Revolutie in Tunesië

In Tunesië woedt de revolutie. Demonstraties, rellen, nu ook plunderingen drukken de immense volkswoede uit. Traangas, arrestaties en dodelijke munitie zijn het antwoord van de staat, van het bewind van president Ben Ali dat oppostitie de gewelddadig de kop in wil drukken. Na meer dan drie weken lukt dat niet bepaald. De opstandigheid houdt aan en breidt zich zelfs nog uit. Hoe dit gaat aflopen is niet te zeggen. Maar het bewind staat niet supersterk, het protest kán winnen.

Het begon toen op 17 december een hoogopgeleide werkloze man zichzelf in brand stak toen de politie hem belette groenten en fruit op straat te verkopen om in leven te blijven. De man is begin januari overleden. Vrijwel meteen na diens zelfverbranding demonstreerden een paar honderd jonge mensen, de politie schoot met traangas – en de opstand was begonnen. Dit vond plaats in Sidi Bouzid. Snel erna vonden soortgelijke protesten plaats, eerst vooral in steden in het binnenland, later ook in de hoofdstad Tunis. De NRC had op 10 januari een kaartje waarop plekken waren aangegeven waar protest was geweest. Dat waren er toen twintig. De kop van het stukje was veelzeggend: “Protesten Tunesië kunnen regering op knieën dwingen”.

Intussen  kost de bloedige onderdrukking steeds meer mensenlevens: nu al 66 doden sinds half december, volgens iemand van FIDH, een mensenrechtengroepering. De regering komt met veel lagere dodentallen. Maar die heeft er belang bij om de gewelddadigheid van de onderdrukking niet breed uit te meten, om niet al te erg te kijk te staan als de brute dictatuur die het is. Aljazeer maakt melding van 11 doden, alleen al de laatste twee dagen, in meerdere plaatsen.  De regering heeft een avondklok ingesteld in Tunis. Dat weerhield mensen er echter niet van om ook daar weer te protesteren. Ook in Bizerte, Tataouine, Menzel Bourguiba, Douz, en Kairouan en Sidi Bourzi, waar de opstand begon, vonden protesten plaats. Niets wijst erop dat dit protest snel inzakt.

Intussen voelt de staat de druk, en begint te bewegen. Al op 30 december verving de president enkele ministers, waaronder de minister van communicatie. Gisteren ontsloeg Ben Ali de minister van Binnenlandse Zaken – hoofd van de gewelddadig optredende politie. Ook kondigde hij vrijlating van opgepakte betogers aan. Hij beloofde ook 300.000 extra banen. De premier kwam intussen met de mededeling dat een commissie onderzoek gaat doen naar corruptie, naast de grote werkloosheid ook één van de grieven van deelnemers aan de opstandigheid.

Maar de autoriteiten bleven strenge taal spreken tegen betogingen, en lieten die taal kracht bij zetten met nieuw politiegeweld. Er verschenen gisteren ook militairen op straat, een nieuwe stap in de repressie. Ook sloot het regime hogescholen en universiteiten. Het bewind is in het nauw gedreven, maar nog lang niet verslagen. Maar wat als soldaten weigeren te schieten op jonge mensen – mogelijk hun brioers, zusters, zonen, dochters?

Intussen groeit de bezorgdheid onder Westerse regeringen. Dat is logisch: Tunesië is een Westerse bondgenoot. Als de volkswoede Ben Ali verjaagt, verjaagt de volkswoede een loyale Westerse steunpilaar, wiens mensenrechtenschendingen door Westerse staten steeds door de vingers zijn gezien. En voor het toerisme is de opstandigheid natuurlijk ook helemaal niet plezierig. De zorg wordt groter nu de staat een Franse man van Tunesische afkomst heeft doodgeschoten, en ook een Amerikaanse journalist verwond. Intussen 0ntraadt de Nederlandse regering ieder niet dringend-noodzakelijke bezoek aan het land, en halen reisbureaus toeristen uit het land terug.

De Tunesische ambassadeur in de VS in intussen al op het matje geroepen door het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken, een exercitie in hypocrisie – zolang de mensenrechten onzichtbaar geschonden werden, in kerkers en niet op straat was er voor de VS weinig aan de hand – die echter de bezorgdheid van de VS tot uiting brengt. Op de revolutionaire website Libcom.org – dat her en der informatie over de revolte bijeenbrengt – suggereert een commentator al dat de VS op zoek is naar vervanging van Ben Ali en een politieke facelift voor het regime, om de sociale angel uit het conflict te halen. Het zou goed kunnen. Of de opstand zich met zoiets nog op een zijspoor laat zetten, staat te bezien. Dat de Tunesische staat er niet zonder meer in slaagt om mert pure repressie haar positie te handhaven, is echter duidelijk. En dat is op zichzelf al een overwinning voor de op gang gekomen Tunesische revolutie.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: