‘Vredesproces’ ondersteunt bezettingspolitiek Israël

Daar gaat-ie weer, voor de zoveelste keer. Het zogeheten ‘vredesproces’ tussen Israël en ‘de Palestijnen’ wordt deze maand voortgezet. Het overleg is voor geopend verklaard door Hillary Clinton, minister van buitenlandse zaken van de VS, de hoofdsponsor van deze nogal smakeloze voorstelling. Half september gaan premier Netanyahu van Israel en Abbas, de  president van de Palestijnse Autoriteit (het ‘zelfbestuur’ van de door Israël getolereerde Palestijnse ghetto’s ) verder praten. te verwachten uitkomst: holle toezeggingen, terwijl het geweld doorgaat en de bezettingspolitiek aangescherpt wordt voortgezet.

Laten we eerst de gangbare formulering eens bekijken waarmee de Volkskrant het blijde nieuws van de daken schreeuwt: “Eindelijk zitten Israël en de Palestijnen weer om tafel”.  Dat is al een vedraaiing. ja, aan de ene kant zit de staat Israël, vertegenwoordigd vanuit haar officiële leiding. Maar aan de andere kant zitten niet “de Palestijnen”, maar de leiding van een machteloze structuur die slechts een beperkt deel van de Palestnjnen vertegenwoordigt, namelijk die op de Westoever waar ze enig beperkt gezag uitoefent. De Palestijnen op de Gazastrook zijn hierin niet vertegenwoordigd, om over de miljoenen Palestijnen in ballingschap in Libanon, Syrië en elders maar te zwijgen. Het idee dat je zinnig vredesoverleg kunt voeren zonder Hamas – de beweging met relatief de grootste steun onder de palestijnse bevolking – is, in conventioneel-diplomatieke termen die de mijne overigens niet zijn – bizar

Natuurlijk worden nieuwsvolgers getracteerd op verheffende speculaties over de kansen van dit overleg. De Volkskrant trekt een vergelijking met eerder overleg, tussen Israël en Egypte. Daar kwam uiteindelijk een soort van vrede uit, waarin Israël de eerder bezette Sinaï-woestijn teruggaf aan Egypte, waarbij de rechtse premier Begin een aantal daar gebouwde joodse nederrzetrtingen liet ontruimen en felle oppositie van onder meer ‘zijn’ generaals trotseerde. Ja, het wordt moeilijk om tot vrede te komen, maar als het destijds kun, waarom zou het dan nu principieel onmogelijk zijn?

Maar de verschillen met toen springen in het oog. Destijds, in 1979, sloot Israël een v akkoord met een land waarmee het herhaaldelijk een grote oorlog had uitgevochten. In 1967 had het Israëlische leger de Egyptische troepen bliksemsnel en verpletterend verslagen. In 1973 won israël weer, maar dara kwam acute militaire hulp vanuit de VS aan te pas, en dan nog was het kantjeboord. Israël wist dat het heel goed dramatisch mis had kunnen gaan in die oktoberdagen. Er was Israël er dus iets aan gelegen om met die sterke tegenstander een deal te sluiten.

De prijs voor die deal was teruggave van de Sinaï. Voor de ultra-vleugel in het Zionisme was dat al zo ongeveer hoogverraad. Maar die vleugel was destijds nog niet zo sterk als nu. Bovendien: de Sinaï hoorde, ook volgens Zionistische logica, niet tot het kerngebied dat koste wat kost tot de zionistische staat moest behoren. De Westelijke Jordaanover hoort wél bij het tot vrijwel iedere prijs opgeëiste hartland van het beoogde Groot-Israël. Teruggave van de Sinaï was dan misschien verraad,, heteruggave van zelfs maar een stukje Westoever is ook nog eens heiligschennis, in radicaal-Zionistische optiek.

Daar kwam iets bij. Israël bereikte door vrede met Egypte te sluiten een geweldig strategisch voordeel. Ze kwam van haar angts voor een gevaarlijke oorlog op meerdere fronten af – en kreeg daardoor verregaand de handenvrij bij hara ambities o in Gaze en Westoever – en over de noordgrens. De onderdrukking op de Westoever werd meedogenloos opgevoerd. En er werd een steeds agressiever houding jegens Libanon ingenomen. Die houding mondde uit in de aanvalsoorlog die Israël tegen Libanon uitvoerde in 1982, met grootschalige terreurbombardementen op Beiroet, en bloedbaden in de Palestijnse kampen Shabra en Shatila door rechtse Libanese milities, onder toeziend oog van israëlische soldaten. Het is sterk de vraag of Israël deze botte agressie had aangedurfd als ze rekening had moeten houden met Egyptische militaire reacties.

Zoiets geldt allemaal nu niet. De gebieden waar het over gaat – stukken van de Westoever – horen wél tot het door Zionisten geambieerde kernland Israël. De weerstand vanuit rechts binnen Israël tegen het ontruimen van nederrzettingen in Sinaï destijds zal bleekjes afsteken bij het binnenlandse verzet dat ontruiming van joodse nederzettingen in bijvoorbeeld Hebron of elders op de Westoever zal oproepen. En er is al eens eerder een Israëlische premier overhoop geschoten door een extreme Zionist, vanwege vermeende inschikkelijkheid jegens Palestijnse verlangens.

Bovendien: wat krijgt Israël terug voor een min-of-meer-serieus akkoord met burgemeester-in-bezettingstijd – veel meer is hij niet – Abbas? Vormt zijn macht een bedrejging, zoals het Egyptische militaire vermogen destijds een bedreiging vormde? Alleen al de vergelijking is nogal lachwekkend. Bovendien moet Abbas met soortgelijk gevaar rekening te houden als hij een akkoord met Israël probeert te sluiten. Heel veel Palestijnen willen een eind aan concessies aan de Zionistische vijand. Maar Israël heeft uit en te na duidelijk gemaakt dat het absolute minimumprogramma voor heel veel Palestijnen – een minimum dat nog niet in de buurt komt van een rechtvaardige oplossing overeigens – er niet in gaat zitten. Dat minimum behelst: terruggave van héél de bezette gebieden aan Palestijnen, waarop dat een zelfstandige Palestijnse staat gesticht kan worden – en ontruiming van de joodse nederzettingen in die gebieden.. Maar de onderhandelingen gaan nu juist ook om de vraag welk deel van die gebieden níét teruggegeven gaan wordne, en welke nederzettingen gewoon blijven bestaan.

We kunnen nu dan ook al veilig voorspellen dat de besprekingen geen zinnig akkoord op gaan leveren, dat de bezetting en het bijbehorende geweld door zullen gaan. Wat wij kunnen voorspellen, kunnen Abbas en Netanyahu en Hillary en Clinton natuurlijk ook zien. Waarom zijn die futiele vredesbesprekingen  er dan sowieso?

Op die vraag werpt een uitvoerig stuk op het weblog Heathlander een interessant licht. De auteur ervan laat zien dat de besprekingeneen paar functies hebben. Allereerst wil de Amerikaanse regering ermee laten zien dat het betrokken is bij de ‘oplossing’ van het Ísraëlisch-Palestijnse vraagstuk’ . Het is dus gewoon PR voor president Obama, die zich wil laten zien als potentiële vredesstichter. Waarom doet Abbas mee? Daar is Heathlander kort over. Simpel gezegd: overweldigende Amerikaanse druk. De Palestijnse Autoriteit overleeft nauwelijks zonder economische steun. Ik denk dat er nog iets bij komt. Doet Abbas niet mee, dan kan Israël zeggen: ‘wij willen vrede maar we hebben geen partner’.. – een spel dat Israël eerder behendig heeft gespeeld. Dan is de kans dat de VS Israël zelfs in haar meer extreme ambities steunt zeer reëel.

Waarom doet Israël mee? Ook hier speelt Amerikaanse pressie een rol, maar dan op subtielere manier. Het voordeel voor Netayahu zit niet in een eventuele uitkomst van vredesoverleg. Het voordeel zit in een eindeloos aanslepend vredesoverleg zelf. Zolang Netanyahu praat met ‘de Palestijnen’, heeft hij tegenwicht tegen het groeiende diplomatieke isolement dat vooral na Israëls aanvallen op de Gazastrook sterk aan het worden is. Dat de VS niet echt forse Israëlische concessies verwacht, blijkt uit het feit dat de VS wel mompelt dat Israël even geen nieuwe nederzettingen zou moeten bouwen – maar dat gemompel wordt geen kracht bijgezet door de grote financiële steun aan Israël zelfs maar merkbaar te verminderen. Het bouwen van nederzettingen, en het verdrijven van Palestijnen, gaat dan ook gewoon door, overleg of geen overleg. Maar zolang de gesprekken lopen, zolang Israël zich kan profileren als partner in vredespogingen, hoeft het voor de VS-druk niet bang te zijn.

Rékken dus, die besprekingen! Zo luidt het devies. “Er is een oppervlakkig vredesproces dat nergens heengaat maar dat de internationale druk op Israël om een overeenkomst met de Palestijnen te bereiken verlicht”, zo wordt in het Heathlander-artikel een blogger in de Israëlische krant Haaretz geciteerd. In de eigen woorden van Heathlander: “Het ‘vredesproces’moet niet zozeer begrepen worden als een poging om de bezetting te beëindigen, maar om die te consolideren en te faciliteren.” Van een serieuze poging om een rechtvaardige vrede te vinden is geen sprake. Enige steun en sympathie verdient het hele circus niet.

Het is allemaal tamelijk kansloos. Het is niet vreemd dat er in Palestijnse kringen grote afkeer van bestaat, want op de agenda staat verdere uitverkoop van rechten van Palestijnen. Maar pogingen de zaak te ontregelen met bijvoorbeeld aanslagen zijn net zo futiel als de besprekingen zelf. Het hele circus is niet bedoeld om te ‘slagen’ en tot een akkoord te leiden. Bang voor zo’n akkoord hoeft niemand dus te zijn, want dat akooord komt er niet, of – als het er komt, in 2053 of zoiets  – is het vrijwel irrelevant voor de werkelijke ontwikkelingen. Wat er wel komt is: meer landconfiscatie, meer nederzettingen, meer doodgeschotern Palestijnen, meer mishandelingen van Palestijnen in gevangenissen – en nieuwe rondes onderdrukking en oorlog. Dáár dient de aandacht op gericht te zijn. Het vredesoverleg is facade, PR, misleidend spektakel.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: