Occupy! Revolutionair populisme en de heruitvinding van de anarchie

woensdag 19 oktober

Occupy Wall Street, zo begon het op 17 september. Al snel ging het richting Occupy Everywhere, met 15 oktober als voorlopig hoogtepunt. Occupy-acties op die dag gingen van miniem – , “een kleine twintig deelnemers” in Heerlen, Zuid-Limburg – tot immens – duizenden mensen op Time Square, New York; honderdduizenden actievoerders in Spanje, en in Italië waar grote rellen uitbraken en er op grote schaal teruggevochten werd tegen de oproerpolitie. In een flink aantal plaatsen zijn nu dóórgaande Occupy-acties. Occupy, zo kunnen we zonder veel risico zeggen, is here to stay, Occupy gaat dóór. We beleven een werkelijke explosie van protest en verzet. De revolutionaire golf die in december in Tunesië op gang kwam, is doorgedrongen in de kernlanden van het Westerse kapitalisme, met name in de financiële centra Londen en New York.

Wat kenmerkt de dynamiek van deze plotseling opgekomen protestbeweging? Waar ligt haar kracht, haar betekenis? Wat voor interne en externe problemen komen wij – mensen in deze beweging, mensen die samen met andere Occupyers een einde willen aan de economische almacht van een piepleine elite en de greep van een onmenselijk systeem – onderweg tegen? Anarchisten hebben een levendige belangstelling voor het verschijnsel, en terecht. Ze kunnen er een goede bijdrage aan leveren, maar niet elke poging daartoe is even geslaagd. Voor we dat nader uitwerken, eerst iets meer over wat de Occupy-strijdgolf zoiets moois en sterks maakt.

Een zeer bepalend kenmerk van de beweging is het aanstekelijke authentieke populisme ervan. Jazeker: populisme, in haar negentiende eeuwse betekenis; een politiek die ‘het volk’, de overgrote meerderheid van de bevolking, tot vertrekpunt van denken en handelen neemt. Een politiek die het opneemt voor dat volk, vanuit het volk te werk gaat, dat volk als uitgangspunt neemt, tegen een piepkleine elite. Laag tegen hoog, onder tegen boven, volk tegen elite, overgrote ontrechte meerderheid tegenover minieme geprivilegieerde minderheid, volk tegen elite: dat zijn karakteristieke populistische begrippenparen. In de Occupy-beweging zien we dat geformuleerd als de 99 procent tegenover de 1 procent, de overweldigende meerderheid van mensen met of zonder baan, mensen in een uitkering, studenten, scholieren, gekleurd en wit, vraouw en man, noem maar op, aan de ene kant – en die piepkleine groep van topbankiers, grote zakenlieden en ermee verbonden politici aan de andere kant. Klassiek populisme. Het is een fundament voor ieder serieuze revolutionaire ambitie en onderneming, en het is een enorme kracht.

Een tweede kenmerk is het al even aanstekelijke internationalisme van de beweging. De kunst is overduidelijk afgekeken van de bezetting van het Tahrir-plein die zo’n wezenlijk onderdeel was van de Egyptische revlutie begin van dit jaar. Nog directer is de voorbeeldwerking van de pleinprotesten in Spanje in lente en voorzomer van dit jaar. Het model – je bezet een plein of andere publieke ruimte, en organiseert en versterkt vandaaruit je acties – is overgenomen, eerst rond Wall Street, daarna in tientallen Amerikaanse steden, en inmiddels dus wereldwijd. En het is niet enkel het overnemen van elkaars actievormen waarin we dit internationalisme zien. Het is ook de bewuste onderlinge afstemming van activiteiten: 15 Oktober was opgezet als internationale actiedag. Daaronder ligt ook het bewustzijn dat we overal tegenover dezelfde tegenstander staan, dat onze problemen en onze verlangens internationaal in essentie dezelfden zijn. Precies dit internationalisme draagt er ook toe bij om de valkuil waar populisme soms in belandt – namelijk nationalisme, zodra ‘het volk’ als concept minder tegenover de elite en meer tegenover andere ‘volken’in stelling wordt gebracht – te helpen vermijden. De 99 prcent waar Occupy van spreekt is een wereldwijde , geen nationale, overweldigende meerderheid, en de elite is een wereldelite (met analytische complicaties die dát concept weer op kan leveren, maar dat is voor een andere keer).

Een derde kenmerk is haar horizontale, direct-democratische, dynamiek, haar impliciete maar tegelijk zo opvallende anarchisme in de praktijk. De beweging wordt in artikelen getypeerd als ‘leaderless’, zonder leiders, en inderdaad: er zijn gangmakers en voorlopers, maar leiders in de klassieke zin – een vaste groep mensen met de bevegdheid om de zaak aan te voeren – ontbreken. Dat niet alleen, actievoerders werken er zeer bewust aan om de opkomst en greep van zulk soort van leiders tegen te gaan. Daartoe dienen de talloze horizontale organisatie – en besluitvormingsmethoden, van online-meetings via IRC-chats tot de inmiddels al welhaast klassieke assemblee-vorm. Die laatste vorm duikt overal op, en is in feite directe democratie in werking, potentiéle kiemcel van een vrije, zelfbesturende maatschappij. Actievoerders komen in zo’n assemblee bijeen tijdens de actie, gaan bijvoorbeeld in een kring zitten, bespreken de gang van zaken tijdens de actie en nemen besluiten daarover. Comités, teams, groepen met een specifiek werkterrein, organiseren relatief autonoom afzonderlijke taken: het schoonhouden van het plein, het betrekken van nieuwe mensen en groepen in de actie (‘outreach’), voedselvoorziening, media, bewaking en informatievoorziening.

Natuurlijk wemelt het van de afstemmings- en coordinatieproblemen, er is om de haverklap ‘chaos’. Maar het werk wordt gedaan – en het wordt gedaan door mensen zelf, op initiatief van mensen zelf, zonder iemand die commandeert en van hogerhand beslist. De besluitvorming gaat via consensus: zorgvuldig zoeken naar een besluit waar de meste mensen vóór zijn, en niemand zódanig tegen dat die er niet mee kan leven. Het is een poging om daadwerkelijk zonder hiërarchie en bestuur van bovenaf de acties vorm te geven. De Occupy-beweging is daarmee, samen met de revoltes en revoluties in het Midden-Oosten die er mede de voorbode van waren, wellicht de meest omvangrijke heruitvinding van anarchie in werking sinds de actiegolf die in 1968 een hogtepunt bereikte. En de greep van allerlei partijen, van allerlei zelfbenoemde voorhoedes, die in 1968 nog sterk was, is vandaag de dag enorm veel zwakker, hetgeen de anarchistische dimensie van de huidige strijd sterker en vooral ook kansrijker maakt.

Populisme, internationalisme en vooral de anarchistische dimensie van de strijd: het typeert de gebeurtenissen, de handelingswijzen van de deelnemers, de houding van sympathisanten. Daar komt ook nog eens het impliciete maar tegelijk enorm evidente antikapitalisme bij, ook al wordt dat vaak geformuleerd als afwijzing van ‘het onetaire systeem’en ‘de banken’. Et de nadruk op financieel kapitaal is wel iets mis maar het doet aan de antikapitalistische strekking van de protesten niets af. De anarchistische en antikapitalistische aspecten van de protesten willen echter helemaal níét zeggen dat deelnemers en sympathisanten zelf anarchisten of iets dergelijks zijn. Het betekent al helemaal niet automatisch dat veel anarchisten zich vanzelfsprekend deel van de Occupy-strijd voelen integendeel. In sommige Occupy- netwerken in de VS bestaat een flinke afkeer van anarchistische activisten, die als bij voorbaar gewelddadig worden gezien en soms zelfs worden verlinkt aan de politie. Omgekeerd vinden veel anarchisten het Occupy-verschijnsel veel te soft, te doordrenkt met verkeerde ideeën, teveel gericht op beperkte hervormingen. Het impliciete anarchisme van de beweging is zichzelf vaak niet bewust. En het zichzelf bewuste anarchisme is vaak erg afstandelijk en kritisch over Occupy.

Zit er iets in die kritiek? Jazeker! En het is ene gede ontwikkeling dat anarchisten hun pvattingen via pamfletten op straatacties verspreiden, zoals nu tijdens Occupy. Dit is een vrij nieuwe ontwikkeling, en het laat zien dat anarchisten hetnpenlijk utdragen van hun opvattingen serieuer nemen dan tijdenlang het geval is geweest. Maar de inhoud van die pamfletten stemt lang niet altijd er opgewekt. De erin verwoorde kritiek wordt te vaak vanut de positie van outsider ingebracht, en op een manier die de kracht van het Occupy-gebeuren wel erg relativeert en miskent. Een pamflet maken met eigen gezichtspunten, en dat uitdelen op Occupy-acties is prima. Het “Communique #1” van de Autonomen Den haag bijvoorbeeld: goed initiatief, met sterke inhoud. Het goede was daar dat gewoon eigen gezichtspunten naar voren werden gebracht, zonder een waslijst eraan toe te voegen van wat andere Occupyers allemaal wel of niet verkeerd deden. Lezers kunnen dan zelf nadenken, vergelijken, zich een oordeel vormen, en ze voelen zich niet aangevallen.

De tekst “Beste bezetter – een brief van Anarchisten”  – een bewerking van een CrimethInc-tekst uit de VS – vind ik veel minder sterk, zelfs riskant. Het begin is goed: “Steun en solidariteit!” Verheugd vaststellen dat er “eindelijk weer mensen de straat op” zijn, hoop uitspreken dat de acties groeien, en toezeggen om darabij te helpen, het getuigt van de goede houding. Maar meteen erna gaat het al mis. “Waarom zou je naar ons luisteren? In het kort, omdat anarchisten al jaren bezettingen organiseren, beslissingen maken op basis van consensus en strijden tegen e het kapitalisme.” Wij anarchisten zijn experts; jullie, nieuwe Occupyers, doen er goed aan bij ons in de leer te gaan. Zo komt het al gauw over, al zal het zo niet zijn bedoeld. Ik denk dat dit een verkeerde toonzetting is. Het zet anarchisten neer als een soort deskundigen-in-verzetskunde. En ik denk dat anarchisten dat maar zeer ten dele zijn, en zich op zo’n rol al helemáál niet op deze wijze moeten laten voorstaan.

Het soort strijd van duizenden mensen zoals dat in de Occupy-acties plaatsvindt, is op een zeer wezenlijke manier nieuw, en ligt vér voor op veel van de kleinschaliger acties waar veel anarchisten ervaren en bedreven in zijn. Assemblees met honderden deelnemers, wekenlange pleinbezettingen – je moet vrij ver teruggaan in de geschiedenis wil je dit soort dingen op deze schaal in Nederland of West-Europa hebben meegemaakt totdat de Spaanee bezettingen begonnen. Ik denk dat we als anarchisten meer te leren hebben ván deze nieuwe beweging dan dat we deze bewering van lessen hebben te voorzien. Op zijn minst moet in de hele toonzetting een bereidheid spreken om sámen te leren, om een tweerichtingsverkeer te hebben, een gesprek en geen monoloog van anarchist tegen Occupyer. Die zoektocht in wederkeringheid, dat verlangen naar een gezamenlijk leerproces, ontbreekt hier vrijwel. Evenals de erkenning dat, áls we hier al experts hebben, dat dan vooral de nieuwe Occupy-actievoerders – soms nooit eerder naar een actie geweest, en nu al in de rol van gangmakers- zijn. ZIJ hebben bij uitstek een feeling voor het nieuwe wat hier gebeurt, en ze zijn veelal nog niet sceptisch geworden door veertig jaar actie en veertig jaar halve en hele nederlagen bovendien.

De tekst gaat verder: “Als deze nieuwe beweging niet leert van de fouten van de voorgaande bewegingen, lopen we het risico deze fouten te herhalen.” Op zichzelf zeer juist, maar de ultimatieve toon spreekt me niet echt aan. “We hebben hieronder een aantal van onze zwaarbevochten lesen samengevat.” Prima. Laat maar eens zien dan. De eerste: “Bezettingen zijn niets nieuws.” Jaja, de geschiedenis van strijd is relevant. Mee eens, en waarschijnlijk binnen Occupy niet echt controversieel. Zelfs Zeitgeist – een binnen Occupy invoedrijk, maar problematisch, gedachtengoed – neemt op een website bijvoorbeeld de burgerrechtenbeweging in de VS tactisch ten voorbeeld.

Maar dan. “De ‘99%” is niet een sociaal geheel”, zegt de tekst, om vervolgens op de diversiteit onder die overgrote meerderheid in te gaan. Het is natuurlijk waar. Maar het is tegelijkertijd ook niet erg terzake hier. De 99 procent versus de 1 procent zijn geen uitgewerkte klassenanalyse, en zijn zo ook helemaal niet bedoeld. De 99 prcent versus de 1 procent zijn een beeldspraak, en een buitengewoon effectieve, mobiliserende beeldspraak: waarom moet de overgrote meerderheid buigen en lijden vanwege de ambities en macht van een minieme minderheid? De interne samenstelling van de meerderheid is hier helemaal niet aan de orde. En de veelvormigheid binnen die meerderheid is met haar kracht als overweldigende maar vertrapte meerderheid helemaal niet in strijd. Als ik een niet-anarchistische Occupyer was, dan had ik waarschijnlijk het gevoel dat hier spijkers op laag water werden gezocht.

“De ‘gewone mensen’ die worden aangeduid als de ‘99%’, lijken vaak verdacht veel op de overwegend witte, gezagsgetrouwe middenklasse burgers die we kennen van TV, maar zo homogeen ziet de samenleving er niet uit.” Ik geloof niet dat hiermee zowel de Occupy-protesten als de houding van de meeste deelnemers recht wordt gedaan. Dat er binnen Occupy een nadrukkelijke erkenning is dat óók die mensen uit de mainstream, óók die nu-nog-gezagsgetrouwe burgers belang hebben bij het protest, en er goed aan doen eraan deel te nemen, dat men mensen niet afwijst vanwege hun ‘middenklasse’ opvattingen, mentaliteit en uitstraling, lijkt me eerder een pluspunt van Occupy – en een punt waarin sommige anarchisten misschien meer van mede-Occupy-ers kunnen leren dan andersom…

Dan snijdt de brief een inderdaad belangrijk punt aan: de dogmatische houding van geweldloosheid die veel Occupy-actievoerders kenmerkt, en de illusies in de politie die er in Occupy-kringen bestaan. De tekst pleit voor erkenning van “diversiteit aan tactieken”, en wijst de neiging om zich te distantiëren van wat hardhandiger actievormen – ‘geweld’ – van de hand. Inhoudelijk ben ik het daar mee eens. Over politiegeweld zegt de tekst: “Politiegeweld is niet enkel bedoeld om ons te provoceren, het is bedoeld om ons pijn te doen en bang te maken zodat weweer gehoorzaam en inactief worden. Daarom is zelfverdedigingvan essentieel belang.” Dat klopt ook helemaal. Ook de waarschuwing tegen interne bureaucratie, tegen de neiging van ‘de organisatie”om zich als vertegenwoordigers van de actie te gaan gedragen, is terzake. Net als de aanbeveling om de strijd niet in handen te laten vallen van politici en vakbondsbestuurders en dergelijke.

Maar ook hier wordt de kracht van de argumenten ondermijnd doordat die gepresenteerd worden als les van buitenaf, gegeven door ervaringsdeskundigen in verzet, en dan ook nog in een pamflet waarin je gewon niet echt uit kunt leggen wat je bedoelt. pamfletten zijn voor de beoogde soort van argumentatie niet het ideale medium. Een deel van deze tekst hoort eerder in achtergrondartikelen thuis, en in discussies van kleinere groepen mensen tegelijk. Zelf merkte ik in mijn actviteiten rond Occupy Den Haag dat het juist goed werkt als mensen deze lessen zélf gaandeweg trekken, al ervarend en discussiërend. Drie weken gelden hoorde je actievoerders van Occupy Den Haag nog praten over enerzijds vredelievende actievoerders, anderzijds de enkele ‘relschoppers’ die het zouden kunnen bederven. Ternauwernood is voorkomen dat besloten werd om zulke ‘relschoppers’ eventueel aan de politie uit te leveren! Twee weken en wat vervelend politie-overleg later was de toon over mensen die evetueel slaags met de politiekonden raken al heel anders. Nu ging het erom dat we mensen die oververhit raakten en boos werden, tot rust en zelfbeheersing te brengen. Maar die oververhitte mensen werden nu gezien, niet als relschoppende buitenstaanders maar als bondgenoten, als déélnemers en niet als spelbedervers. De houding van mensen jegens de politie is, parallel hieraan, al veel sceptischer en negatiever geworden, juist ook onder mensen die enkele weken terug de politie nog zagen als ‘deel van de 99%’ die we aan onze kant moesten zien te krijgen.

Er is hier een pijlsnel leerproces gaande, waar anarchisten aan deel kunnen nemen en ook werkelijk iets bij hebben te dragen – niet als buitenstaaanders maar als deelnemers van dag tot dag, wiens ervaringskennis niet in de eerste plaats die is van anarchisten-in-het-algemeen, maar op concrete, zelf-beleefde en zelf-doordachte zaken berust, en in alle bescheidenheid wordt aangeboden in een echt gesprékwaarin luisteren net zo belangrijk is als praten. Belangrijk bij deze bijdrage is dan systematische deelname aan de acties, de voorbereidingen, de ondersteuning ervan via inzamelingen om de Occupy-kampen gaande te houden, participatie in assemblees en werkgroepen, noem maar op. In die context worden belangrijke discussies gevoerd, daar word je dan – als je serieus genomen wordt als medestrijder – ook eerder serieus genomen als je kritische punten inbrengt. Dit type leerproces verloopt niet via het uitdelen en lezen van pamfletten – hoe waardevol pamfletverspreiding op andere punten ook is, en hoezeer ik ook zelfs een matig pamflet uit anarchistische kring honderd keer prefereer boven helemaal géén pamflet uit anarchistische kring. Want met zwijgen over anarchistische doelstellingen en principes is de anarchie sowieso niet gebaat.

Het gaat me er hier niet zoweer om deze specifieke tekst, maar om de methode van kritiek die we als anarchist te vaak hanteren bij opkomende nieuwe bewegingen. Hetzelfde, met soortgelijke en op zichzelf goed gebrachte en zinnige  argumenten, zien we bijvoorbeeld ook in een andere tekst van anarchisten die eveneens op het Beursplein is uitgedeeld op 15 oktober. Hier valt nog iets op: de formulering, de wijze waarop mensen worden aangesproken. “Wij denken niet dat de maatschappij bestaat uit twee groepen; de rijke bankiers en de rest.” Los van het punt datdeze tweedeling best wèl een goed startpunt is, zolang je het er maar niet bij laat, is er iets anders. De ‘wij’ zijn hier de opstellers van de tekst. Een ‘wij’ dat bestaat iut opstellers en Occupyers, een ‘wij dat een band schept, een basis voor een gesprék, zoektocht naar hoe we – álle mensen in verzet, samen – kunnen winnen, ontbreekt hier. Dat is symptomatisch. 

Van buiten af, afstand kiezend meer dan verbinding zoekend met de prachtige dingen die gaande zijnen met de mensen die deze prachtige dingen op gang brengen, vaak zonder enie ervaring of achtergrond als actievoerder. Ik zou zo graag een andere benadering zien en hanteren om kritisch bij te dragen, meer ‘immanent’, van binnen de strijd zelf uit geredeneerd. Die strijd zelf heeft, zoals we al zagen, een radicale, anarchistische en – met het Grote Geld en de bijbehorende 1 procent als tegenstander – nadrukkelijk ook antikapitalistische logica. Er is nauwelijks méér nodig dan die logica – die het Occupy-activisme dus al typeert – als vertrekpunt te nemen, en dan dóór te redeneren. Revolutie, zelfbestuur, directe democratie, het zit er allemaal al in. We moeten alleen helpen die kern van zichzelf bewust te doen worden,n exliciet te maken en er de consequenties van te helpen trekken.

We werken met assemblees, directe democratie, horizontaal, op basis van consensus? Dan is die directe democratie een handvat om organisatoren die te veel overleggen en hun mede-actievoerders als achterbannen behandelen, onder vuur te nemen, terug te fluiten, te vervangen, overbodig te maken door het allemaal zelf te doen. En dan hebben we meteen ook al een bestuursvorm die we niet alleen in onze acties kunnen gebruiken, maar ook in allerlei maatschapelijke structuren en verbanden, in wijken, scholen en bedrijven. Directe democratie, zelfbestuur, constructieve anarchie: het ligt in de Occupy-acties besloten zoals een vogeltje in een ei.

We willen Occupyen? Bezetting impliceert sowieso al le iets waarmee de grens van wat het gezag wil, wordt overschreden,. Het ís iets ongehoorzaams – zelfs als er vervolgens om pragmatisch redenen toch wordt teruggevallen op politieoverleg en toestemming om te mogen blijven. Occupy als actievorm plaatst zich, alleen al met die naam, in de traditie van studentenbezettingen in de jaren zestig en bedrijfsbezettingen, in de VS in de jaren dertig, in Polen in 1980. En dan gaat het er niet om dat we ons profileren als kenners van deze geschiedenis. Dan gaat het erom om datgene naar boven te halen dat in het begrip ‘Occupy’ al besloten ligt maar ondergesneeuwd raakt in de braafheid die vaak nog domineert: de confrontatie met de structuren van de macht. Dan gaat het erom stukjes historie en ervaringskennis relevant te maken en daadwerkelijk te benutten.

Op de zelfde manier, impliciet en ‘immanent’ vanuit de strijd zelf voortvloeiend, zou ik ook de kwestie van zelfverdediging benaderen. Het komt aan de orde als het aan de orde komt, vanuit de strijd waarin de politie ons snel genoeg voor harde keuzes zal stellen. Bezette pleinen, en straks ook gebouwen, moeten worden verdedigd. Krakers weten bijvoorbeeld hoe dat er kan uitzien, en hebben ervaringskennis die dan absoluut van pas komt. Achtergrondteksten over diversiteit aan tactieken en de noodzaak tot zelfverdediging zijn intussen prima, één-op-éen-gesprekken over zulke zaken eveneens. Maar over de daadwerkelijke stap om confrontatie aan te gaan, en de beslissing in welke vorm, beslissen actievoerders als het zover is.

Vanuit de logica van Occupy als actievorm zijn vervolgstappen ook makkelijk aan te geven. Ze vloeien immers voort uit de logica van de protesten zelf. Eerst was er Occupy Wall Street. Dat werd binnen enkele weken Occupy Everywhere. De volgende logische stap is – de titel van de laar ste aangehaalde tekst duidt dát heel goed aan – Occupy Everything. Niet alleen pleinen en straten zijn goede plaatsen om te bezetten. Juist de bedrijven en instellingen waar mensen werken, wiens diensten ze nodig hebben en dergelijke, kunnen we tot doelwit maken van Occupy-acties. Occupy Everything! Je school, de fabriek waar je werkt, de sociale dienst of het UWV-kantoor waar je je uitkering vandaan krijgt, het gemeentehuis en vroeg of laat het politiebureau en de kazerne.

En dán – concreet, toegesneden om wat aan de orde is – zijn specifieke ervaringen en inzichten van anarchisten en anderen die eerder met zulke bijltjes hebben gehakt, zeer op hun plek. Dan sluiten ze aan bij iets dat dan ook echt aan de orde is. Dan kunnen we het ook gaan hebben hoe al die bezettingsgroepen op pleinen en in instellingen en bedrijven onderling hun strijd, hun besluitvrming en uiteindelijk de maatchappij als geheel kunnen coördineren. Dan héb je het over revolutie en de opbouw van een nieuwe, direct-democratische niet-hiërarchische maatschappij. Dán kunnen we  werkelijk “hebben over de anarchie”, zoals het laatst besproken en geciteerde pamflet dat stelt – over een wereld van vrijheid, solidariteit de zeggenschap terug waar die hoort: bij onszelf, bij ons allemaal.

Advertenties

14 Responses to Occupy! Revolutionair populisme en de heruitvinding van de anarchie

  1. kees schreef:

    Nou, hier valt wel een en ander bij op te merken (dat krijg je al snel natuurlijk, bij zo’n lange tekst). Zo heel ver hoef je namelijk niet terug te gaan om eerdere ervaringen met grote bezettingen en assamblees te vinden, en inderdaad waren daar toen veel anarchisten bij betrokken. Dan heb ik het oa. over de globaliseringsprotesten, waarbij we vaak met duizenden tegelijk moesten beslissen (terwijl we ook nog door de politie belaagd werden) dan heb ik het over een paar jaar geleden, en dat bijna niemand oog heeft voor de G20-top die over een paar weken komt, is tekenend.
    Ten tweede is het wel degelijk goed om kritiek te hebben op platte analyses (of wat daar voor door moet gaan) en die tieren welig in deze occupybeweging. Wat dat betreft is de 99%-leus wel problematisch, en zeker in Nederland waar een minder onevenwichtige inkomensverdeling bestaat dan in de VS. Voor je het weet is de 1% ook nog aan bepaalde uiterlijke kenmerken te herkennen, als je niet oppast.
    (en op http://www.globalinfo.nl kun je dit soort aanvullingen vinden)

    • Pyt van der Galiën schreef:

      “Voor je het weet is de 1% ook nog aan bepaalde uiterlijke kenmerken te herkennen, als je niet oppast.”

      Het is inderdaad oppassen geblazen wanneer antisemitische complotidioten als Micha Kat hun steun uitspreken.
      Op de site van Occupy Amsterdam kwam ik ook al van die rare betogen over de Rothschilds als de bron ban alle kwaad tegen.

      Dat doet verder wat mij betreft niets af aan de kern van Peter’s betoog dat het niet zoveel zoden aan de dijk zet je “high and mighty” op te stellen en de occupyers even gaat vertellen hoe de wereld nou écht in elkaar zit. Nog even afgezien van de wel erg sleetse kretologie die ik op sommige pamfletjes aantref.

  2. Pyt van der Galiën schreef:

    Emm..excuses voor de belachelijke zinsconstructies in de laatste alinea van mijn vorige post. En dat voor iemand die een lerarenopleiding heeft gevolgd….

  3. van anarchisten schreef:

    Beste Peter,

    Allereerst bedankt voor je uitvoerige bespreking en analyse van de ‘Occupy’ acties, maar ook voor je kritiek op de verschillende pamfletten die door anarchisten opgesteld, bewerkt en verspreid zijn, en dan met name het pamflet “Beste bezetter: een brief van anarchisten”.
    Met opbouwende kritiek en commentaar op elkaars acties, pamfletten en ideeën kunnen we elkaar en de beweging versterken. Dit is zeker aan jou toevertrouwd.

    Toch vraagt jouw stuk om een reactie van de kant van hen die veel tijd, moeite en overwegingen hebben gestoken in dit pamflet. Bij deze:

    Allereerst je opmerkingen over de “99%”. We zijn het met je eens als je stelt dat het idee van de “99%” aansprekend is voor een grote groepen mensen. Het is een leus die inderdaad ruimte maakt voor een terug keer van klassiek populisme waar ook wij blij mee zijn. Echter schuilt er een gevaar in de leus. Namelijk de top 10% van de 99% zijn multimiljonair en delen véél meer belangen met de 1% dan met de 89% onder hen waar ze nu voor het gemak bij gerekend worden. Maar meer nog schuilt er een gevaar in dat de leus de strijd van een groot deel van de nu plotsklaps verklaarde 99% – hen die zich al jaren aan het verzetten zijn – miskent, hiervoor hoeft men slechts maar een kijkje te nemen in de (recente) geschiedenis van Latijns-Amerika. In eens worden zij (niet voor het eerst) overstemt door een overwegend witte Amerikaanse en Europese middenklasse. De “99%” leus neigt naar een behoorlijke westers gecentreerde visie, waarbij migranten en mensen in het globale zuiden nog een plekje moeten zien te veroveren. Het tegenovergestelde zou juist het uitgangspunt moeten zijn.

    We zijn het vervolgens niet met je eens als je stelt dat; “Het soort strijd van duizenden mensen zoals dat in de Occupy-acties plaatsvindt, is op een zeer wezenlijke manier nieuw, en ligt vér voor op veel van de kleinschaliger acties waar veel anarchisten ervaren en bedreven in zijn. Assemblees met honderden deelnemers, wekenlange pleinbezettingen – je moet vrij ver teruggaan in de geschiedenis wil je dit soort dingen op deze schaal in Nederland of West-Europa hebben meegemaakt…”
    Dit is niet waar en je mist hier een belangrijk onderdeel van de recente geschiedenis van de anti-antiglobaliseringsbeweging waar anarchisten in grote getallen betrokken waren bij vergaderingen met honderden of duizenden deelnemers. Denk aan G8 protesten in Heiligerdamm 2007 of bij de Navotop in Straatsburg 2009. De handgebaren die nu gebruikt worden in de “general assembly’s” die de ‘Occupy’ beweging typeren zijn uitgevonden binnen die beweging en al jaren gemeengoed binnen bij anarchistische actiekampen ect. Het nieuwe hieraan is de sprong die dit maakt vanuit die hoek en als basis is gaan gelden voor dit meer ‘mainstream’ protest.

    Met name uit deze ervaringen binnen de anti-antiglobaliseringsbeweging komt onze claim en het verzoek om de verschillende punten van kritiek te lezen. Je schrijft in reactie op het stukje “Waarom zou je naar ons luisteren?” het volgende: “Wij anarchisten zijn experts; jullie, nieuwe Occupyers, doen er goed aan bij ons in de leer te gaan. Zo komt het al gauw over, al zal het zo niet zijn bedoeld.” Ik denk dat het veilig is te stellen dat wij het bedoelt hebben zoals het geschreven is. Belerend is niet de bedoeling, maar volgens ons hebben anarchisten – die er niet net pas achter gekomen zijn hoe verrot het systeem eigenlijk is en al eerder begonnen met het organiseren van verzet – zeker recht van spreken als we kritieken en lessen uit het verleden over willen dragen.

    Eén van je alinea’s komt op ons over alsof er een tegenstelling bestaat tussen het uitdelen van een pamflet en het onderdeel zijn van de beweging. Niet alleen wij (de opstellers en uitdelers), maar ook vele andere anarchisten zijn dagelijks aanwezig op het plein om de bezetting te ondersteunen en vorm te geven. Of het nu gaat om het verstrekken van koffie of ondersteunende informatie of het vertonen van een film en deelname aan werkgroepen en assemblees, anarchisten zijn aanwezig en blijven een onderdeel van de beweging.

  4. Julius Jooker schreef:

    Joepie, dit is tenminste praktisch! Heb deze net ook op Anarchiel geplaatst:
    http://www.anarchiel.com/stortplaats/toon/occupy_revolutionair_populisme_en_de_heruitvinding_van_de_anarchie

    Zie je op straat en omstreken!

  5. ASB schreef:

    Misschien ook interessant is de volgende tekst:
    http://anarcho-syndicalisme.nl/wp/?p=1140 verspreid door de ASB, en ook de volgende flyers uitgedeeld op de #Occupy protesten:

  6. piet schreef:

    Ik las op indymedia dit berichtje http://indymedia.nl/nl/2011/10/79390.shtml . Hierin staan wat kritische noten over een toch niet erg open karakter ten aanzien van niet kampeerders en over hoe er met eerder genomen besluiten wordt omgegaan. Kan je begrijpen waarom iemand dat zo aanvoelt (het al dan niet gesloten karakter van een groep komt niet altijd door daar bewust voor te kiezen, maar kan ook onbewust optreden door bijvoorbeeld een bepaalde uitstraling) en heb je een idee of men daar in het kamp van bewust is? Naar mijn bescheiden mening is het steeds belangrijk om bewust te zijn van dit soort al dan niet bewuste mechanismes.

    Ik mis in dit artikel verder een kritische beschouwing over de Nederlandse occupy-acties. Ik deel zeker je enthousiasme, maar daarom is het nog belangrijker om óók pijnpunten te benoemen om daar van te leren. Ik denk dat de kritiek op anarchistische pamfletten daarin maar een marginaal onderdeel in spelen. Volgens mij zijn er andere belangrijke punten van aandacht.

    Verder vind ik, zoals de rest van je teksten het een lezenswaardige bijdrage.

  7. Marco schreef:

    Allereerst wil ik m’n complimenten geven voor Peter z’n stuk: Deels politiek, en de lengte van ’t artikel met genoeg typ-fouten liegt er ook niet om…; Maar vooral is het ook vanuit een gevoel geschreven. Oh mensen, wat vind ik dit een verademing. Dit is wat ik altijd zo gemist heb in veel ‘anarchistische’ mediabladen, zoals ook weer de reactie van @ anarchisten. Natuurlijk zal het allemaal heel goed bedoeld zijn. Maar het is allemaal zoveel over-democratsich gepraat met héél veel punten en komma’s. Sorry, maar ik haak hier af.

    Net als gisteren bij de general assembly in Amsterdam: Het ging wel een half uur -en misschien was het wel 3 kwartier- over waarom die krant van de Socialist niet meer op het plein zelf verkocht mocht worden (*). Waar gaat dit in godsnaam over? Als er in dit stadium van de beweging al breuken optreden, dan geloof ik er niet echt in…

    (*) Oplossing was meen ik een stand aan de rand van het plein. Zelf ben ik voortijdig van de discussie vertrokken.
    Van de andere kant: Voor een ieder die wel behoefte om hierover door te discussieren, die moet die gelegenheid natuurlijk gewoon nemen.
    Maar ben ik dan van mening, dat er helemaal niet meer over punten en komma’s mag worden doorgedisscusieerd? Nee, dat is weer het andere uiterste…

    Wat ik bedoel te zeggen, is; wat maakt het nou uit, of we nou anarchist, socialist, communist, Zeitgeist-aanhanger, … of zelfs bank-directeur zijn? In essentie is het m.i. het belangrijkst dat mensen (wel of geen stropdas, of hoe men er ook uitziet) de klik maken met ‘inzicht’ dat dit geld-creëren-uit-het-niets-systeem op hol is geslagen; dat het onze samenleving ruïneert; dat het roofbouw op de aarde pleegt, enz.

    United we stand, devided we fall

    • classwardb schreef:

      korte opmerking voor het verscherpen van het “inzicht”: het is geen geld-creëren-uit-het-niets-systeem, maar winst(meerwaarde)-creëren-uit-andermens-arbeid-systeem. en dit systeem is nu niet op hol geslagen. de vernietiging van onze samenleving en de roofbouw van de aarde is de essentie van dit systeem en niet het gevolg van een foutje in het systeem of van het op hol slagen van dit systeem. de crisis is kapitalisme en het kapitalisme is crisis. en naar mijn bescheiden mening zijn net al die komma’s en punten belangrijk voor het verscherpen van het inzicht. dat is veel werk, en soms ook vervelend en langdradig, maar het is belangrijk om vol te houden en samen die discussies te voeren. en indien nodig moet een discussie even geschort worden, om later verder af te werken om het niet te prominent de vergadering te laten overheersen.

  8. Hans schreef:

    Achterop de NRC van afgelopen vrijdag stond een stukje van Frits Abrahams over Occupy/Vrije Bond.

  9. peterstorm schreef:

    Het is prettig complimenten te krijgen, maar van de kritiek leer ik méér. Ik kom op bovenstaande terug, maar maar Occupy Tilburg gata eventjes vóór, en dingen hierboven stemmen ook écht tot nadenken…
    En Classwardb: belangrijke bijdrage! Zowel over het kapitalisme, als over de noodzaak tot soms vermoeinde discussies. Dank!

  10. Arnoud schreef:

    In het kader van Occupy is dit wellicht ook een intersant artikel van Adam Curtis. Ik hou niet van link-dumpen maar hoop dat je hieraan aandacht wilt besteden Peter want de inzichten van Curtis spreken mij erg aan.

    Bvd, Arnoud

    http://www.bbc.co.uk/blogs/adamcurtis/2011/10/dream_on.html

  11. […] ook een kritische Brief aan Occupy in die in oktober in Amsterdam is verspreid, waar ik kort erna wat kritische woorden heb gewijd maar die evengoed wel degelijk aandacht en verspreiding verdient. Ik kon niet eens iedereen […]

  12. […] ook een kritische Brief aan Occupy in, die in oktober in Amsterdam is verspreid, waar ik kort erna wat kritische woorden heb gewijd maar die evengoed wel degelijk aandacht en verspreiding verdienen. Ik kon niet eens iedereen […]

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: