Kronstadt, voor de liefhebbers…

Kronstadt, maart 1921: een groot deel van het garnizoen van deze Russische marinebasis komt in verzet tegen het bewind dat de Communistische Partij, met Lenin en Trotski aan het hoofd,  in Rusland uitoefende. De matrozen eisten vooral herstel van democratie in de sovjets, de gekozen raden die formeel de macht in het land uitoefenden. De partijleiding sprak de opstandige matrozen streng toe en eiste hun overgave. Toen die uitbleef, gaf Trotski opdracht de revolte neer te slaan. Aldus geschiedde. Het Rode leger bestormde de basis over het smeltende ijs. Een felle verdediging kostte een groot aantal opstandelingen, maar vooral ook veel van de aanvallende soldaten het leven. Nadat de opstand was neergeslagen executeerden de autoriteiten nog eens meerdere honderden van de rebellen.

Maar rustig is het met het neerslaan van de opstand rond Kronstadt nooit geworden. De gebeurtenissen werden onderwerp van zeer felle discussies tussen diverse stromingen van revolutionair links. Trotskisten van allerlei richtingen accepteerden het neerslaan van de opstand als niet leuk, maar wel nodig. Een succesvolle opstand zou niet alleen de partijmacht, maar de revolutionaire staat als zodanig hebben doen omvallen. Ongeacht de goede bedoelingen van de opstand zou de val van het revolutionaire bewind van de Communistische Partij niet tot een werkelijke revolutionaire democratie hebben geleid, maar tot een contrarevolutionair bewind, mogelijk geruggesteund door imperialistische interventie. Lenin en Trotksi hadden gelijk dat ze dit tot iedere prijs wilden voorkomen, en stonden dus in hun recht toen ze de opstand van Kronstadt neersloegen.

Anarrchisten, en ook ook veel niet-Leninistische marxisten, dachten hier anders over. Zij zagen de opstand als poging om het beste in de revolutie van1917 te laten herleven. Het onderdrukken van de opstand liet zien hoever de Bolsjevistische, vanaf 1919 Communistische, partij zichzelf vervreemd had van haar basis onder boeren en arbeiders, en van haar revolutionaire democratische idealen. Met de onderdrukking op Kronstadt werd niet de contrarevolutie op afstand gehouden, maar de revolutie zelf de nekslag toegebracht.

Tot in 1988 was ik in grote lijnen de tweede visie toegedaan: de opstand was rechtmatig, de onderdrukking onjuist. In dat jaar – het jaar dat ik me bij de Internationale Socialisten (IS) aansloot – raakte ik, via discussie en leeswerk, overtuigd van de eerste visie: om de revolutie te redden moesten de Bolsjevieken soms zeer onaangename maatregelen nemen, en de onderdrukking van Kronstadt was van die nare maatregelen er één. Tot enkele maanden terug bleef ik in grote lijnen van die Leninistisch-Trotskistische interpretatie overtuigd. Maar hoe meer ik lees en nadenk, hoe onhoudbaarder ik die visie ben gaan vinden. De versie van de meeste Trotskisten is deels gebouwd op onjuist weergegeven feiten. Misschien belangrijker: ze brengt mensen ertoe met terugwerkende kracht te bréken met de opvatting dat het voor revolutionairen draait om de bevrijding van arbeiders en andere onderdrukten door die arbeiders en onderdrukten zelf. Niet namens hen, en zeker niet ten kóste van hen, en dus helemaal niet door proletarische opstandigheid te onderdrukken, zoals op Kronstadt gebeurd is.

Laat ik eens met wat feitelijkheden beginnen. In de Trotskistische versie zien we steeds dezelfde zaken terugkomen. De opstandelingen eisten “Sovjets zonder Communisten”, waarmee de contrarevolutionaire dynamiek van de opstand al bijna duidelijk was. De opstandelingen brachten vooral de belangen van boeren tegenover de arbeidersstaat tot uiting, niet die van arbeiders zelf. De samenstelling van het garnizoen was wezenlijk veranderd: het waren niet meer de heroïsche matrozen van 1917. Met het neerslaan van de opstand dienden de Communisten  de redding van de revolutie.

Laten we eens kijken in wat meer detail. Trotski zelf rept al in 1938 van “de leus van Kronstadt: ‘Soviets zonder Communisten'”. Het is een gewoonte die Trotskisten kennelijk hebben overgenomen. Hier hebben we Peter Taaffe, van het Comité voor een Arbeiders Internationale CWI, de Trotskistische stroming waar Offensief deel van uitmaakt: “De ‘rebellen’ van Kronstadt eisten ‘sovjets zonder de Bolsjevieken’ hetgeen werd toegejuicht door  de contrarevolutionairen in Rusland en wereldwijd.” En hier is Chris Harman, de onlangs overleden scherpzinnige denker in de Socialist Workers Party, de zusterorganisatie van de IS. Hij noemt  “de eisen van de opstand: Soviets zonder Bolsjevieken, en een vrije markt voor landbouwpr0ducten.”

De opstandelingen wilden gewoon van de Communisten af, dat blijkt uit die eis van Sovjets zonder Bolsjevieken. Dat is de steeds herhaalde bewering. Maar de bewering is in strijd met de feiten. De precieze eisen van de opstandelingen zijn namelijk bekend. Het waren er vijftien, en ze zijn als resolutie aangenomen op een massabijeenkomst van marinepersoneel op de basis. De eerste luidde: “Gezien het feit dat de huidige Sovjets niet de wil van de arbeiders en boeren tot uitdrukking brachten, onmiddellijk nieuwe verkiezingen voor de sovjets te houden, met geheime stemming, met de vrijheid van agitatie voorafgaand aan de verkiezingen voor alle arbeiders en boeren.” Niks Sovjets zonder communisten of zonder Bolsjevieken. Sovjets, vrij gekozen door de werkende bevolking van Rusland. Dát eisten de opstandelingen, en dat is bepaald niet hetzelfde – tenzij je er bij voorbaat van uitgaat dat de afkeer van de Communisten bij boeren en arbeiders al zo groot was dat vrije verkiezingen van arbeiders- en boerenraden alleen maar tot een compleet wegvagen van Communistische kandidaten zou kunnen leiden.

De neiging van Trotskisten om de betekenis van de eis – vrije herverkieing van sovjets – te verdraaien tot iets anders – sovjets zonder Communisten – is niet zonder betekenis. Dat wordt duidelijk als we bijvoorbeeld verder lezen bij Harman. De soviets konden volgens hem niet zonder de Communisten: “Met al hun gebreken waren het de Bolsjevieken die als enigen van ganser harte de sovjet-macht hadden gesteund, terwijl andere partijen, zelfs de socialistische partijen, hadden geaarzeld tussen  sovjetmacht en de Witten. (…) Sovjets zonder Bolsjevieken kon alleen maar betekenen Sovjets zonder de partij die consistent de socialistische, collectivistische doelen van de arbeidersklasse tot uitdrukking had gebracht.” Zo verandert Harman het streven van Kronstadt naar een revolutionaire arbeiders- en boerendemocratie in een eis die deze sovjetmacht in het hart bedreigde. Zo maakt Harman van een poging de revolutie nieuw leven in te blazen een aanval op de die revolutie. Maar zodra we zien wat de Kronstedelijke rebellen werkelijk wilden, valt zijn redenering in duigen.

Hoe zit het met dan andere punt, het karakter van de opstand als uiting van vooral boeren-onvrede, meer dan proletarisch protest? in de eerste plaats: ja, er was grote onvrede onder de boeren in Rusland. Met hele goede redenen. De officiële politiek van het Communistische bewind ten aanzien van de boeren bestond uit  gedwongen graanleveranties: bewapende eenheden gingen naar de dorpen, en namen daar elk overschot van graan in beslag, om daarmee de stedelijke bevolking te voeden. Argument: de basis van de revolutie lag onder stedelijke arbeiders, die móésten te eten krijgen. En met een vrijwel kapotte economie produceerden fabrieken nauwelijks dingen die ze konden ruilen tegen graan. Dus zat er niets anders op dan het graan in beslag te nemen, als noodmaatregel.

De boeren haatten dit, en dat is niet vreemd. Ze haatten het nog meer omdat allerlei eenheden veel verder gingen dan het confiskeren van graanoverschotten; te vaak werd ál het graan in beslag genomen. Er heerste willekeur van gewapende Communistische eenheden in grote delen van het platteland. En waar aanvankelijk nog werd getolereerd dat groepen stedelingen zelf spulletjes gingen verhandelen op het platteland om daar aan eten te komen, blokkeerde het bewind dat vanaf 1920 gewapenderhand. In de winter van 1920-1921 vonden er vele tientallen boerenopstanden plaats, met de politiek van gedwongen graanleveranties als grote grief. En ja, matrozen op Kronstadt hadden vaak familie op het platteland, waren kort voor de opstand in Kronstadt op verlof geweest en hadden met eigen ogen de ellende gezien. Ongetwijfeld droeg dit bij tot de geest van verzet die tot een opstand leidde.

Maar is dat een reden om de opstand af te wijzen? Ik denk dat het verzet tegen de gedwongen graanleveranties in de kern niet alleen begrijpelijk was, maar ook rechtmatig. Er wáren alternatieven. Dat blijkt ook wel uit de koerswijziging waartoe de Communistische partij aan het besluiten was toen de opstand uitbrak: herstel van het recht op vrije handel van boeren , nadat ze een vaste belasting hadden betaald. Dat werd de aanzet tot wat als Nieuwe Economische Politiek (NEP) bekend werd. Opvallend feit trouwens: Trotski had hier al in 1920 tevergeefs op aangedrongen, zoals hij zelf naderhand ook erkent. Het laat zien dat de politiek van gedwongen leveranties niet onvermijdelijk was, en het boerenverzet ertegen dus bepaald geen onzin.

Maar er lag veel meer ten grondslag aan de opstand dan onvrede onder boeren. Wat Trotskistische interpretaties vaak weglaten, of slechts heel summier behandelen, is wat er in het nabijgelegen Petrograd vlak voor de opstand plaatsvond: een grote stakingsbeweging in de ene fabriek na de andere. Ida Mett, auteur van een prachtig werkje over Kronstadt, schrijft: “De stakers eisten maatregelen om de voedselsituatie te verbeteren. Sommige fabrieken eisten heropening van plaatselijke markten, vrijheid om binnen een straal van 30 km te reizen,  en het terugtrekken van militie-eenheden die de weg om de stad hielden. Maar zij aan zij met deze economische eisen brachten diverse fabrieken meer politieke eisen naar voren: vrijheid van spreken en van de pers, vrijlating van politieke gevangenen van de arbeidersklasse. In sommige fabrieken werd geweigerd sprekers van de partij aan te horen.” Het bewind, ter plekke geleid door de zeer autoritair optredende Zinoviev, reageerde door de staat van beleg uit te roepen en stakingsleiders te arresteren. Tevens werden de rantsoenen verbeterd, kennelijk om rust te kopen. Dit vond plaats in februari 1921.

Mensen op Kronstadt kregen lucht  van stakingen en repressie, en stuurden een delegatie naar Petrograd. Ida Mett: “De delegatie bezocht  een aantal fabrieken. Ze keerde op de 28ste terug op Kronstadt.  Diezelfde dag stemde het personeel van het slagschip Petropavovsk, na de toestand besproken te hebben, voor de volgende resolutie:

De rapporten gehoord hebbend van de vertegenwoordigers gestuurd door de Algemene Vergadering van de Vloot om meer te weten te komen over de situatie in petrograd, eisten de zeelieden:

1. onmiddelijke nieuwe verkiezingen van de Sovjets. (…)”

Kortom: hier zien we de vijftien eisen van Kronstadt opduiken. Tegen de achtergrond van het bovenstaande hoeft het ons dan niet te verbazen dat de tweede eis menings- en persvrijheid voor arbeiders en boeren, voor linkse socialistische partijen en de anarchisten betreft, de derde eis  de vrijheid van vergadering, en vrijheid voor vakbonden en boerenorganisaties. Op nummer vijf zien we een oproep tot vrijlating van politieke gevangenen. En ja hoor, op nummer 11 staat een eis dat boeren zelf mogen beschikken over hun producten, zolang ze geen personeel in loondienst nemen. Als hekkesluiter op 15 dan de eis dat ambachten vrijuit uitgeoefend konden worden, alweer zolang mensen geen personeel in loondienst hadden. Het overgrote deel van de eisen gaat dus niet over boeren en vrijhandel, maar over democratische rechten en een einde aan een verstikkende partijdictatuur. O ja, eis nummer 9: “gelijktrekking van rantsoenen voor alle arbeiders, behalve degenen met gevaarlijke of ongezonde beroepen”. Proletarischer kan nauwelijks, onder zulke omstandigheden.

Wat duidelijk uit deze chronologie blijk is dit. De opstand in Kronstadt begon voor een zeer aanzienlijk deel als solidariteitsbeweging met de stakende arbeiders in Petrograd. Het is zeer onrechtvaardig, en een verdraaiing van het verloop der dingen, om de revolte van Kronstadt simplistisch af te doen als weinig meer dan een echo van boerenopstanden. De opstand in Kronstadt was onderdeel van een golf van boeren- én arbeidersverzet.

Wat zien we hiervan bij Trotskisten terug? Weinig. Harman noemt de stakingsbeweging in Petrograd niet eens. Geen wonder: het zet zijn verhaal nogal op losse schroeven. John Rees, ook iemand van de Socialist Workers Party, besteedt er in zijn “In Defense of October” (International Socialism Journal 52, herfst 1991, pag. 61; ik heb het niet on-line gevonden) wel aandacht aan. Dat gaat als volgt. “Hoewel het (de opstand, PS) voorafgegaan werd door een reeks ernstige maar snel opgeloste stakingen, lag de motivatie voor de rebellie van Kronstadt veel dichterbij die van de boeren dan bij wat er nog over was van de stedelijke arbeidersklasse.” Prachtig toch, die ernstige maar snel opgeloste stakingen? Hóé die werden opgelost – door echt tegemoet te komen aan de eisen, óf door de staking te onderdrukken en dan met minieme concessies rust te krijgen – dat laat Rees netjes in het midden. Blijkbaar is de strijdende arbeidersklasse in het verhaal van Trotskisten niet altijd even welkom.

Terug naar Kronstadt zelf. Belangrijk in het betoog van Trotskisten – vanaf Trotski zelf – is de bewering dat de samenstelling van het garnizoen, het karakter ervan, zodanig was veranderd dat de Kronstadt 1921 niet kunt beschouwen als voortzetting van Kronstadt 1917. Veel van de beste, meest klassebewuste en strijdbare mensen zouden uit Kronstadt  zijn weggegaan en hebben gevochten tegen de Witten  of in het besuursapparaat hebben plaatsgenomen. Zij zouden dan vervangen zijn door mensen vanaf het platteland. Vandaar dat de opstand in Kronstadt vooral boeren-verlangens tot uiting zou hebben gebracht.

Over de verlangens van de opstandige Kronstedelingen hebben we het al gehad: één specifieke boeren-eis, één over ambachtelijk werk – de andere dertien radicale democratische verlangens richting meer vrijheid én meer gelijkheid. Dát er mensen uit Kronstadt zijn weggegaan en dat er anderen voor in de plaats zijn gekomen – ongetwijfeld! Maar dan moet erbij vermeld worden dat ook de Bolsjevistische partij zelf een nogal stevige verandering had ondergaan, qua samenstelling en qua werkwije. Bestond de partij in 1917 in meerderheid uit arbeiders, in 1921 hadeden bestuurders, administratieve werkers in staat en partij, de overhand gekregen. Waarom is  het wel een probleem als Kronstadt een andere sociale samenstelling – van proletarisch naar agrarisch-kleinburgerlijk – gekregen zou hebben – en waarom is het in het betoog geen probleem als de partij tegelijkertijd veranderd is van proletarisch in bureaucratisch?

Maar er zijn aanwijingen dat er in de ruggengraat van het garnizoen veel minder verandering was dan in de Trotskistische versie van ‘Kronstadt’ wordt beweerd. Een zekere Anarcho heeft een gedetailleerde, niet probleemloze maar wel indrukwekkende en goed gedocumenteerde, weerlegging van het eerder genoemde artikel van John Rees gemaakt: “In Defense of the Truth”. Daarin haalt hij Israel Getzler aan, die een werk over Kronstadt heeft geschreven. Getzler zegt dat vanaf 1919 heel veel matrozen die eerder uit Kronstadt waren vertrokken, terugkeerden naar Kronstadt in het kader vaneen  hermobilisatie. Anarcho noemt ook cijfers: slechts 6,9 procent van het personeel van de twee belangrijkste slagschepen was tussen 1918 en 1921 aangeworven. De rest, zo kun je hieruit afleiden, was in 1917 dus ook al op Kronstadt in dienst. “(A)an het eind van de Burgeroorlog , eind 1920 waren niet minder dan 93,3 procent van de bemanningen van de Petropavlovstk en de Sebastopol in de marine gerecruteerd voor of tijdens de revolutie van 1917”, zo citeert Anarcho uit een boek van Samuel  Farber, die zich weer op Getzler baseert. Er was dus kennelijk wel degelijk een grote continuïteit tussen het revolutionaire Kronstadt van 1917 en het opstandige Kronstadt van 1921. Het was de Bolsjevistische partij die veranderd was en niet langer temidden van voor bevrijding strijdende arbeiders, boeren, soldaten en matrozen stond, zoals in 1917, maar tegenover die strijdende massa’s.

Misschien dat het boven vermelde cijfermateriaal niet klopt, misschien dat Anarcho en/of Farber verkeerd citeren. Dat dient dan te worden aangetoond, en ik ben nog geen pogingen van Leninistisch-Trotskistische kant tegengekomen die dat op een serieuze manier hebben geprobeerd. Zoals de zaak nu staat, beschouw ik de visie op Kronstadt zoals Trotski en veel Trotskisten die naar voren brengen – en ikzelf ook, veel en veel te lang – als strijdig met teveel bekende en relevante feiten, en als een breuk met de kern van waar revolutionairen voor (horen te) staan: bevrijding van de arbeiders samen met alle andere onderdrukten door de strijd van die onderdrukten zélf – ook tegen degene die uit naam van die arbeiders menen te mogen spreken terwijl ze de rechten van die arbeiders vertrappen.

Advertenties

3 Responses to Kronstadt, voor de liefhebbers…

  1. Hans schreef:

    Goed stuk Peter. Lees ook de teksten in het boekje ‘Kroonstad 1921, de derde revolutie’, onder redactie van Jaap Kloosterman, 1982, uitgeverij Wereldvenster.

  2. Eric schreef:

    Hoi Peter,

    Petje af. Ik ken weinig mensen die zo zelfkritisch durven te kijken naar hun eigen ideeën. Voor mij is dat toch wel een van de kernen van een werkelijke revolutionair, dat je actief op zoek blijft naar de werkelijkheid achter de mythen, ideologische constructen en verhalen. Het is dit soort openheid waar links volgens mij grote behoefte aan heeft. We zouden, wat dat betreft, moeten werken aan een nieuw soort links, dat open staat voor veranderingen, zonder al het werkelijk goede en revolutionaire te verliezen. En niet alleen onder Trotskisten, maar ook onder anarchisten, autonomen, etc, etc.

    Eric

  3. Willem Bos schreef:

    Beste Peter,

    Ik kan me geheel aansluiten bij Erik wat betreft het compliment voor de manier waarop jij ook op dit punt kritisch kijkt naar je eigen opvattingen in het verleden. Toch een aantal kritische opmerkingen.
    Uit je stuk proef ik heel sterk de neiging om stelling te nemen in het nu al bijna een eeuw durende debat over Kroonstad, en wel in termen van voor of tegen. Natuurlijk is Kronstadt een belangrijke episode die veel vragen oproept en aanleiding is voor diepgaande discussies. Maar het m.i. wat te simpel om te doen alsof die vragen alleen maar met voor of tegen beantwoord kunnen worden. Het is duidelijk dat de bolsjewieken zich in 1921 in een uiterst moeilijke situatie bevonden en zich gedwongen zagen om draconische maatregelen te nemen op velerlei fronten. Hebben ze m.b.t. Kronstadt juist of onjuist gehandeld, daar valt nu bijna een eeuw later nog steeds veel over te zeggen en van te leren..
    Maar waar we volgens mij niet veel mee opschieten is om Kronstadt als een soort algemene lakmoespoef te zien voor de bolsjewieken, of het communisme en marxisme in het algemeen.
    Dat is wat veel anarchisten wel doen. Het optreden van Lenin en Trotsky t.a.v. Kroonstad was fout en daarmee bewijs je dat het Leninisme en Trotskisme altijd al een autoritaire stroming is geweest, tegen de belangen van de arbeiders en boeren in gaat enz.……..
    Dat is een weinig vruchtbare benadering. Een revolutie is niet het werk van enkel geniale (of juist verdorven) geesten, maar een uiterst complex proces waarin vele krachten aan het werk zijn en bewuste revolutionairen in zekere zin ook tastend hun weg moeten vinden en altijd fouten zullen maken. Fouten waarvan wij later moeten proberen te leren.
    Een tweede punt van kritiek is de manier waarop je schrijft over de Trotskistische visie op Kronstadt. De wekt de indruk of de benadering van mensen als Harman Rees e.d. typerend is voor die stroming. Ik herken me daar niet in. Ik ben zelf al bij veertig jaar lid van een organisatie die door anderen veelal als Trotskistische wordt omschreven (de mede door Trotsky opgerichte de vierde internationale) maar in al die jaren is er nooit iemand in die organisatie geweest die me gevraagd heeft of ik wel voor het neerslaan van de opstand in Kronstadt ben. mij. In een serieuze politieke organisatie kan iedereen over dergelijke historische gebeurtenissen een opvatting hebben en het is nuttig om daar over te discussiëren, maar ik zou ook geen lid willen zijn van een organisaties die het steunen van het neerslaan van de opstand in K. als voorwaarde voor lidmaatschap hanteerde en ook niet van een organisatie die het omgekeerde: het steunen van de opstand in K. als voorwaarde had.
    “We zouden moeten werken aan een nieuwe soort links dat openstaat voor alle veranderingen zonder het goede en revolutionaire te verliezen”, schrijft Erik. Daar ben ik het van harte mee eens. In sommige gevallen zijn daar in Europa interessante aanzetten voor te zien zoals het Socialistische Blok in Portugal en de Nieuwe Antikapitalistische Partij in Frankrijk. In Nederland ligt dat helaas een heel stuk moeilijker maar dat is toch de richten waarin we zullen moeten werken. Met vriendelijke groet, Willem Bos.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: