Honger: kanttekeningen bij cijfers

15 september, 2010

Een bericht met een positieve klank: “Wereldwijde honger neemt af”. Dat  schrijft de NRC. “Leden vorig jaar nog 1.023 miljard mensen honger, in 2010 zijn dat er 925 miljoen”, vertelt het bericht op basis van cijfers van de Wereld Voedselorganisatie FAO. Sinds 1995 was het niet voorgekomen dat het aantal mensen dat honger leed, afnam – en nog wel met tegen de 10 procent.

Is de wereld op de goede weg? Wordt honger en ondervoeding wereldwijd effectief teruggedrongen? Natuurlijk is het feit dat een aantal mensen die vorig jaar nog honger leden, nu weer min of genoeg te eten hebben, iets positiefs. Maar er is bepaald geen reden tot feestvreugde.

In de eerste plaats is 925 mensen met honger nog steeds verschrikkelijk veel. De FAO noemt “het aantal ondervoede mensen nog altijd van onacceptabele omvang”. Dat is het ook. Het honger lijden van één mens is al onaanvaardbaar. Die tregedie, vermenigvuldigd met 925 miljoen is niet iets waar we ons bij kunnen neerleggen.

In de tweede plaats is de daling géén gevolg van gericht beleid met het doel om honger te bestrijden. “De afname is voor een groot deel te danken aan een gunstig klimaat in ontwikkelingslanden en de daling van de voedselprijzen”, aldus de NRC. In 2008 denderde de wereldeconomie omlaag, in 2009 balanceerde de wereldeconomie op de rand van de depressie. In 2010 is hier en daar van enig herstel sprake. Voorzover dat herstel ook in landen van Afika, Azië en Latijns-Amerika voelbaar is, betekent dity ook daar: iets minder werlkozen, iets minder mensen beneden het bestaansminumum, en dus iets minder mensen met honger.

Hetzelfde geldt voor de andere genoemde factor. In 2008 vlogen de voedselprijzen omhoog. Dat betekent meer mensen die niet genoeg eten kunnen kopen, meer mensen met honger. De twee jaar erop zijn de voedselprijzen omlaag gegaan. Iets meer mensen konden nu weer net genoeg eten kopen, een aantal mensen ontsnapte zodoende aan de honger. Met systematische hongerbestrijding had het niets te maken, mensen zijn overgeleverd aan de grillen van economische conjunctuur en prijzen op de wereldmarkt.

Dat betekent dat er geen reden is voor optimisme. Er is nauwelijks sprake van ‘successvol beleid’ dat alleen maar ‘met kracht hoeft worden voortgezet’ om de honger verder terug te dringen. Armen worden op dit moment dus niet zoweer door beleid gered, maar door de wisselvallighedenvan economie en wereldmarkt de honger in- en soms even weer uitgeduwd. De dreiging van nieuwe honger ligt op de loer. De economie die het eventjes wat beter doet, kan weer wegzakken – en veel wijst op een stagnatie van het economische herstel. Voedselprijzen die de laatste tijd daalden, kunnen zó weer omhoogschieten. dan hebben we in 2011 zo weer honderd miljoen hongerige mensen erbij.

Veel wijst inderdaad op dreigende verslechtering, juist voor hele arme mensen. Het NRC-bericht zelf rept van hernieuwde stijging van voedselprijzen na misoogst en branden in Rusland. Het noemt ook de rellen in Mozambique vanwege voedseplrijsverhoging, bijna twee weken geleden, en noemt honger dan ook nog steeds “een heet hangijzer”. Een directeur van Oxfam International maakt een paar relevante observaties. “De daling in het aantal hongerige mensen heeft meer te maken met geluk dan met wijsheid. Een andere voedselcrisis kan elk moment uitbreken, tenzij regeringen de oorzaken de onderliggende oorzaken van honger aanpakken: sterk wisselende voedselprijzen, decennia van onderinvesteringen in landbouw, en klimaatsverandering.” 

Een VN-top over voedsel is al vóór aanvang een debacle geworden, nu 192 deelnemende regeringen “een verzoek om miljarden euro’s aan landbouwhulp voor arme landen unaniem afgewezen (hebben)”, aldus De Volkskrant. De acht rijkste landen hadden niet eens de moeite genomen om allemaal aan de top deel te nemen. dat hadden ze uitbesteed aan de grote weldoener uit één van die landen, de Italiaanse premier Berlusconi. Dat kwam des te handiger uit, want de top vindt in Rome plaats.

Inderdaad, oplossingen zijn er, de geciteerde Oxfam-directeur heeft daarin gelijk. Maar kijken naar regeringen om deze oplossingen daadkrachtig dichterbij te brengen, is kijken naar de verkeerde plek. Op zijn minst zullen regeringen vanuit een bevolking die betaalbaar eten eist onder druk gezet moeten worden om een enkele stap in de goede richting te zetten. De boze Mozambiquanen die met hun opstandigheid een broodprijsverhoging blokkeerden, lieten zien hoe je honger wel bestrijdt: door verzet tegen de omstandigheden en maatregelen die mensen de honger in jagen. Laat onze leus zijn: creeër in dit opzicht twee, drie, vele Mozambiques!

Advertenties

Mozambique: regering draait prijsverhoging toch terug

7 september, 2010

Resultaat! Opstandige mensen hebben, met straatprotest, rellen en plunderingen, de regering in Mozambique ertoe gebracht haar eerdere broodprijsverhoging terug te draaien. Dat nieuws wordt vanmiddag onder andere door De Volkskrant gebracht. Het is goed nieuws, het laat zien dat regeringen kwetsbaar zijn voor protesten tegen vaanvallen op hun levenspeil vanuit een bevolking die al getergd is door armoede.

De protesten begonnen vorge week en hielden dagenlang aan. Ook gisteren werd nog gedemonstreerd, zo meldde de staatsradio: 200 mensen betoogden. “Twaalf mensen waren opgepakt wegens opruiing”, meldde het bericht, op Nieuws.nl. Autoriteiten reageerden al eerder met geweld, politiekogels en arrestaties van mensen die sms-jes hadden verstuurd om tot actie op te roepen. Gisteren was het sms-netwerk dan ook uit de lucht, door toeval of hogerhand.

De onderdrukking van het protest kostte mensenlevens: 13 mensen kwamen om. De politie doet alsof het allemaal de schuld van betogers was, alsof ze niet ander kon dan hard optreden. “Ik denk dat de betogers geweld gebruikten tegen de politie. Onze mannen hebben alleen de orde hersteld”, aldus een politiewoordvoerder. Natuurlijk. Boze straatarme mensen gooien voorwerpen naar zwaarbewapende agenten, en verdienen niet anders dan te worden doodgeschoten. Wie zoiets accepteert, accepteert vast ook dictatuur – immers, dictatuur legitimeert zich nogal eens als onvermijdelijke ‘ordehandhaving’.

De afgelopen dagen hield de regeringh nog vol dat ze de prijsverhoging van brood met 30 procent niet terug zou draaien. De regering moest wel, de kosten van graanimport waren gestegen en dergelijke. Dát er een probleem is op de wereldmarkt voor graan, is duidelijk. Bosbranden in Rusland hebben de graanoogst daar schade toegebracht. Rusland heeft vervolgens de graanexport stopgezet, waardoor er minde rgraan op de wereldmarkt is en de prijzen zijn gestegen. Mozambique moet 70 procent van hara grana importeren, en merkt die prijsstijging dus.

De gang van zaken laat zien hoezeer arme mensen worden opgezadeld met de wisselingen in een markteconomie wereldwijd. Wat nu in Mozambique gebeurde, kan elders ook gebeuren. Er is op de internationale markten voor voedingswaren sowieso van prijsstijging sprake, en regeringen plegen die door te berekenen, zoals de Mozambiquaanse regering dat probeerde. Er is ook nog eens een aannemelijk verband tussen de prijsstijgingen en extreme weersomstandigheden die wel eens met een op hol geslagen klimaat te maken zouden kunnen hebben. Raj Patel wijst daarop in een artikel in The Observer. Hitte en bosbranden in Ruslansd, extreme regens en overstromingen in Pakistan. De opstandige mensen in Mozambique stonden niet alleen tegenover een hardhandige regering, maar tervens tegenover een internationale markteconomie en tegenover de effecten van een waarschijnlijk mede door mensenhanden ontregeld klimaat. Machtige tegenstanders.

Des te mooier om te zien dat deze opstandige mensen in Mozambique die krachten met succes hebben weten te trotseren. De minister van Planning en Ontwikkeling: “De regering heeft ermee ingestemd de oude prijzen te handhaven en de hogere kosten voor eigen rekening te nemen.”  Dat laatste moet wel lukken, als de staat bijvoorbeeld wat minder geld zou uitgeven aan het arresteren van betogers en aan het investeren in politie-uitrusting.


Mozambique: rellen tegen prijsstijging

3 september, 2010

In Mozambique zijn stevige rellen uitgebroken uit protest tegen prijsverhogingen. Mensen hebben barricades opgeworpen, en zijn ook tot pluncering overgegaan. De politie heeft opstandige menigten beschoten, het leger heeft barricaden verwijderd. Het protest begioon woensdag, maar ook vandaag was er diverse steden opstandigheid.

De aanleiding was een verhoging van de broodprijs met 30 procent. In een land waar je als arbeider gemiddeld 37 dollar maandloon krijgt, en waar brood 20 dollarcent kost, hakt zoiets erin. Logisch en terecht dat mensen kwaad de straat op gaan. De politie opende het vuur op mensen, en schoot zeker zes mensen dood. Officieel sprak de politie van vier doden. Twee ervan waren kinderen. Een omroepstation spreekt echter van 10 doden. Ook zouden er 140 mensen gearresteerd zijn, 27 ernstig gewonden, en 32 bedrijven geplunderd, aldus berichtgeving in The Guardian. De minister van handel en industrie sprak later van 7 doden, 288 gewonden en een schade van 3,3 miljoen dollar, volgens een verderop aangehaald stuk in de New York Times van vandaag..

De regering heeft tegenover de volkswoede dus enkel repressie te bieden.Van terugdraaien van de prijsstijgingen kan volgens een regeringswoordvoerder geen sprake zijn. “De minister van binnenlandse zaken Jose pacheco heeft gezegd dat de regering probeerde om de bron van teksberichten en e-mails die sinds dinsdag circuleerden om mensen tot protest op te roepen, te achterhalen”. Het klassieke antwoord van machthebbers op protest: pak de raddraaiers en opruiiers erachter aan. Dat raddraaiers in hun recht staan, dat er met reden oproer gekraaid wordt, lijkt me echter evident. “Ik koos ervoor om me bij de protesten aan te sluiten omdat het leven erg moeilijk is met deze prijsstijgingen, de regering zich doof betoont voor onze lang bestaande grieven, ze hebben ons alleen in verkiezingstijd nodig”, zegt een deelnemer aan de acties volgens de New York Times

De protesten gaan ook vandaag door. Er zijn vandaag weer rellen gemeld uit de hoofdstad Maputo, maar ook uit Chimoio, een stad die 760 kilometer noordwaarts ligt. In die plaats zouden zeker zes mensen gewond zijn door de politie die het vuur opende. Het is duidelijk: als mensen dodelijke politiekogels blijven trotseren om hun woede tot uitdrukking te blijven, en als dat in meerdere steden verspreid gebeurt, dan is die woede wijdverbreid en dan zit de woede diep.

Hopelijk lukt het met dit terechte straatprotest om te bereiken wat in 2008 ook al eens gelukt is: de regering te bewegen om de prijsverhoging alsnog terug te draaien. Toen ging het om benzineprijzen, en toen vielen bij protesten ook al doden, zes volgens de NRC. Het is wrang dat mensen in hun strijd om de meest elementaire basisbehoeften nog enigszins betaalbaar te houden, zo’n hoge prijs moeten betalen. De opstandigen in Mozambique verdienen onze solidariteit.