Egypte: revolutie in gevaar

Een akelige wending vindt vandaag plaats in de botsing tussen de opstand tegen Mubarak enerzijds, en zijn aangeslagen maar níét verslagen, schrikbewind. Forse groepen  – zeg maar gewoon knokploegen van Mubarak-aanhangers, al dan niet rechtstreeks politie-provocateurs en dergelijke – hebben de demonstranten aangevallen, soms te paard of op kamelen. Demonstranten vechten terug, maar verliezen langzaam terrein. Het vindt plaats op en om het Tahrir-plein, waar gisteravond de feeststemming omsloeg naar frustratie en woede toen Mubarak bekendmaakte dat hij zijn ambtstermijn gewoon tot september uit wilde zitten.

De Egyptische revolutie is sinds gisteren al in een zeer moeilijke fase beland. Vandaag wordt duidelijk hóé moeilijk. Gisteren vond de muiljoenenmars plaats. In CaIro waren honderdduizenden bijeen, misschien inderdaan meer dan een miljoen, misschien inderdaad twee miljoen zoals Aljazeera zei. In andere steden waren eveneens menigten van honderdduizenden samengestroomd. Maar… waar bleef de miljoenenmárs? Het leger had de toegangen naar het presidentiële paleis verregaand geblokkeerd. Na enige onduidelijkheid zagen demonstranten af van een mars naar dat paleis. Dat betekende dat de revolutie feitelijk een tactiek koos van defensief afwachten. ‘Wij gaan niet weg zolang Mubarak blijft!’ Veel demonstranten zeiden zoiets. Maar door af te zioen van een offensiever houding, kreeg het bewind een adempauze. Gezegd moet helaas worden dat het regime de haar gegunde tijd uitstekend wist te benutten.

Eerst kregen we ’s avonds die onwerkelijke speech van Mubarak. Hij blijft tot september, maar beloofdt wel obstakels voor open verkiezingen weg te nemen, en meer fraais. Heel veel demonstranten hoonden zijn opstelling weg, en terecht. Maar de toespraak gaf tegelijk handvaten voor mensen die Mubarak wel weg wilden hebben, maar de onrust en de overlast, het geldtekort en de snel oplopende voedselprijzen, steeds meer tegen begint te staan. Bij die mensen kreeg je de houding van ‘hij gáát nu toch weg? Laten we nu maar weer gewoon gaan doen met z’n allen’. En precies bij déze angst voor ‘chaos’ kan succesvolle contrarevolutie prima aanhaken.

De dag van vandaag kwam met een oproep vanuit het leger die hier naadloos bij aansloot. Mensen, jullie hebben jullie punt gemaakt. Wordt het nu niet tijd om het dagelijks leven te hervatten? Dat was de strekking. In de loop van de dag kwamen er intussen steeds meer berichten dat er pro-Mubarak-betogingen gaande waren, in Cairo en ook in Alexandrië waar gisteren de spanning al om te snijden was. Nu hebben de aanhangers van het bewind dus gewelddadig de aanval geopend. Demonstranten verdedigen zich, maar hun positie is niet gunstig, met overal het leger in de buurt dat de aanvallers de ruimte geeft. De aanvallers kwamen met bussen naar het plein, een teken van organisatie, van regie, die zonder staatssteun in deze context moeilijk denkbaar is.

De opstelling van dat leger wordt nu ook ineens een stuk duidelijker. Gisteren maakte het leger twee dingen duidelijk aan demonstranten: ‘wij gaan in principe niet hard tegen jullie ingrijpen, wees niet bang’, maar ook: 2. ‘jullie gaan niet naar het paleis’. Vandaag is de militaire opstelling formeel vrijwel hetzelfde. Het leger grijpt nog steeds niet in tegen de demonstranten. Dat laat het leger namelijk over aan mannen op paarden en kamelen, aan de knokploegen van Mubarak, die vandaag gewoon hun gang mogen gaan van militairen. Oppositiegroepen zeggen dat het onder meer gaat om veiligheidstroepen, en er wordt rekening mee gehouden dat de oproeprpolitie er ook nog aan kan komen. Soldaten manen om kalmte maar doen niets. En kennelijk is groepen Mubarak-aanhangers ook weinig in de weg gelegd toen zijn hun straatacties voorbereidden, eerder op de dag of van te voren. Dat was met de miljoenenmars van gisteren wel anders. Die werd in de aanloop op allerlei manieren gedwarsboomd.

Dat een mars richting paleis  niet eens is geprobeerd, was al een tactische overwinning, voor het leger en voor Mubarak. Het liet zien dat de staat nog steeds in staat is om grenzen te stellen aan het initiatief van de demonstrantebn, met hoeveel ze ook zijn. De dagen ervoor was van dit vermogen van staatswege weinig meer te bespeuren, maar het is er dus nog wel degelijk. Simon Tiswall schetst een analyse van de aanpak van regime: een strategie van afwachten-tot-betogers-moe worden, en intussen achter de schermen heel bedaard Mubarak vervangen, maar met zo min mogelijk afbreuk aan het bewind. Op het plein gaan zitten en wachten tot Mubarak vertrekt is precies níét hoe je zo’n strategie het beste tegenwerkt. Integendeel: protestbewegingen die op pleinen plaatsnemen tot ze hebben gewonnen, verliezen het initiatief en tekenen als dit te lang aansleept, daarmee hun doodvonnis. 

Hier zijn voorbeelden van. De studenten en hun sympathisanten in 1989 China hanteerden geoddeels deze aanpak, en werden uiteindelijk hardhandig verdreven en verslagen. De oppositionele Roodhemden in Thailand bezetten vorig jaar wekenlang een stuk binnenstad van Bangkok. De regering wachtte, dreigde, en wachtte nog wat langer – en verdreef uiteindelijk de betogers. Om een regime te verjagen is een áánval nodig. Dat is riskant,  jazeker: een mars op het presidentiële paleis hád het leger kunnen bewegen om het vuur te openen. Maar anderhalf miljoen mensen die de weg weten, zijn niet meer met tanks tegen te houden. Het is trouwens zeer de vraag welke kant heel veel soldaten zouden hebben gekozen, als de demonstranten tot de aanval, tot een optocht richting Mubarak’s paleis, waren overgegaan. Op een plein plaatsnemen en genieten van de euforische festivalstemming die tijdelijk onstaat als mensen zien met hoe veel ze zijn, daar is voor korte tijd niets mis mee. Maar een winnend recept is het niet.

De aanpak vanuit demonstranten laat zien dat binnen de protestbeweging gematigde trends – verbonden met ElBaradei, de Broederschap en andere, onderling samenwerkende oppositiegroeperingen – invloedrijk zijn, tot schade van de revolutie. Deze mensen benutten het grootschalige straatprotest om druk op Mubarak uit te oefenen.  Net als Mubarak, en net als inmiddels ook Obama, willen ze een ordentelijke machtsoverdracht. Alleen zien deze oppositiegroepen in dat daarmee niet tot september moet worden gewacht. De volksopstand zou in de tussentijd namelijk wel eens vleugels kunnen krijgen, en een diepere revolutie kunnen worden vanuit vooral de arme meerderheid tegen bewind én tegen de rijke toplaag met wie mensen als ElBaradei zelf nu juist verbonden is.

De gevestigde oppositie wil geen revolutie, maar een machtswisseling, leidend tot een iets democratischer en wat minder corrupt bestuurssysteem. In zo’n aanpak past het prima om demonstranten te laten wachten op een plein, terwijl achter de schermen druk wordt overlegd tussen politici, generaals en Amerikaanse diplomaten. Een actievere aanpak, een optocht om de president daadwerkelijk ten val te brengen, kan dit subtiele spel doorkruisen. Het is een aanpak voor revolutuionairen, niet voor ElBaradei, deze heer van stand, verdwaald in revolutieland.

Hoe nu verder? meerdere vragen zijn nu van belang. Slagen demonstranten erin zich effectief tegen Mubarak-bendes en veiligheidstroepen te verdedigen? Zo ja, dan heeft het bewind wéér een troefkaart uitgespeeld zonder succes, na de door demonstranten zo succesvol afgeslagen politieaanvallen van vorige week, en na de mislukte poging tot intimiderend militair machtsvertoon van afgelopen dagen. In dat geval kan het protest alsnog verder aanzwellen, en komt de aangekondigde mars op het presidentiële paleis voor komende vrijdag weer in beeld.

Maar als de Mubarak-knokploegen de overhand krijgen, ziet het er grimmig uit. Dan herwint het bewind de greep op de straten van Cairo. dan kan Mubarak, de mensen om hem heen én de door revolutieangst verlamde staatshoofden en regeringsleiders, van Washington via Londen tot tel Aviv en Ryaad, voor het eerst sinds meer dan een week opgelucht ademhalen. Het zou een trieste ontwikkeling zijn. In dat geval wordt het extra belangrijk om te kijken wat er intussen in andere steden gebeurt, met name ook in de industriecentral van de Nijldelta. Hoe staat het met de stakingsbeweging? Hoe sterk staat het straatprotest daar tegenover de staatsmacht en de Mubarak-aanhang? het zijn vragen waarop ik geen antwoord heb. Dat er gisteren juist ook in veel andere steden ook grootschalig is gedemonstreerd – een kwart miljoen in Suez (waar in totaal 600.000 mensen wonen); honderdduizenden in Alexandrië – laat zien hoe breed de revolutie is. Dit is niet te verslaan door enkel in Cairo de straten te laten heroveren  door knokploegen. De revolutie beleeft vandaag een ernstige terugslag, zoals je dat in elke grote revolutie wel te zien krijgt. Maar deze revolutie is allerminst voorbij.

(opm.: enigszins bijgeschaafd, 2 februari, 21.14)

Advertenties

2 Responses to Egypte: revolutie in gevaar

  1. Rob Alberts schreef:

    Een revolutie in Egypte, en ik wordt steeds banger dat het een nieuw Iran aan de Nijl zal maken.
    Een revolutie in Tunesie, en ik wordt steeds banger dat daar een Khadafi opstaat.
    Een collega praat lyrisch over het socialisme van de kibboets.

    Revolutie garandeert nog geen vrijheid …..

  2. pele schreef:

    Hoi, even een snel berichtje de sp en de Nederlandse tak van de 6 april beweging organiseren a.s. zaterdag om 16.00 uur in Amsterdam een solidariteit bijeenkomst. (zie http://www.sp.nl/wereld/nieuwsberichten/8554/110202-zaterdag_as_manifestatie_voor_solidariteit_met_egypte.html)

    Wat je ook van de sp mag denken, ik denk dat het goed is dat hier veel mensen naar toe komen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: