen, maar omdat we een einde willen aan hun onrechtmatige en wrede rol daar.


Obama krijgt onterechte steun van links

22 april, 2008

Bijna alles wat progressief is in de VS - en trouwens ook ver daarbuiten - vestigt momenteel hoop op Barack Obama, presidentskandidaat voor de Democratische Partij. Te begrijpen is dat wel. Terecht is het echter niet. Wederom dreigen grote delen van links in een hele oude valkuil te stappen.

Onder de recente steunbetuigers voor Obama vinden we enkele opvallende namen. Joan Baez, zangeres en sinds jaar en dag activiste voor vrede en sociale rechtvaardigheid bijvoorbeeld. Bruce Springsteen, rockzanger en iemand die zich tegen het beleid van Bush heeft uitgesproken. En nu ook filmmaker Michael Moore, die met zijn documentaires de ‘Oorlog tegen Terrorisme’, maar ook het neoliberale beleid van winst-boven-alles, effectief en voor een miljoenenpubliek op de hak heeft genomen.

Met name Moore zou beter moete weten. In 2000 zette hij zich in voor de campagne van Ralph Nader, die destijds als kandidaat van de Groene Partij een progressief alternatief tegenover de twee zakenliedenpartijen, de Democratische en de Republikeinse, naar voren bracht en nog aanzienlijke aantallen stemmen won ook. Deze keer valt hij, net als teveel anderen ter linkerzijde, voor de aloude logica van het ietsje mindere kwaad.

Dat Moore het voor Obama opneemt tegen die andere Democratische kandidaat Hillary Clinton, dát is op zichzelf prima. Clinton speelt in op de angst voor witte kiezers voor een zwarte kandidaat, oftewel: Clinton gebruikt racisme tegen haar rivaal. Opkomen voor Obama op dát punt is terecht en nodig. Maar dat is geen reden om dat ook zijn kandidatuur te ondersteunen als een soort van progressief alternatief.

Dat Obama vergeleken bij de voilstrekt cynische machtspolitica Clinton een verademing is, zal ik niet bestrijden. Dat hij met zijn toonzetting, zijn eindeloos herhaalde oproep tot ‘verandering’ een breed levend gevoel verwoordt, een hang naar, inderdaad, verandering na acht jaar Bush - het is allemaal wel waar. Maar hoop aanboren met retoriek is één ding. Die hoop ook maar enigszins in vervulling doen gaan is iets heel anders. Wie denkt dat Obama als president werkelijk een breuk met het huidige beleid gaat doorzetten, wacht een immense teleurstelling.

De reden daarvoor ligt niet eens in de man zelf, al heeft ook hij een reeks standpunten die hem helemaal geen serieus progressief politicus maken. “Obama is niet links en niet progressief”, een artikel in het blad Grenzeloos brengt dat aardig in kaart. Maar het diepere probleem ligt in de partij waarvoor hij kandidaat wil zijn. De Democratische Partij is niet de Amerikaanse SP, niet de Amerikaanse PvdA, niet eens het Amerikaanse D66. Als we de Republikeinen als een soort van Trots op Amerika kunnen kenschetsen, dan zijn de Democraten een soort CDA/VVD-combi. Dat de Democraten nu een wat minder rechts figuur tolereren als kandidaat, geeft aan dat de bazen in die partij slim zijn. Ze hopen van de weerin tegen Bush te profiteren om hun eigen partij weer in het Witte Huis te krijgen. Maar die eigen partij is net zo goed verweven met de toppen van het grote bedrijfsleven als de Republikeinse.

En ook op oorlogsgebied is de Democratische partij niet wezenlijk beter dan de Republikeinse. De Vietnamoorlog: geëscaleerd onder de Democraten Kennedy en Johnson - afgebouwd onder de Republikeinen Nixon en Ford. De Korea-oorlog: begonnen onder de Democraat Truman, gestopt onder de Republikein Eisenhower. En dan de laatste Democraat in het Witte Huis, Bill Clinton. Die sloopte de Bijstandswet, zette een keihard neoliberaal handelsbeleid door, en voerde oorlog na oorlog: Somalië, Bosnië, Kosovo, moordsancties tegen Irak afgewisseld met tweemaal per week wat bommen her en der op dat land. Het om zeep helpen van honderdduizenden Irakezen is niet louter een Republikeins tijdverdrijf.

Nu mag Obama een wat andere toon aanslaan dan zowel Bush als Hillary Clinton. Die ruimte krijgt hij om stemmen ter linkerzijde te binden aan de Democratische Partij, en dus aan het establishment als zodanig. Eenmaal in het Witte Huis zal weer blijken wie aan de touwtjes trekken: degenen die de campagnes en de partij financieren om hun belangen te behartigen. Of Obama het nu leuk vindt of niet, hij is dan boegbeeld en spreekbuis van de ondernemersklasse van de VS en zal hun belangen behartigen, zoals iedere Democraat dat voor hem ook deed.