O ja, verkiezingen…

O ja, dat is waar ook: verkiezingen morgen, en die worden Héél Belangrijk, zoals ons vrijwel dag en nacht via vrijwel alle media wordt voorgehouden. Jawel! Als de rechtse coalitie een meerderheid haalt, wordt de beschaving verder afgebroken. Als kiezers dat morgen voorkomen, dan… Ja, wat dan eigenlijk? Er is eigenlijk niemand die daar een helder antwoord op heeft. Sommigen denken dan: zonder meerderheid in Eerste Kamer komt het kabinet snel ten val, en dan zullen er wel verkiezingen komen. Zou kunnen. Anderen zeggen: de regering blijft zitten maar zal meer rekening moeten houden met de oppositie. Zou kunnen. En hoe zit het eigenlijk als rechts die meerderheid inderdaad weet te behalen? Gaat het dan ook lúkken, dat voorgenomen beleid? Kort samengevat: hangt er wel zo ongelofelijk veel af van de uitslag morgen? En is stemmen wel zo heel er wezenlijk als ons, van rechts tot uiterst links, wordt voorgehouden?

Dat rechts het belangrijk vindt, snap ik wel. Het is hún kabinet dat al dan niet een meerderheid in de Eerste Kamer in de wacht sleept, hún voornemens krijgen wel of geen obstakel voor hun neus geplaatst door de verkiezingen. Dat de hoofstroom van de oppositie – nauwelijks minder rechts, maar met een wat humaner woordgebruik – de zaak belangrijk vindt, snap ik ook. Zij hadden zélf het bezuinigingsbeleid willen doorvoeren, zélf op dat pluche willen zitten dat ze na de Tweede Kamerverkizingen van vorig jaar en een eindeloze formatie zijn misgelopen. Ze zien hun kans op het Catshuis alsnog naderen. Logisch dat Cohen, Pechtold, Rouvoet, de zaak zwaar aanzetten.

Maar links en radicaal links? Moeten die echt zo hoog van de verkiezingstorens blazen? Van de SP begrijp ik het. In die partij gelooft men écht dat je via een linksere volksvertergenwoordiging een wezenlijk progressiever beleid kunt doordrukken. Dat de grootste groei van sociale zekerheid en progressieve wetgeving in de VS plaatsvond onder Nixon, en in Nederland onder premier De Jong, ongeveer in dezelfde jaren, dat het Grote Bezuinigen in Nederland halverwege het kabinet Den Uyl inzetten , dat Clinton en niet Reagan of Bush de Amerikaanse versie van de bijstand sloopte – het zijn inzichten die aan sociaal-democraten nauwelijks zijn besteed. Het patroon – rechts hervormt vaak steviger, parlementair links sloopt vaak effectiever – is echter heel verklaarbaar.

Zowel Nixon als De Jong stonden onder druk van allerlei strijd vanuit de maatschappij, van arbeiders die zeggenschap op de werklvoer wilden, studenten die zeggenschap op de universiteiten wilden, zwarten die het racisme zat waren, vrouwen die het seksisme zat waren, homo’s en lesbo’s weigerden nog langer hun seksuele voorkeur tot elke prijs te verbergen, en heel veel mensen die de oorlog in Vietnam stopgezet wilden zien. Al dat protest en verzet dwong regeringen om er rekening mee te houden, en peuterde concessies los. Dat stond los van de samenstelling van die regeringen. Intussen waren er, juist door al die opborrelende onrust in de maatschappij, natuurlijk best miljoenen angstige kleinburgers en door kleinburgerlijke angsten meegesleepte arbeiders te vinden om rechts aan regeringsmacht te helpen. Een flinke scheut law-en-order-retoriek, plus een wat vaderlijk toontje deed wonderen. Dat zag je in de VS met Nixons verkiezingsoverwinning in 1968. Je zag het in Nederland he met het kabinet-De Jong, 1967-1971. De Jonng was van de KVP, het katholieke deel van wat nu het CDA is. Hij regeerde samen met de VVD. De Jong was trouwens duikbootkapitein geweest, eerder. Dat was nog eens wat anders dan een kolonel aan de macht. Maar ik dwaal af. 

Het hele idee dat verkiezingen en parlementaire meerderheden bij uitstek belangrijk zijn voor maatschappijverandering, is dan ook een sprookje. Revolutionairen gaan daar, als het goed is, niet in mee. Het is echter lang niet altijd goed, want heel veel mensen die oprecht revolutionair van bedoeling zijn, verheffen de verkiezingen ten onrechte wél tot een heel zwaarwegend punt. Dat zien  we, keer op keer en ook nu weer, bijvoorbeeld in de stellingname van de Internationale Socialisten (IS). Op hun website staat het artikel “Stop rechts: stem protest en organiseer verzet”, van de hand van Jeroen van der Starre. Het is een sober getoonzet, helder beargumenteerd stuk, lezing en overdenking zeker waard. Maar uiteindelijk overtuigt het me niet.

De redenering in het stuk bevat vier bouwstenen. 1. Het kabinet heeft rechtse plannen en beleid, en is daarmee een gevaar. 2. Dus moeten we via de stembus het kabinet in de minderheid brengen. 3. Maar tegelijk moeten we met onze stem een expliciet links oppositiegeluid laten horen, door SP te stemmen. 4. Daarnaast dient vooral verzet opgebouwd te worden tegen bezuinigen, want stemmen is maar het halve verhaal. Welnu: punt 1 klopt. Maar punten 2 en 3 volgen daar helemaal niet noodzakelijkerwijs uit. Punt 4 klopt voor precies de helft.

Punt 1. “Dit kabinet zet het mes in het speciaal onderwijs, de sociale werkvoorziening, natuurbeheer, het openbaar vervoer, de culturele sector en de ambtenarij.” En minister Kamp wil aantastingen van sociale voorzieningen en ontslagrecht. Rijke mensen, ondernemers, zij blijven leuk incasseren, en via racisme krijgen migranten de schuld van ellende. Zo schetst de schrijver de dreiging, en die is maar al te reëel. We mogen aannemen, dat áls de coalitie inderdaad een meerderheid wint, er nog veel engere plannen tevoorschijn komen. Dat er vorige week een wetsvoorstel uitlekte dat de bijstand voor veel mensen met honderden euro dreigt te verlagen, is al een teken in die richting. Ja, dit is een naargeestig-rechts kabinet dat onze volle vijandigheid verdient. Punt één van de redenering stáát.

Punt twee wordt lastiger. “Als het kabinet er niet in slaagt om een meerderheid te krijgen om een meerderheid (…)te halen, zal ze het ‘ heel moeilijk gana krijgen’, aldus CDA-lijsttrrekker Elco Brinkman.” Daar zijn ze bang voor. “Een nederlaag zou dus geweldig nieuws zijn voor werknemers, uitkeringsgerechtigden, studenten”… voor al die groepen die onder vuur liggen. Dus: gaan stemmen allemaal, om die minderheidspositie van het kabinet ook waar te maken, zo luidt het devies.

Ik denk dat dit veel te categorisch is. Een rechtse meerderheid is eng, helemaal waar. Maar het zou niet voor het eerst zijn dat rechts, na een alles-op-alles-overwinning, haar hand overspeelt, botte aanvallen opent, en daarmee binnen korte tijd golven van weerstand provoceert die haar machtspositie bedreigen. Voorbeeld 1.: Frankrijk 1995, waar rechts in het voorjaar parlements- en presidentsverkiezingen won. Er kwam een aanval op vooral pensioenrechten van overheidspersoneel vanuit de regering. Die werd beantwoord met drie weken massastakingen, vooral in het openbaar vervoer, waardoor Frankrijk vrijwel plat lag. Het pensioenplan werd voor een aanzienlijk stopgezet, en in 1997 won parlementair links parlementsverkiezingen en ging regeren. Dïe regering kwam weg met zware bezuinigingen en privatisering. Voorbeeld 2.: de VS vandaag de dag! Daar won in november hard rechts de Congresverkiezinngen, plus nogal wat gouverneursposten en zo. Prompt gingen Republikeinse bestuurders, vervuld van Tea Party-spirit, in de aanval. De gouverneur van Wisconsin nam vakbonden van overheidspersoneel een groot deel van hun onderhandelingsvrijheid af, en legde zware bezuinigingen in arbeidsvoorwaarden van ambtenaren bindend en eenzijdig op.

Maar dat lukt niet zomaar: vakbonden en sympathisanten ontketenden binnen enkele dagen een heftig tegenoffensief, met dag in dag uit demonstraties rond het Capitool het bestuursgebouw, in de hoofdstad Madison. Leraren meldden zich zien uit protest. Enkele Dermocratische  Congeresleden namen  de benen, ontrtrokken zich aan de stemming zodat er onvoldoende Congresleden aanwezig waren om de stemming te laten doorgaan. Gouverneurs in andere staten werken aan soortgelijke wetgeving, en ook daar klinkt protest. Afgelopen zaterdag demonstreerden arbeiders verspreid over heel de VS uit solidariteit met de actievoerenden in Wisconsin. In Madison zelf betoogden 125.000 mensen! Er wordt intussen hardop nagedacht over een algemene staking in Wisconsin – en er wordt ook al daadwerkelijk toe opgeroepen, door een plaatselijke afdeling van de aloude maar nog steeds bestaande radicale vakbond de IWW. Het is een klassiek geval, dit hele verhaal, van een rechts dat haar hand fors overspeelt en precies het tegendeel bereikt van wat het beoogt. Precies een rechtse verkiezingsoverwinning heeft rechts tot deze aanpak helpen verleiden, en het protest daarmee onbedoeld in de kaart gespeeld.

Natuurlijk zijn er andere, tegengestelde voorbeelden. Toen rechts in Groot-Brittannië in 1979 verkiezingen won en Thatcher ging regeren, volgden wel degelijk jaren van kwaadaardig bezuinigingsbeleid en weinig effectief verzet. De overwinning van Ronald Reagan in 1980 had een soortgelijk effect. Maar daar zit precies een wezenlijk punt: je wéét niet of een rechtse verkiezingsoverwinning vooral demoraliserend werkt voor arbeiders en anderen aan de onderkant, of dat het juist – door via de overwinning aangemoedigde arrogantie van rechts – confrontaties provoceert die rechts wel degelijk ook kan verliezen.

Je weet dus niet hoe verkiezingsuitslagen zich vertalen in daadwerkelijke krachtsverhoudingen, in strijdbaarheid of juist het inzakken daarvan. Het is daarom verkeerd om van de uitslag van een verkiezing zo’n enorm zwaar punt te maken. Ja, ik vind het ook leuker als de coalitie van Wilders, Rutte en Verhagen morgen verliest. Ik zie uit naar hun beteuterde gezichten. Maar ik zie niet uit naar de zelfgenoegzame hoofden van Cohen, Pechtold en Sap die ons op diezelfde avond dan ook te wachten staan. En vooral: precieze verhoudingen  in parlementen zijn niet zo heel erg belangrijk, ook al omdat in parlementen varianten van gevestigde politiek tegenover elkaar staan. De echte krachtmeting vindt elders plaats. En die gaat tussen arbeiders en dergelijke en de héle gevestigde politiek.

Daar komt nog iets bij. Ja, ik wil best dat deze regering haar meerderheid verliest. Moet ik echter daarom gaan stemmen? Het proces van afbrokkeling van die meerderheid kan op allerlei manieren gebeuren, en bevorderd worden. Zo woedt er niet alleen een strijd tussen de coalitiepartijen enerzijds (SGP meegerekend trouwens, die gedraagt zich als zodanig) en de rest. Er woedt ook een strijd tussen de PVV en de grootste partij, namelijk die van de thuisblijvers. Mensen die in 2009 PVV stemmen, en nu beginnen te zien dat de PVV vooral goed is in verkiezingsbeloften breken, dat de halve PVV-fractie een strafblad of iets dergelijks heeft en dat al het gepraat over veiligheid dus niet geloofwaardig is, dat PVV-ers dus helemaal geen vertrouwen waard zijn… waar zullen die heen gaan? Veel ervan zullen doen wat ze eerder vaak ook deden, namelijk wegblijven op verkiezingsdag. Dat verzwakt de PVV, en daarmee de coalitie.

Dit slag mensen is doorgaans niet zeer links. Er zitten juist tussen deze mensen de nodige keiharde racisten en erger. Maar er zitten tussen deze mensen ook verwarde ex-PvdA-ers, gedesillusioneerde en met demagogie verder van de wijs gebrachte sociaal-democraten. Die mensen zijn bitter en kwaad, en met reden. Die mensen krijg je met geen stok meer terug naar de PvdA, en waarschijnlijk ook niet naar de SP. Voor mainstream rechts hebben ze een diepe minachting of haat, dát hebben ze van hun sociaaldemocratische achtergrond wel onthouden, en bij deze mensen die vaak ook aan de onderkant zitten is die haat ook logisch. Deze mensen zien zich niet (meer) als links. Maar het zijn wel mensen die ertoe doen. Als deze mensen de PVV weer in de steek laten en thuisblijven zie ik dat als iets positiefs. Met een oproep ‘ga hoe dan ook stemmen, tégen de coalitie’ ga je echter nogal voorbij aan wat deze mensen beweegt. Met een houding van rabiaat verzet en afwijzing van de complete gevestigde orde kom je veel verder, juist als je met deze mensen in gesprek wilt komen en wilt kijken of je samen iets kunt dóén.

Andere bewegingen van kiezers gaan wel van partij naar partij. VVD-ers die zo tegen Wilders zijn dat ze Rutte voor zijn coalitie met de PVV willen straffen, en dus uitwijken naar D66. CDA-ers die om soortgelijke redenen naar de CU uitwijken. Een enkele PVV-kiezer die rechtstreeks was overgestoken vanuit PvdA of SP, en nu weer terugkeert tot die partij. Allemaal draagt het op één of andere manier bij tot de verzwakking van het kabinet. In die zin is het welkom. Maar daar volgt niet uit dat we al die specifieke bewegingen gaan aanmoedigen met een stemadvies. In het algemeen kunnen we uitstekend een kabinet helpen afbrokkelen door verzet ertegen uit te stralen en te stimuleren. Deining tegen het kabinet zal zich dan op allerlei manieren vertalen, ook als stembewegingen wég van de coalitie. Laten we aan die deining bijdragen, en ons niet al te druk maken welke indirecte vertalingen dat via de stembus krijgt.

Verwakking van de regering is trouwens maar een deel van het effect van zulke kiezersbeweging. Stemmen op CDA, D66 en ja , ook PvdA en GroenLinks, verzwakt het kabinet weliswaar. Maar het betekent ook een versterking van het politieke midden, niet van links. Dat midden is helemaal geen echte vriend van mensen onderaan, van de brede meerderheid die werkt, naar school gaat of een uitkering heeft. Eenmaal in de regering, zullen deze partijen een beleid doordrukken dat slechts in onderdelen van het huidige beleid afwijkt. Tegen dit kabinet stemmen is zinloos als je tegelijk voor een soortgelijk kabinet stemt.

Dat de meeste oppositiepartijen geen stem waard zijn, ziet Jeroen van der Starre ook. Vandaar zijn derde punt: niet alleen tegen de coalitie stemmen, maar specifiek je stem op de SP uitbrengen. “Dit is de partij die zich het duidelijkste keert tegen de pogingen van rechts om de armen voor de crisis te laten betalen.” Dat klopt in grote lijnen. En áls ik zou gaan stemmen, zou ik om dit soort reden inderdaad SP gaan stemmen.  Als proteststem, inderdaad.

Maar ik ga het toch niet doen, denk ik. Het artikel zelf geeft een reden waarom de SP-koers geen vertrouwen wekt, aan de hand van een voorbeeld. “De SP-campagne ‘Armoede werkt niet’ (…)  ging niet evrder dan een petitie en een manifestatie (…) De boodschap was een richtingloos ‘laat je stem horen’, meer bedoeld voor het profiel van de SP, dan om daadwerkelijk een vuist te maken.” Inderdaad.

Maar door te stemmen op déze SP versterk je een partij die zo omgaat met actie en actiepotentieel. Naar rechts toe klinkt een SP-stem inderdaad als protest. Maar binnen het potentieel van verzet en protest betekent een sterkere SP precies versterking van een kracht die dat potentieel ondergeschikt maakt aan haar eigen politieke ambities. En die ambities richten zich uiteindelijk op regeringsdeelname met het politieke midden. Hoeveel concessies de SP daarvoor bereid is te doen, weten we niet. Dat de kans dat SP iets meer in onderhandelingen los krijgt groter wordt als de SP groeit, klopt. Maar een inzet op dit proces, ten koste van de zelfstandige strijd van rechtstreeks betrokkenen en hun bondgenoten maakt het verzet niet sterker. Eerder het tegendeel.

De schrijver noemt nog een reden waarom we SP moeten stemmen. “Bovendien zou een sterke SP de PvdA en GroenLinks dwingen naar links te bewegen in plaats van naar rechts.” Welnu, dat lijkt mij doodgewoon niet waar. De SP won in 2006 maar liefst 25 zetels, een reuzensprong vanaf de 9 die ze hadden. Duwde dat de PvdA en GroenLinks naar links? Welnee. De één ging regeren met Balkenende. De ander werd de meest keurige oppositiepartij die we ons kunnen voorstellen, compleet met verwijten aan de PvdA dat ze ‘ouderwets’ (lees: te links,  te SP-achtig) was. De SP zelf benutte die steun om te proberen aan te schuiven in de formatie van destijds. Toen dat niet lukte, werd de conclusie van de SP-top: we moeten ons nog wat meer aanpassen aan nhet politieke midden, obstakels als het anti-NAVO-standpunt moeten op de helling. Een grotere SP leidde niet tot een linksere PvdA en GroenLinks. En het maakte ook de SP-koers zelf niet linkser. Er is geen reden waarom een groei van de SP nu opeens wel een linksere GL en PvdA teweeg zou helpen brengen. Partijen als de SP en GL kunnen soms de koers wat naar links verleggen. Maar dat gebeurt dan veelal onder druk van daadwerkelijk protest en verzet waar linkse partijen dan bij aanhaken om hun ‘achterban’ nog een beetje bij te benen als die aan het demonstreren slaat. Stemmen om de SP om dít soort redenen spoort niet. Je kunt het een ‘proteststem’ noemen zo vaak en zo luid je maar wilt. Maar Roemer zal die stem benutten om zíjn koers  te helpen uitvoeren. En die koers is: meebesturen met het midden, in ruil voor hooguit wat bijgeschaafde beleidsrandjes.

De schrijver van het artikel erkent dat SP stemmen niet het hele verhaal is, dat strijd voeren wezenlijk is. Dat is punt vier van het betoog. “Maar een proteststem op de SP mag geen substituut worden voor echt protest.” Rechts en ondernemers blijven sowieso onze belangen en voorzieningen aantasten. “Daarom is er actief verzet nodig, op straat en in de bedrijven.” Zo is dat. Dat is het deel van punt 4 dat klopt: protest en verzet is noodzakelijk.

Probleem is echter nu juist dat de nadruk om SP te stemmen, de centraliteit die het stemmen in het hele verhaal krijgt, wel degelijk afbreuk doet aan de nadruk die verzet krijgt. Je kunt domweg niet alles tegelijk, en als het goed is hebben we aan verzet echt onze handen wel vol, nietwaar? Een formulering bij het slot van het artikel is symptomatisch: “Stem zo links mogelijk, stem SP. Maar dit is maar de helft van het verhaal.” De helft? Is wat we in de stembus doen net zo belangrijk als wat we “op straat en in de bedrijven” doen?! Ik weet vrij zeker dat Jeroen van der Starre dit niet zo letterlijk meent. De IS is geen parlementair-georienteerde club. Maar de klemtoon op dat SP-kiezen brengt wel degelijk schade toe aan de oriëntatie op strijd, strijd en nog een keer strijd. Het misvormt het revolutionaire verhaal van de IS wel degelijk in parlementaire richting. Díe oriëntatie is wat mij betreft niet “de helft” van het verhaal, of driekwart van het verhaal. Die oriëntatie ís het revolutionaire verhaal.

Wil dat nu zeggen dat we dus persé niet moeten gaan stemmen, om niet in parlementaire valkuilen te stappen? Nee, mijn kernpunt ligt elders. Veel van mijn lezers zullen SP gaan stemmen. Misschien helpt het, ondanks al mijn bezwaren, een heel klein beetje in het verzwakken van de regering, misschien draagt het iets bij. Misschien ook niet. Ik ga zelf niet stemmen, net als waarschijnlijk een aantal andere lezers van dit blog. Misschien helpt dit een heel klein beetje in het verder afbrokkelen van de greep die parlementaire politiek heeft, een greep die ertoe bijdraagt dat mensen in deze maatschappelijke orde ingekapseld worden. Misschien helpt dat niet-stemmen ook níét. Mijn reden om niet te stemmen is trouwens toch al vooral gelegen in het daardoor opzeggen van iedere loyaliteit aan de staat, in het weigeren mijn macht uit handen te geven, ongeacht het tactische effect van die weigering op korte termijn. Effecten van stemgedrag zijn nu eenmaal nauwelijks duidelijk vast te stellen. Ook daarom moeten we van dat stemgedrag helemaal geen groot punt maken. Ga desnoods tactisch stemmen op de SP, of doe dat niet. Het is niet zo belangrijk. De kérn is: wat dóén we? Wat doen we zélf?

(bijgeschaafd, 2 maart, 2.20 uur)

Advertenties

4 Responses to O ja, verkiezingen…

  1. Emil schreef:

    Ik heb er, vanuit een wat andere invalshoek, ook mijn gedachten over gegeven.

    Het basispunt is dat er twee mogelijke uitkomsten zijn, mocht links een meerderheid krijgen:
    1. Er volgt een constitutionele houdgreep, waarin links nieuwe verkiezingen afdwingt (retoriek Sap).
    2. PvdA, GL en ook SP gaan, “in het langsbelang” concessies doen.

    Beide situaties zijn een vooruitgang. In het eerste geval is de staat sterk verzwakt om harde aanvallen uit te voeren, althans voor een tijd. Tijd die hard nodig is om de arbeidersbeweging op orde te krijgen tegen álle partijen die bezuinigingen willen doorvoeren.

    In de tweede situatie is valt de linkse “oppositie” door de mand. Iets wat een vacuüm op links verder opent en bovendien de arbeidersbeweging losweekt van het achteraan hobbelen van parlementaire partijen. Iets wat volgens mij alleen maar goed zou zijn.

  2. NOalCalcioModerno schreef:

    Goed stuk weer. Ik onderschrijf je conclusies, maar ben idd. (zoals ik al eerder toegaf) 1 van “die lezers” die zich(met meer tegenzin dan ooit) naar de stembus sleepte om met mijn SP-stem dan maar in ieder geval een beetje de middelvinger op te houden…that’s all. De ideeën van pak ‘m beet een I.S. daarover onderschrijf ik ook totaal niet. Right on, laten we er niet meer van maken dan dat ’t is.
    Het moet idd. ergens anders gebeuren…

  3. Emil schreef:

    En weer een stukje waarin ik de zaak wat analyseer.

  4. Vrij Nederland schreef:

    Ga eens in op de zaak Joris Demmink. Politiek in Nederland is een en al corrupt, inclusief links.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: