Iran: verkiezingsfraude en een begin van volksopstand

Protesten tegen de verkiezingsuitslag in Iran hebben ook vandaag plaatsgevonden. De betogers staan keer op keer tegenover een oproerpolitie die bruut optreedt. Ook is het bewind overgegaan tot het arresteren van mensen die actief zijn in de oppositie. Intussen wordt het steeds aannemelijker dat Ahmedinejad mede dankzij fraude de verkiezingsoverwinning op zijn naam schrijft.

Eerst die straatprotesten. Overdag wezen berichten op betrekkelijk kleine betogingen, hard  botsend met de politie. “Een groep van ongeveer tweehonderd betogers gooide stenen naar de agenten ennriep leuzen als ‘dood aan de dictator’, De agenten schoten met traangas om de menigte uiteen te drijven.” Dat vertelt Nieuws.nl. Een paar honderd demonstranten, daar wankelen de machthebbers niet meteen van. Maar Aljazeera schrijft: “duizenden Iraniërs gingen de straat op in een tweede dag van geweld, en hielden straatgevechten met oproerpolitie uit pretest tegen de verkiezingsuitslag.” En voordat we de protesten wegzetten vanwege de (nog?) vrij kleine aantallen demonstranten, mogen we wel even bedenken wat deze mensen riskeren. De gewapende macht waar ze tegenover staan kent weinig genade. De zestig mensen die volgens de vice-directeur van politie in Teheran zijn opgepakt, wacht geen plezierig verblijf.

De regering heeft intussen een golf van onderdrukking gelanceerd. De Volkskrant maakt melding van de arrestatie van tientallen politici uit de hervormingsbeweging rondom oppositiekaniddaat Mousavi. Daaronder zou een broer zijn van ex-president Khatami, en een wordvoerder van diens regering destijds. Intussen probeert het bewind de communicatie via mobiele telfoonnetwerken en internet te dwarsbomen, en gooien de autoriteiten buitenlandse journalisten het land uit. Er zijn geruchten – ook weer tegengesproken, zo meldt CNN – dat Mousavi huisarrest heeft, dat zijn woning omsingeld wordt door een gewapende macht.

De grief van Mousavi en van de boze betogers is helder: Ahmedinejad heeft via grootschalige fraude gewonnen, de verkiezingen zijn grofweg gestolen. Steeds meer aanwijzingen pleiten voor het gelijk van de betogers. Er is de ongebruikelijk snelle bekendmaking van de uitslag. Robert Fisk zegt dat “een aanhanger van Mousavi hem erop had gewezen dat ‘als de stemmen correct zouden zijn geteld vrijdagnacht, er vijf miljoen stemmen geteld zouden moeten zijn in twee uur.'”

Juan Cole komt nog met meer aanwijzingen richting fraude. Ahmedinejad zou gewonnen hebben in Tabriz, de hoofdstad van de prvicie Azerbeidsjan, waar Mousavi (zelf Azeri) vandaan komt. Dat is niet erg geloofwaardig. De andere liberale kandidaat, Karroubi, in 2005 goed voor 17 procent van de stemmen, zou nu minder dan één procent gehaald hebben, en zelfs in het westen van het land waar hij vandaan komt, weinig stemmen hebben behaald. Niet erg geloofwaardig. En ook Cole wijst op de snelle bekrachtiging van de uitslag door de kiescommissie, en de erkenning daarvan door de opperste religieuze leider Khamenei. De kiescommissie wordt geacht daar drie dagen voor uit te trekken, om beweringen over fraude te kunnen nagaan. Waarom nu niet?

Nee, sluittend bewijs voor verkiezingsdiefstal is het niet. Maar als de zege van  Ahmedinejad zo groot was, en zonder fraude was behaald, waarom wordt dan de oproerpolitie metéén losgelaten op kleine groepen demonstranten? Waarom dan meteen de arrestatiegolf? Als de regering de steun van zo n grote meerderheid heeft, waar is de dan zo bang voor? Ahmedinejad en de autoriteiten gedragen zich bepaald niet als machthebbers die democratisch herkozen zijn. Het oppakken van critici, het blokkeren van sms-verkeer en dergelijke, en het uitzetten van buitenlandse journalisten wekken op zijn minst de indruk dat de regering iets te verbergen heeft. En het feit dat er pas zondag een overwinningsbijeenkomst van aangahangers van Ahmedinejad werd gehouden – druk bezocht, met tienduizenden mensen, maar met officiële goedkeuring is dat niet zo vreemd – geeft ook te denken. Van grootschalige spontane feestvreugde direct na de verkiezingsuitslag was weinig te bespeuren.

Ook de opstelling van Mousavi zelf wijst in die richting. De man is een insider in het establishment. Hij was premier inde jaren tachtig, tijdens de harste, bloedigste episode van de Islamitische Republiek. Hij wéét hoe hard het gezag kan optreden tegen critici. Toch steekt hij zijn nek uit, vecht de uitslag in scherpe bewoordingen aan, en roept zijn aanhangers tot protest – zij het vreedzaam – op. Zou hij zoveel risico nemen als hij het gevoel had dat hij met tientallen procenten achterstand had verloren en gewoon een slechte verliezer was? Op zijn minst dénkt Mousavi écht dat hij de verkiezingen gewonnen heeft. Dat bewijst natuurlijk niet dat dit ook zo ís. Maa het is, gecombineerd met andere aanwijzingen, wel een indicatie in die richting. Mousavi is ook niet de enige presidentskandidaat die de verkiezingsuitslag niet vertrouwt. Karroubi, de andere liberalere kandidaat,  noemde de uitslag “zo belachelijk en ongelofelijk dat men er niet over kan spreken of schrijven in een verklaring”.

De protesten zijn bepaald nog niet over. Berichten spreken van demonstraties in meerdere steden. Groepen betogers spelen in straten in Teheran een soort kat-en-muis-spel met de oproerpolitie. En als het aan oppositieleiders ligt, komt er een grootschalig vervolg. Mousavi, en ook zijn vrouw die in de campagne van haar man een opvallende rol speelde, hebben een oproep verspreid voor protestbijeenkomsten in 20 Iraanse steden op maandag, en een landelijke staking op dinsdag. Mousavi zelf heeft bij de autoriteiten toestemming voor protestbijeenkomsten gevraagd; zelfs een door de staat gesteund satellietkanaal maakt hier melding van. Deze informatie vind ik  trouwens in een uiterst informatief stuk op een nieuwsblog van de New York Times.

Het is te hopen dat deze manifestaties, en vooral ook de staking, groot en stevig worden. Het is te hopen dat intussen de straatprotesten van de adgelopen dagen doorgaan, en zich nog uitbreiden. Een volksbeweging tegen de onverkorte dicatuur die Iran momenteel weer even is, verdient het om te winnen.

Dat is zo, niet omdat Mousavi opz zichzelf zoveel waardering verdient. Maar als hij eerlijk heeft gewonnen, dan moet die uitsdlag gewoon gerespecteerd worden. En als hij niet eerlijk heeft gewonnen, dan nog heeft het regime heel veel uit te leggen, en dan nog dient de onderdrukking van demonstranten, Moussavi-aanhangers of niet, te worden gestopt. Dan nog is de strijd tegen onderdrukking meer dan gerechtvaardigd.

Mousavi zelf is echter niet bepaald de ideale persoon om een werkelijk volksverzet effectief aan te voeren. Zijn programma biedt hoopvolle dingen – meer vrijheid – naast onplezierige dingen – ene liberalisering van de economie. Dat laatste is nu niet bepaald geschikt om arme mensen enthousiast te krijgen. Hoe frauduleus de uitslag ook was, er is weinig twijfel dat vooral veel arme mensen op Ahmedinejad hebben gestemd omdat die lonen en pensioenen verhoogde en dergelijke. Op dát punt had Mousavi (nog) minder te bieden. 

Het is te hopen dat de ontluikende protestbeweging hier een eigen lijn ontwikkelt, een lijn die democratie combineert met opkomen voor de rechten en belangen van de armen.

Er is een tweede probleem met het leiderschap van Mopusavi. ja, hij is erg boos over de verkiezingsdiefstal. Maar hij accepteert het staatsbestel dat dit soort autoritaire activiteiten kan ontplooien wel. Hij betuigt zijn loyaliteit ermee, door aan opperste leider Khamenei te vragen om in te grijpen ten gunste van een eerlijke uitslag. En hij beargumenteert zijn protest tegen de verkiezingsuitslag in een mengeling van rebellie en gezagsgetrouwheid. “Ik protesteer sterk tegen de talrijke schendingen, en ik waarschuw dat ik niet kapitaleer voor deze gevaarlijke schertsvertoning. Het resultaat zal de pijlers van de Islamitische republiek in gevaar brengen en tyrannie vestigen.”

Het overeind houden van die Islamitische republiek is voor Mousavi net zo goed een doel als voor Ahmedinejad en Khamenei. Alleen de invulling ervan loopt uiteen. Als puntje bij paaltje komt staat iemand als Mousavi dan ook dichterbij zijn huidige rivalen aan de top, dan bij de mensen die voor hem de straat opgaan en politieklappen, traangas en arrestatie riskeren. Vertrouwen op dit soort van leiding maakt de protestbeweging kwetsv baar voor ene halfslachtig compromis aan de top, waarna er slechts weinig verandert.

Gelukkig zijn op straat uit de kelen van demonstranten al radicalere geluiden te horen. “Dood aan de dictatuur!” is vrij helder. Hier en daar klinkt zelfs expliciet kritiek op de opperste leider Khamenei. Studentenactivist Mahdieh Gorlu vertelt wat hij zaterdag zag: “Mensen riepen slogans en drukten hun eisen uit. Ze zeiden dat ze hun stem terug wilden, of dat ze nooit meer zouden stemmen. In sommige gevallen richgtten ze zich tegen de opperste leider.” Van gezagsgetrouwheid is hier op straat erg weinig te bekennen, en deze radicalisering is zowel hoopgevend als hoognodig. Het succes van een wellicht op gang komende revolutie in Iran hangt mede dáár van af.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: