Vrienden van de kolonel

Wat fijn voor die arme kolonel Kadhafi dat hij nog van die trouwe en loyale vrienden heeft. Ik doel niet op zijn veiligheidstroepen, de resterende eenheden die vandaag bijvoorbeeld een moskee vol demonstranten hebben beschoten. Die doen het beroepshalve, en omdat hun carrièreperspectief totaal verweven is met de positie van de dictator. Ik doel ook niet op de groepen huurlingen die volgens allerlei berichten veel van het moordenaarswerk voor het stervende en moordende bewind voor hun rekening hebben genomen. Deze mensen doen het jklaarblijkelijk voor geld.  In Guinee en Nigeria hebben volgens het liveblog van Aljazeera van 22 februari hebben advertenties gestaan voor huurlingenwerk, met 2.000 dollar als beloning – per dag.  In die regio zijn genoeg jonge mensen met werkervaring in deze branche te vinden, dus aan gegadigden was wel te komen. Ook Servië wordt als herkomstland van huurlingen genoemd. Maar met vriendschap wordt toch iets anders bedoeld dan moorden-voor-geld.  Erg betrouwbaar lijkt zoiets me ook  niet. Morgen biedt een vijand van Kadhafi 2.000 dollar per dag, en dan? En wat als het geld van de dictator op raakt? Harde informatie is er trouwens erg weinig over die huurlingen, hun herkomst en dergelijke. Sommige van de mensen die uit andere Afrikaanse landen naar Libië zijn gekomen, zijn wellicht eerder in het kader van samenwerking tussen Libië en allerlei gewapende bewegingen elders in Afrika in Libië beland, zo heb ik geopperd zien worden. Zij voelen wellicht wél verbondenheid met de dictatuur die verder gaat dan geldelijk gewin. En dan kan het ook nog zijn dat opstandelingen mensen met donkere huidskleur die geen Arabisch spreken voor huurling aanzien, terwijl het ook kan gaan om migrant-arbeiders of zo. Panische angst en logisch maar verkeerd gericht wantrouwen kunnen een rol spelen. In de Guardian is een artikel over de mogelijke aanwezigheid van huurlingen in Libië te vinden. Maar dit nu terzijde. Met vrienden van Kadhafi doel ik niet op huurlingen.

Doel ik dan wellicht op die hele reeks van Westerse leiders voor wie Khadaffi tot 2003 de Grote Terroristische Boeman was, het brein achter Lockerbie en wat al niet? Zij draaiden in hoog tempo bij toen Khadaffi na 11 september 2001 zo slim was om zich fel tegen het Al Qaeda-terrorisme uit te spreken. Dat zette door toen Kadhafi in 2003-2004 afzag van zijn kernwapenprogramma; hij kon aan het lot van Saddam Hoessein in Irak hoe zelfs de verdenking van zo’n programma uit kon pakken voor de dienstdoende machthebber. Asia Times publiceerde 0p 23 februari een zeer leesbaar artikel over de loopbaan van de kolonel en zijn wisselende verstandhouding met Westerse mogendheden.

Toen Kadhafi ook nog aansprakelijkheid voor Lockerbie aanvaardde, en schadevergoeding toezegde, kon de kolonel bij Westerse leiders nauwelijks kwaad meer doen. Olie- en wapencontracten werden afgesloten, Aljazeera noemt één en ander, in Counterpunch doet Tarecq Amer een boekje open over zakwenconnecties, olie, de VS en Groot-Brittannié, en een overeenkomst waarin Libië geacht werd mee te helpen om migranten uit dat land thuis te houden zodat ze niet naar Europa kwamen, was deel van het zakendoen. De VS, Groot-Brittannië, andere landen, ze deden wat Italië aldoor al was blijven doen: goede zaken met de dictator. Intussen doet de dictator andersom ook goede zaken, via een wijdvertakt netwerk dat ook inj Nederland opereert. Z24 brent het enigszins in kaart. Maar ook dit alles heeft weinig met vriendschap te maken. Zaken doe je desnoods met mensen aan wie je een pesthekel hebt, als de deal maar lucratief genoeg is. Al moet gezegd worden dat Berlusconi het wel opvallend goed met Khadhafi kon vinden. Dat die twee zelfs tijdens het bloedbad van de afgelopen dagen nog tijd vinden om geruststellend te gaan bellen, zegt wel iets.

Nee, ik doel dus niet op Kadhafi’s personeel, niet op zijn zakenpartners van Rome tot Washington. Ik doel op mensen die politiek/ gevoelsmatig dichterbij staan voor (te) veel lezers van dit weblog. Lezen daarover voelt ongemakkelijk, en ook bij het schrijven erover  voel ik onbehagen. Ik doel op Kadhafi’s vrienden van links, of beter gezegd: bij wat nog steeds bij teveel mensen voor ‘links’ doorgaat. Ik zal hun namen noemen, in opklimmende volgorde van ongemak. Het gaat om Daniel Ortega, om Fidel Castro en om Hugo Chavez. Alle drie zijn het vrienden van Kadhafi. Geen van drie heeft ervoor gekozen om Kadhafi zelfs nu te laten vallen. Dat noem ik vriendschap. Van het ijzingwekkende, verwerpelijke soort.

Ik leg het uit. Daniel Ortega was ooit één van de aanvoerders van de Sandinistische revolutie in Nicaragua die in 1979 de dictatuur van Somoza omverwierp. Ortega en zijn Sandinisten voerden een politiek waarbij oppositie tegen Amerikaanse overheersing samenging met de opbouw van voorzieningen voor de arme bevolking: gezondheidszorg, onderwijs, coöperaties.  Het was verwant aan wat Kadhafi in zijn eerste tien jaren deed: een soort van tamelijk autoritaire verzorgingsstaat opbouwen, al was de democratische speelruimte in Nicaragua aldoor wezenlijk groter dan in Lybië dat aldoor een politiestaat was.

De VS organiseerden gewapende strijd tegen het bewind én tegen de bevolking, via de zogeheten contra-terreurgroepen. Democratie was daarbij voor de VS retorisch van belang; het kernmotief werd echter gevormd door zakelijke en strategische belangen. Bij verkiezingen in 1990 hadden mensen de keus: de Sandinisten – die inmiddels steeds meer geld in de oorlog staken, steeds meer toegaven aan rechts, aan zakenlieden en zo, en hun linkse glans dof zagen worden – enerzijds. De rechtse opporitie anderzijds. Kozen mensen Sandinisten, dan zou de oorlog doorgaan, zo maakte de VS duidelijk. Kozen mensen rechts, dan zou de oorlog stoppen, want de contra’s en de rechtse oppositie waren vrienden. De mensen, moe van de wrede oorlog, kozen rechts. Chantage was het. De Sandinisten leiders verloren de verkiezingen en verdwenen, met corrupte medeneming van grote hoeveelheden staatsbezit. Rechts ging regeren, de ongelijkheid, de armoede enerzijds en de verrijking anderzijds, kregen weer Somozaanse proporties. De VS was opgelucht.

Maar de Sandinisten kwamen terug, en op basis van onvrede met de rechtse regering herwonnen ze de regeringsmacht. Nieuwe president: niemand minder dan Daniel Ortega. Hij was heel veel van zijn inzet voor de armen intussen kwijt, en was een doodgewoon demagogisch politicus geworden. Zijn afkeer van de oppermacht van de VS was gebleven, maar het idee van een wezenlijk ander soort maatschappij was verdwenen. Daarmee kwam hij, qua mentaliteit, nog wat dichter bij collega-leider Kadhafi. In Libië was intussen ook de pretentie van lotsverbetering voor de armen ondergesneeuwd in commercsiële oliecontracten en neoliberaal beleid. Gebleven was de onderdrukking van elk protest, op een wijze die Daniel Ortega zich nooit had durven of kunnen permitteren. Maar beiden hadden een verweante mentaliteit: alles vóór het volk, zo min mogelijk dóór het volk, en de nationale eer bovenaan en het ego van de machthebber in de top van de nationale vlaggenmast.

En nu Kadhafi wankelt,  staat Ortega voor hem klaar. “Nicaragua’s linkse president zegt dat hij de Lybische leider Khadaffi heeft gebeld om zijn solidariteit uit te drukken.” Jawel, want “Khadaffi ‘voert opnieuw een grote slag’ voor de eenheid van zijn land”. Immers,  “het is in moeilijke tijden dat loyaliteit en volharding op de proef worden gesteld”, aldus de president van Nicaragua. Dit staat in de Washington Post. Dat is wat mij betreft niet de meest betrouwbare bron: gevestigde VS-media over presidenten die zich tegen de VS-mach keren, zijn notoir ónbetrouwbaar. Maar ik ben nergens ontkenningen tegen  gekomen dus ik denk dat in dit geval Ortega’s houding min of meer correct is weergegeven. En het is een houding die inderdaad getuigt van “loyaliteit” tussen vrienden, tussen collega-sterke-mannen met een verwant zelfbeeld als autoritaire volksheld. Dat volksheld Kadhafi intussen voor de “eenheid van zijn land” vocht door de bewoners ervan bij honderden te laten vermoorden, mocht aan de loyaliteit geen afbreuk doen. Mafiafamilieleden steunen elkaar nu eenmaal door dik en dun.

Dan komen we toe aan de volgende van het trio: Fidel Castro. Op dinsdag meldt de Volkskrant een reactie van deze ex-chef van de Cubaanse ‘revolutionaire’ staat. “Fidel Castro doet een duit in het zakje. Volgens de Cubaan bereidt Amerika een invasie van Libië voor. Ook vindt hij het ‘te vroeg om het regime van Kadhafi te bekritiseren.'” Context van de uitspraken ontbraken echter, en er komt makkelijk iets op verdraaide vorm de media in, zeker rond zoiets. En voor de Volkskrant geldt wat mij betreft een soortgelijke reserve als voor de Washington Post en trouwens voor alle gevestigde media. Voorzichtig aan, dus.

Maar intussen heb ik gegevensgevonden waar de Volkskrant zich mogelijkerwijs op baseert, wat gedachten van de grote leider. Castro mijmert wat over de geschiedenis van Libië, stelt vast dat er ook in Libië veel olie zit, dat op basis daarvan een hoge levensverwachting is bereikt en dergelijke, dat de VS niet geïnteresseerd is in vrede in Libië, dat de NAVO op korte termijn een militaire interventie tegen Libië overweegt,  en dat dit veroordeeld moet worden. Dat vinden we in de fragmenten zoals MRzine ze weergeeft. Geen specifieke lof voor Kadhafi, maar evenmin een spoor van veroordeling van de terreur vanuit diens bewind.

Counterpunch geeft – helaas zonder bronvermelding – een iets uitgebreider fragment. En daarin lezen we dit: “Men kan het met Kadhafi eens zijn of niet. De wereld wordt binnengevallen met allerlei soorten van nieuws, vooral door de massamedia. We moeten de benodigde tijd wachten om precies te leren wat de waarheid is en wat leugebns, en wat een mengsel is van gebeurtenissen van allerlei soort die, temidden van chaos, in Libië zijn voortgebracht.” Daarna volgen de zinsnede over de VS die niet uit is op vrede, maar een interventie voorbereidt. Het is duidelijk: de Volkskrant-versie was niet exact, en erg kort door de bocht. Maar de houding van Castro – we weten onvoldoende om een oordele te vormen, en intussen moet gewaarschuwd worden voor VS-interventie – is redelijk goed weergegeven.

Wat te denken? Hoe is het bestaanbaar dat jen nádat er al dagenlang opstand woedt, nadat er al zoveel berichten waren over het grovfe geweld dat Kadafi’s eenheden inzetten tegen demonstranten, geen veroordeling over je lippen weet te krijgen van deze staatsterreur? Hoe is trouwens die ‘onwetendheid ‘te verklaren? Weet Castro minder dan jij en ik? Hij had toch, als hij meer wilde weten, gewoon even zijn broer, president Raul Castro, kunnen bellen met de vraag: wat zegt onze inlichtengendienst over de gebeurtenissen in Libië? Is het waar wat Aljazeera bericht? Dat had Castro kunnen doen..  Als Het Hem Had Kunnen Schelen. Maar een kopstuk-in-ruste van een bewind dat al panisch wordt van een hanvdol familieleden van gevangen critici van dat bewind, vindt een harde onderdrukking van vreedzame demonstranten tegen een geestverwant in een Noord-Afrikaans land blijkbaar niet zeer verontrustend, al is het wellicht geen gelukkige PR.

Geestverwant, jazeker. Dezelfde nationalistische ambitie, dezelfde aanvankelijke inzet vóór het volk maar tegelijk zónder zeggenschap en vrijhed van dat volk, dezelfde – maar opportunistisch wendbare – oppositie tegen de VS… en dezelfde arrogante zelfingenomenheid van mensen die boven kritiek verheven staan. Hetzelfde model van maatschappijverandering door een kleine, hiërarchisch georganiseerde en tot de tanden gewapende meerderheid. Dat Castro de wat goedmoediger versie van dit soort politiek vertegenwoordigt, en Kadhafi de pathologische, mag waar zijn. Het doet aan de onderliggende overeenkomst niets af.

O ja, en dan die VS-interventie. Wat Castro hier niet aanstipt is de overbodigheid daarvan zolang Kadhafi de macht heeft. De kolonel was de oliemultinationals immers juist zeer terwille, en had zich allang als loyaal bondgenoot van de VS ontpopt. De echte interventie van de VS is feitelijk al een week bezig, en bestaat uit zwijgen, afgewisseld door weinig zeggende verklaringen, uit het welbewust níét veroordelen van het bewind als zodanig, misschien uit angst dat Khadaffi Amerikanen ter plekke gaat gijzelen of zo, maar wellicht ook in de nu snel verdampende  hoop dat Kadhafi zou slagen waar Mubarak faalde. In zijn verklaring van gisteren noemde Obama Kadhafi niet bij naam in zijn oproepen aan het bewind om geen geweld tegen demonstranten te gebruiken. Als Castro werkelijk schande wil spreken over de VS, laat hem dan de medeplichtigheid van die VS aan het Khadaffi-bewind hekelen. Maar dat doet hij dus niet. Want voor Castro is Khadaffi geen enge dictator die zijn terreur betaalt met oliewinst, maar een leider zoals hij dat zelf was, een hoofd van een verwante ‘revolutie’.  Soort steunt soort, in een geest van ware vriendschap.

Nummer drie tenslotte, Hugo Chavez, president van Venezuela. Het gerucht, zondagavond, dat Kadhafi op de vluicht was en mogelijk naar Venezuela onderweg was, vestigde even de aandacht op venezuela. Maar een gerucht is makkelijk in de wereld gebracht, en het kan hier best gegaan zijn om een poging tot moddergooien richting Chavez door hem als degene bij wie Kadhafi eventueel terecht kon, op te voeren. Zoiets kan passen in psychologische oorlogvoering vanuit de VS tegen Venezuela. Vanuit Venezuela kwam al snel een scherpe ontkenning, en zoals we weten is er van een vlucht van Kadhafi waar dan ook heen geen sprake.

Maar daarna kwam ik bovenstaande treurigheid over Ortega en Castro tegen, en ja… Als Ortega en Castro zo welwillend tegenover Kadhafi staan, is het immers helemaal niet raar gedacht om iets soortgelijks ook van Chavez mogelijk te achten. De drie leiders hebben zijn immers bondgenoten tegen de VS, en hebben een soortgelijk maatschappijbeeld, inclusief een beeld van hun eigen hoofdrol. Als twee van de drie zo vriendelijk zijn naar de kolonel in Libië, waarom nummer drie dan niet?

Ik ben daarom eens gaan snuffelen.  Dinsdag verscheen er op Venezuelanalysis.com , een website die welwillend bericht over de ‘Bolivariaanse revolutie’, het woord waarmee vooral de politiek van Chavez en daarmee samenhangende veranderingen wordt aangeduid, een artikel met iets meer over de band tussen Chavez en Kadhafi. Er stond te lezen dat dde minister van communicatie en informastie van Venezuela het vluchtverhaal  “totaal onjuist” noemde. Tot zover niets aan de hand. Maar er stond ook dat minister   maduro van buiutenlandze zaken had gebeld met zijn Libische collega Kussa. “Kadhafi  was in Tripoli en ‘was bezig zijn plicht te doen en de situatie in het land aan het aanpakken'”, zo kreeg Maduro van Kussa te horen.

Kussa zei naderhand dat hij “hoopte dat het Libische volk, in het uitoefenen van zijn soevereiniteit, een vreedzame oplossing voor hun moeilijkheden zou vinden, een die de integriteit van het volk en de Libische nattie zou bewarwen, zonder tussenkomst van het imperialisme, waarvan de belangen in de regio de laatste tijd zijn geraakt.” Geen spoor van kritiek op de onderdrukking die veiligheidstroepen al dagen uitoefenden. En weer die verwijzing naar dat ‘imperialisme’ als potentieel gevaar. Dat dit imperialisme – in de vorm van het onderdeel ervan dat de Libische staat wel degelijk is – alláng actief is in Libië, en dat de opstandigen feitelijk tegen dat imperialisme-als-systeem aan het vechten zijn, dat inzicht is aan de Venezuelaanse minister kennelijk niet besteed. ‘Imperialisme’ is voor hem blijkbaar: wat de VS doen. Dat de VS tot een week geleden goede maatjes was met Kadhafi kennelijk ook. De minister houdt met zijn verklaring Kadhafi intussen uit de wind, net als Castro. Van een officiëel regeringsstandpunt van Venezuela intussen nog geen spoor.

Het artikel bevat ook nog wat informatie over Chavez zelf. Die had in 2009 visite van Kadhafi. Als presentje had de kolonel een bedoeinentent meegenomen voor Chavez. Een voetbalstadion in Libië had dat jaar de naam van de president van Venezuela gekregen., iets waarover ik ook geen spoor van boosheid of zelfs maar schaamte bij Chavez ben tegengekomen. En ook in 2009 had Chavez samen met Khadaffi de ‘revolutie’ – de staatsgreep waarmee Kadhafi in 1969 de macht greep – gevierd. In een artikel uit Foreign Policy staat, naast meer fraais, ook nog eens te lezen dat Chavez  Kadhafi aanduidde als “één van de grote leiders van de eeuw”. Dit is geen pragmatische (ook al kwalijke) samenwerking meer, dit gaat het groteske toch wel te buiten.

Chavez enKadhafi zijn op dezelfde soort basis vrienden als Castro en Ortega Kadhafi’s vrienden zijn. Een gezamenlijke oppositie tegen de positie van de VS, een soortgelijke leidersrol van een autoritair geleid proces dat met de naam ‘revolutie’ is opgedirkt, eenzelfde neiging om zichzelf in dat proces onmisbaar te vinden.

Nee, Chavez is daarmee niet ‘hetzelfde’ als Kadhafi. Chavez werkt in een andere context, waarin hij verkiezingen van een legale oppositie moet winnen om aan de macht te blijven. Chavez is geen dicator, en ook geen president-voor-het-leven, zoals de Miami Herald hem volgens het Venezuelanalisys-artikel aanduidt. Aan het aantal verkiezingen waaraan hij mee mag doen, is geen grenzen, maar hij moet ze dan wel steeds winnen. De zwakte van de rechtse oppositie én de misplaatste loyaliteit van wat doorgaat van links, maakt hem die eindeloos herhaalde overwinningen wel makkelijk. Maar het is geen uitgemaakte zaak.

Maar dat zijn verschillen in situatie, waarbij ook verschillen in persoonlijkheid komen. Ik geloof niet dat Chavez opstandige steden zou laten bestoken met straaljagers en oorlogsschepen, zoals Kadhafi wel probeerde. Maar er blijft een wezenlijke overeenkomst in het onderliggend soort politiek: nationalisme,. militarisme, een gewapende elite die het volk vóórgaat naar een betere toekomst – en die het volk blokkeert en erger als dat voor eigen rekening en op eigen initiatief wil opereren. Zowel in Cuba als in Nicaragua als in Venezuela als, ja, ook in Libië, gaaa het om tamelijk tot zeer autoritaire regeringen, verpakt – soms tijdelijk – in anti-imperialistische en soms expliciet linkse retoriek. Elke vereenzelviging met dit soort leiders, hun ambities en hun aanpak dienen we af te wijzen. Wie nu nog gelooft dat ook iemand als Chavez ‘aan de goede kant’ staat, tolereert impliciet de Libische nachtmerrie en soortgelijke vertoningen in de toekomst. We krtijgen immers ook nogg Syrië. En Iran.

Dat de rol van grote mogendheden, de VS voorop, veel funester is dan die van relatief zwakke staten als Cuba, Venezuela en Nicaragua, is waar. Maar  juist de sympathie die leiders van dit soort staten bij linkse mensen ontmoeten, dient juist op een weblog dat door een links iemand –  ‘ultra-links’ volgens sommigen… – wordt gemaakt en vooral door linkse mensen gelezen wordt, onderuitgehaald te worden als de gevaarlijke illusiepolitiek die het is.

Advertenties

4 Responses to Vrienden van de kolonel

  1. NOalCalcioModerno schreef:

    Chapeau! Geen speld tussen te krijgen.

  2. Jos Alembic schreef:

    In het artikel Goodbye to Gaddafi staat ook het volgende te lezen:

    Apologists
    Communists – genuine communists, that is – will not weep for Gaddafi and his henchmen, whatever their eventual fate. Good riddance to bad rubbish, frankly. But nor will we forget that his foul regime was courted by all manner of political tendencies – the apologists including sections of ‘official communism’ such as the New Communist Party, Arthur Sacrgill’s Socialist Labour Party and, perhaps most infamously, by the Trotskyist Workers Revolutionary Party (which was well rewarded with cash and other subsidies worth at least £500,000).

    The wretched WRP professed fealty on countless occasions to the Libyan Jamahiriya – eg, writing about its “support of the Libyan masses under their leader, Muammar Gaddafi”.[3] That line continues to this day. Hence, the WRP condemns the democratic uprising in Libya. It is led by opportunists who pose “as out-and-out revolutionaries”; that, or contradictorily, it is characterised as “rightwing”, “reactionary” and sponsored by a US-UK imperialism bent on getting hold of the country’s substantial oil reserves. However, albeit at the 11th hour, we hear criticism of Gaddafi. Apparently he was ill-advised not to identify himself with the mass movements in Tunisia and Egypt. Despite that “major mistake” the WRP urges the “Libyan masses and youth to take their stand alongside colonel Gaddafi to defend the gains of the Libyan revolution”. By way of advice the organisation laughably suggests a “national discussion” in Libya designed to see in the “introduction of workers’ control and management of the Libyan economy and society”.[4]

    Ironically enough, but quite logically, Gaddafi was also cultivated by far-right and fascist organisations and individuals, attracted to his “third international theory” or “third universal theory”[5] – predicated on an imaginary, and ultimately nightmarish, alternative to both capitalism and communism. At one stage such fascistic courtiers consisted of Nick Griffin and his then sidekick, Patrick Harrington – a former leading member of the National Front and now swishing in such obscure organisations as Third Way (UK)[6] and Solidarity – The Union of British Workers[7]. So the WRP found itself in good company then.

  3. Peter Storm schreef:

    Dank NOalCalcioModerno en Jos Alembic. Dat WRP-gebeuren was me min iof meer bekend, ik heb overwogen dat e ook in mn stuk te verwerken maar ik vond het zo ff welletjes. Het bovenstaande is al wel pijnlijk en genant genoeg voor één artikel…

  4. Klaas Verbunt schreef:

    Tunesie, Egypte, Jemen, Libie , dit is nog maar het begin.
    Kijk eens op http://www.hartool.nl/ABC.htm !
    Dan zie je wat ons nog te wachten staat …

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: