Syrië, Turkije, oorlog

4 oktober, 2012

donderdag 4 oktober 2012

Hypocrisie, granaten en bommen, dat biedt het menu in Turkije en Syrië. Wat begon als volksbeweging, via opstand en gewapende strijd veranderde tot burgeroorlog tussen partijen waartussen het verschil in bruutheid steeds verder afnam, is inmiddels een internationaal conflict geworden, nu Syrische militairen granaten afvuurden op een dorp in Turkije, en Turkse militairen vergeldingsbommen lieten vallen op Syrische doelen. Juist mensen wiens hart ligt bij de geterroriseerde en en rechtmatig opstandige bevolking van Syrië, kunnen de politieke spelletjes van de zogeheten ‘vrienden van Syrië’, waaronder ook Turkije, maar beter doorzien en aan de kaak stellen. Een Turkse oorlog tegen Assad maakt Syrië niet vrij, en Turkije niet veilig. Lees de rest van dit artikel »

Advertenties

Amnesty de fout in met Syrië-campagne

23 juni, 2012

zaterdag 23 juni 2012

Amnesty International heeft een campagne rond Syrië opgestart. En het is een éénzijdige, politiek verkeerde campagne. De misdaden van president Assads bewind worden er breed in uitgemeten. De medeplichtigheid van de Russische staat wordt gehekeld. Maar de misdaden van gewapende strijders, en de medeplichtigheid van een hele reeks staten dáár aan, komt niet in beeld. Eén kant wordt terecht verworpen. Een andere kant wordt ten onrechte uit de wind gehouden. Lees de rest van dit artikel »


Hel op aarde op Arabisch schiereiland

1 juni, 2011

woensdag 1 juni

De hel op aarde die getypeerd wordt door de woorden ‘kapitalisme’ en ‘staat’ heeft vele afdelingen. Vaak is de dagelijkse verminking, vernedering en vernietiging van mensenlevens gemaskeerd, of haast in slow-motion, niet acuut merkbaar doorgevoerd. Vaak wordt de gifpil met een suikerlaagje omhuld, hebben mensen weliswaar geen leven maar worden evenmin daadwerkelijk omgebracht. Vaak is de ondraaglijke slavernij enigzins hanteerbaar gemaakt door een loon waar je levensonderhoud en huur van kunt betalen, door werktijden die uiotblazen achter de TV niet helemaal onmogelijk maken. Vaak is de tyrannie vermomd als ‘democratie’. Vaak, maar niet altijd. Op veel plaatsen, maar niet overal. Een gebied waarvoor deze verhulling, deze fluwelen sluipende aanpak, voor veel mensen niet geldt, wordt gevormd door een reeks monarchiën op het Arabische schiereiland. Daar heerst de hel op aarden in zijn brute vorm. Saoedi-Arabië, Bahrein, de Verenigde Arabische Emiraten…  het zijn oorden van verschrikking.

Lees de rest van dit artikel »


Van Oman naar Qatar

7 maart, 2011

Zo, dat is verhelderende informatie rond het diner van Beatrix met de sultan van Oman. “De Nederlandse scheepswerf Damen Schelde dingt in het autocratische  Arabische land mee naar een opdracht voor de levering van vier marineschepen. Het gaat om beoogde leveranties ter waarde van honderden miljoenen euro’s. Dáárom was het kennelijk zo belangrijk om iets van het voorgenomen en vervolgens geschrapte staatsbezoek te redden en toch maar bij baas Qaboos uit eten te gaan. Ook dáárom moest de eventuele imagoschade – Nederlands staatshoofd op bezoek bij Oman’s staatshoofd terwijl verderop bijvoorbeeld protestdemonstraties gaande zijn – desnoods maar op de koop toe genomen worden. Zaken zijn immers zaken, en wat mensenrechten mogen niet in de weg staan van “honderden miljoenen euro’s” omzet voor een Nederlandse wapenleverancier. Toch?

Wat moet Oman trouwens met fregatten? Met welk land dreigt er een oorlog? Er was in de jaren zestig en zeventig sprake van een linkse guerrilla in Oman. Maar tegen zoiets zijn fregatten weinig zinvol. Is er sp[anning met andere staten overzee? We zouden aan Iran kunnen denken, dat tegenover Oman aan de Perzische Golf ligt. Beide landen bewaken een kant van de Straat van Hormoez, die deze Golf met de Indische Oceaan verbindt. Door deze Straat gaan grote hoeveelheden olie. Dat maakt deze vaarweg, en daarmee Oman, van groot strategisch belang. Maar het idee dat hier een hjandvol fregatten gewicht in de schaal leggen, lijkt me overdreven. Even verderop ligt immers Bahrein, met daarin ene basis voor de Amerikaanse Vijfde Vloot. Ook in de -op zich verwerpelijke – militaire logica lijken de fregatten voor Oman wenig toe te voegen. Het oogt vooral als een prestigeprojecvt voor de staat Oman.

En het is een kostbaar project, die fregattenbestelling. De “honderden miljoenen euro’s” die er mee gemoeid zijn… ik kan me er socialer bestemmingen voor verzinnen. Mensen in het land protesteren immers niet voor niets. Mensen willen banen, hogere lonen, betere arbeidsomstandigheden. Daarvoor blijven mensen actie voeren. Vandaag demonstreerden personeelsleden van vliegmaatschappij Oman  Air voor de deur van het kantoor van dat bedrijf voor betere werkomstandigheden. Een paar honderd miljoen euro, bespaard doolr af te zien van die rare fregatten, daar zouden werkomstandigheden mee te verbeteren zijn, zou je zeggen. Maar aan betere arbeidsomstandigheden verdient een Nederlands wapenbedrijf geen “honderden miljoenen euro’s”. Kwestie van prioriteiten.

Koningin Beatrix gaat deze week ook nog op staatsbezoek aan Qatar. Daartegen heb ik nog geen protesten van bezorgde Kamerleden gehoord. Toch is er niet zo heel veel fundamenteel verschil tussen de twee staten waar het democratie betreft. Oman is een dictatuur. Qatar is ook geen democratie, maar een semi-absuluut geregeerd vorstendom met democratische randjes. Geen van beide staten weliswaar horen tot de ergsten in hun soort. Er kan beslist meer dan in bijvoorbeeld Saoedi-Arabië dat een paar dagen geleden alle demonstraties in het land heeft verboden.

In Qatar heerst officieel bijvoorbeeld persvrijheid. De realiteit is nogal anders. Onlangs verlieten een aantal columnisten hun baan bij een krant, en gingen aan het werk voor een andere krant. “Het bleek dat de columnisten niet in staat wwaren om zij vrij uit te drukken en hun schrijfsels belandden in de prullenbak.” Het was vooral de hoofdredacteur die mensen blijkbaar kort hield. Dat de columnisten bij een ander blad terecht kunnen, laat zien dat er wel énige ruimte voor vrije persgeluiden is. Dat het artikel waar ik de informatie uit haal, uit een website van The Peninsula, een Qatars blad komt, trouwens eveneens. Er is ruimte voor kritiek. Maar er zijn flinke ricico’s van het soort die aangeven dat die ruimte nogal is ingeperkt.

De krampachtigheid van die hoofdredactuer waarvoor columnisten de wijk namen, is bijvoorbeeld niet iets puur persoonlijks. Er is in het land – zo blijkt uit het artikel – geen wet die de rechten van de media helder regelt. Formeel is er geen censuur. Maar de politie valt nu en dan wel journalisten aan, vanwege ‘klachten’. Soms leidt dat tot een telefoontje van het openbaar  ministerie, een telefoontje dat nogal eens om vijf uur ’s ochtends gepleegd woprdt. Soms zelfs dat niet. Er volgt dus vaak geen proces. Maar intussen hebben journalisten wel intimidatie te verduren.

Wat hier een rol speelt is dat de top van de media – hoofdredacteuren, uitgevers – verbonden zijn met het establishment. Journalisten echter veel minder; een meerderheid van journalisten in het land komt uit andere landen. Dat maakt ze o0ok nog eens kwetsbaar voor druk van hogerhand. Resultaat van al deze processen: zelfcensuur, media die formeel vrij zijn maar waarin mensen zich met reden niet erg vrij gedragen. Het is een wat subtielere vorm van beheersing dan de variant van Kadhafi. Maar het is beheersing, en het perkt de vrijheid in.

Soms gaat het ook een stuk verder dan subtiele zelfcensuur. Op 2 maart werd Sultan al-Khalaifi gearresteerd, zo berichtte Aljazeera. Sindsdien zit hij vast zonder contact met de buitenwereld. Volgens Amnesty International bestaat de kans dat hij gemarteld wordt. Sultan Al Khalaifi is een blogger, en heeft kritiek geuit op censuur, en maakt deel uit van een netwerk dat opkomt voor opgepakte mensen. Dat laatste doet vermoeden dat dit soort arrestaties vaker voorkomen in Qatar.

Weblog The Angry Arab  schrijft dat “de Qatarse blogger die gearresteerd was door de autoriteiten” er streng -fundasmentalistische opvattingen op na houdt. Ik neem aan dat hij doelt op deze zelfde Al-Kalaifi. Maar, hoe weinig vrijheidslievend de opvattingen van de blogger ook zijn, het van staatswege opsluiten van iemand vanwege het uiten van een mening is altijd en principieel verkeerd. En ook  Angry Arab ziet geen enkele aanwijzing dat de man bezig was met “enige ‘subversieve’ activiteiten – zoals staten dat graag noemen.” De arrestatie is dus, zelfs voor wie de staat als zodanig het recht op zelfverdediging toekent – iets dat ik niet doe – niet legitiem, een ordinaire daad van censuur en onderdrukking.

De arrestatie is dan ook een symptoom van het onvrije karakter van Qatar. Ik ben zeer benieuwd of de Facebook-oproep om op 16 maart in Qatar in actie te komen voor verandering gaat aanslaan. Jammer alleen dat dit ná het Nederlandse staatsbezoek valt. Ik had de koningin graag wat onrust in haar omgeving gegund.


Revolutie op het Arabisch schiereiland

27 februari, 2011

Twee staatshoofden zijn met volksopstanden verdreven, Mubarak en Ben Ali. De positie van een derde, Kadhafi, wankelt onder druk van een felle revolutie die extreme onderdrukking heeft weten te trotseren, desondanks op een ovcerwinning afstevent, maar tegen een enorm hoge prijs. Dat speelde en speelt zich af in Noord-Afrika. Maar intussen steekt de revolutie steeds duidelijker de kop in steeds meer landen op het Arabische schiereiland. Een overzicht, plus wat opmerkingen. Op het Arabische schiereiland bevinden zich zeven staten. In vijf ervan is al opstandigheid gaande, of gaande geweest. In de andere twee zijn al tekenen van protest. Eerst Jemen, dan Oman, en kort de Verenigde Arabische Emiraten, Qatar, en Koeweit. Dan Bahrein. Tenslotte Saoedi-Arabië.

Om te beginnen is er Jemen, aan de zuidrand van het schiereiland. Dit is een republiek, met pakweg 23 miljoen inwoners, en gemiddeld het armste land van de regio. De staat is een bondgenoot van de VS in de strijd tegen Al Qaeda-netwerken, er zijn herhaaldelijk luchtaanvallen van de VS in het land geweest. Het land wordt geregeerd door een president die al sinds 1990 regeert in hgeel Jemen. In dat jaar werden Noord- en Zuid-Jemen, tot dan toe twee staten, verenigd. In Noord-Jemen was dezelfde Saleh al sinds 1978 de chef. Dat is één van de dingen waar mensen vanaf willen: van die eindeloos doorregerende president. Andere grieven van demonstranten zijn de bekende dingen: corruptie, repressie, armoede.

Al in januari vonden protestdemonstraties plaats. Toen al waren er speculaties over de kansen dat die uit zouden groeien tot een revolutie. Dat werd door experts aanvankelijk niet waarschijnlijk geacht. “Er is geen reden voor deze protestbeweging om zich te ontwikkelen tot een beweging die een moeilijkheden voor het bewind. De politie is zeer verantwoordelijk en terughoudend geweest. Als ze zo doorgaan is dat een goed teken”, aldus een politieke analist in Jemen. Hij pleit voor dialoog, en concessies vanuit het bewind. Eebn Jemen-deskundige aan de Princeton-universiteit in de VS zegt: “Alhoewel [de protesten van vandaag] zeker een echo van Tunesië zijn, weg te gaan voordat we het niveau van onrust zien dat de regering van Ben Ali ten val bracht. Een wezenlijke aanwijzing zal zijn als we menigten van deze omvang zien die zich organiseren in meerdere steden verspreid in jemen uiten de paraplu van de oppositie.” Dat stond allemaal te lezen in een artikel in de Christian Science Monitor op 27 januari.  Op die dag demonstreerden al enkele tienduizenden mensen in de hoofdstad, en eisten daarmee het vertrek van de president.

W zijn nu een maand verder, en precies de tekenen dat het wél richting revolutie gaat, zijn toegenomen. Er is keer op keer politiegeweld, naast flinke gewelddadigheid van opgetrommelde regeringsaanhangers, tegen demonstranten. Op 14 februari waren er demonstraties, nietn alleen in de hoofdstad Sanaa, maar ook in in Taaz en in Aden. Daar bestormden havenarbeiders het kantoor van de Yemen Gulf of Aden Port Corporation. Ze namen de voorzitter van het bedrijf en andere functionarissen gevangen, uit protest. “We hebben het gehad met corrupte functionarissen en het is tijd om ze te vertellen dat ze moeten vertrekken. Wat in Tunesië en Egypte is gebeurd, motiveerde de arbeiders om hun rechten te eisen”, zo legt een havenarbeider uit. Sociaal-economische en politieke grieven gaan weer hand in hand, net als in Tunesië en Egypte. Het is een teken dat de opstandigheid niet oppervlakkig is, niet makkelijk ondervangen zal kunnen worden met een enkele concessie of verschuiving aan de top alléén. Het gaat om opstandigheid van revolutionaire proporties en dynamiek.

De demonstraties gaan door, het geweld van staatswege en van regeringsaanhangers ook. Het weblog Angry Arab heeft interessante gegevens over de botsende krachten. Een getuige heeft hem verteld van het verschil tussen het kamp dat oppositie-demonstranten hebben ingericht enerzijds, en het kamp van regeringsaanhangers. In het regeringskamp tamelijk luxe tenten, maar slechte organisatie, en het kamp stroom ’s nachts goeddels leeg. Er is geen vrouw te bekennen. In het kamp van protesterenden anderzijds zijn voordurend flinke aantallen mensen. De tenten zijn niet luxe, maar de organisatie van voedselvoorziening, communicatie en dergelijke is goed georganiseerd, op een manier die doet denken aan de gang van zaken op het Tahrir-plein in Egypte tijdens de opstand tegen Mubarak. En in het kamp van de oppositie zijn wél vrouwen aanwezig. Geen grote aantallen, maar ze spélen een rol in de opstand. Angry Arab heeft ook een overzichtje van leuzen uit de protesten in Jemen.  Hier zijn er een paar: “Geen dialoog, geen dialoog, treedt af of vlucht”; “Oh Ali, vertrek, de stoel onder je is aan het roesten”; “Oh God, oh God, dood aan Ali”, “Revolutie, oh mensen, van het noorden tot het zuiden”, “Gisteren Tunesië, vandaag Egypte, morgen opent Jemen de gevangenis”; “Duizend groeten aan Aljazeera”… Het is maar een greep, het overzichtje zelf geeft een veelvoud.

De opstand wordt intussen niet kleiner, eerder groter. Tot nu toe speelden vooral studenten een grote rol, het universiteitsterrein in Jaama was vaak plek van acties. Maar gisteren werd bekend dat twee stammen, belangrijk in de verhoudingen in jemen, de kant van het protest kiezen. De aankondiging werd begroet met het roepen van de inmiddels zo befaamde revolutieleus: “de mensen willen de val van het bewind”. Intussen kost het geweld van politie en van knokploegen van regerinsgaanhangers mensenlevens: op 22 februari was het aantal doden al opgelopen tot mogelijk 14. Alleen al op vrijdag 25 februari vielen in Aden vier doden en rond 40 gewonden bij een politieaanval op een demonstratie. De president houdt zijn poot nog stijf en duidt protesten aan als een ‘samenzwering’. Het beeld van 27 januari van mensen die zeiden dat het met die revolutie in jemen zo’n vaart niet liep, is inmiddels tamelijk achterhaald: de opstand groeit, en het bewind staat onder zware druk.

Zo slepend als de revolte in Jemen is, zo plotseling explosief is de opkomst van protest in Oman, ten oosten van Jemen. Dit land wordt aartsconservatief bestuurd, door sultan Qaboos. De Volkskrant sachrijft: Hij kwam in 1970 aan de macht toen hij bij een staatsgreep zijn eigen vader afzette. Qaboos regeert met harde hand, maar is voor het westen een belangrijke bondgenoot.” Dictatuur en westerse connecties, het vertrouwde patroon. Bij die connectie speelt de ligging een rol: “Oman beheert samen met Iran de Straat van Hormuz. Ongeveer veertig procent van de olietankers in de wereld vaart door deze waterweg aan de monding van de Perzische Golf”, schrijft de NRC. Ja, in zo’n land zullene Westerse machten extra prijs stellen op een bondgenoot aan de macht. De sultan heeft de touwtjes in handen, maar er is wel een gekozen raadgevend orgaan. Volgens de BBC was het beleid populair, opbrengsten van olie worden bijvoorbeeld in infrastructuur en dergelijke gestoken.

Maar kennelijk is er er iets misgegaan in het land van deze weldoenende vorst. Vorige week was er al een demonstratie van enkele honderden mensen. Gisteren en vandaag was er meer en feller protest. In Salalah werd betoogd. In Sohar, een industriestad, schoot de politie met rubberen kogels op demonstranten. Dat kostte twee betogers het leven. Aljazeera meldt dat volgens een onbevestigde bericht ook al een politiebureau in de fik is gezet. Demonstranten eisen politieke hervormingen, maatregelen tegen corruptie, meer vrijheid, maatregelen tegen prijsstijgiongen, hogere lonen en dergelijke, zo vertelt een deelnemer aan een protestactie volgens Aljazeera.

O ja, de regering had al studiebeurzen verhoogd, en het minimumloon. En “de sultan heeft zes ministers vervangen en nieuwe adviseurs aangetrokken om de protesten in zijn land een halt toe te roepen”, aldus het NRC-bericht dat ik al citeerde. Het soort tekenen van zenuwen in het bewind dat we ook zagen in Bahrein, in Saoedi-Arabië, en elders. Daar hielp het ook niet om de zaak rustig te houden. Maar niets doen terwijl de ontevredenheid onrustig opborrelt, dat vinden de heersers ook geen veilige optie meer. Wat een dilemma’s voor de heersers. Wat een hoop voor de steeds opstandiger bevolking.

We gaan naar de volgende paar landen, maar nu wat korter. De Verenigde Arabische Emiraten. De economie draait er op olie, maar de laatste jaren ook op bouwprojecten in het kader van toerisme en luxe consumptie voor rijke mensen uit de wijde omtrek. Het land is ietsje minder onvrij dan veel buurlanden, maar van erkende zeggenschap vanuit de bevolking is geen sprake. Sjeiks regeren die diverse emiraten waar het land uit bestaat, één ervan is president van het geheel, en een voor de helft door de bevolking gekozen raad heeft slechts een adviesrol. Het land zag eind 2009 een enorme financiële crisis, met name in Dubai waar de bouw van megaproject na megaproject stil kwam te liggen. Maar opstandigheid wordt er amper waargenomen. Ik ben benieuwd hoe lang dit nog zo blijft. Een rol daarin zou de positie van allerlei groepen arbeiders kunnen spreken. Zo kaartten bijvoorbeeld leraren van Indiase afkomst – heel veel van het werk in het land wordt door migrantarbeiders verricht – aan dat zij veel lager betaald krijgen dan docenten van Britse herkomst aan andere scholen. Ze willen gelijktrekking van salarissen. Dit soort onvrede over discriminatie op de arbeidsmarkt kan wel eens een tikkende sociale tijdbom zijn onder de zo rustig ogende oppervlakte. Als dat samen gaat vloeien met eisen voor meer vrijheid, mede geïnspireerd door wat er in buurlanden gebeurt…

Qatar dan. Ik weet heel weinig van Qatar, maar ik vermoed dat ik dat euvel snel ga verhelpen. Wat summiere informatie, geplukt van de BBC-website: er regeert een emir, die de macht in 1995 met een staatsgreep van zijn vader heeft overgenomen. Er zit enorm veel olie, vijftien procent van de wereldvoorraad, volgens de BBC. Er heerst wat meer vrijheid dan in andere landen in het gebied. De staat – en dus de emir en zijn familie – heeft ook een media-bedrijf: het welbekende Aljazeera. Volgens sommigen is het niet helemaal toevallig dat deze zender zoveel, en zulke positieve, aandacht heeft voor Libië en Egypte; het zou hiermee de aandacht wat afleiden van protesten die gpolitiek gesproken iets dichter bij Qatar liggen. Angry Arab maakt dit punt. Overigens heb ik de indruk dat deze eenzijdigheid, als die geldt, vooral de Arabischtalige verslaggeving betreft, en veel minder die Engelstalige waar het niet enorm opvallend is. Intussen is er, jawel, een Facebookoproep voor protest in Qatar zelf. Voor in de revolutionaire agenda: 16 maart.  Volgens het bericht van Press TV, een aan de Iraanse staat verbonden zender overigens, eist de oproep met name een eind aan de betrekkingen tussen Qatar enerzijds, Israël en de VS anderzijds. Een binnenlands thema ontbreekt gelukkig niet: men wil de emir weg hebben. We zullen zien wat Aljazeera dáár mee gaat doen.

Nog drie landen te gaan. Koeweit stip ik enkel aan. Daar wasr een paar weken protest van staatsloze mensen, waar politie hardhandig tegen op trad. Veel heb ik daarna niet meer uit dit land gehoord. Maar met heftige demonstraties in buurland Irak, en met protesten in vrijwel elk omliggend land, zijn volgende uitbarstingen van onvrede vermoedelijk een kwestie van (niet al te lange) tijd.

Snel verder naar Bahrein intussen, een land dat vanwege de vlootbasis die de VS-marine er heeft extra gewicht heeft. Daar is een revolutie gaande, een revolutie die op 14 februari op gang kwam met protestdemonstraties. Politie viel betogers aan, de begrafenis van daarbij gevallen doden werden een nieuwe demonstratie, wederom aangevallen door gewapende gezagsdragers. De demonstratie werd een grote manifestatie op de Pearl Rotonde in de hoofdstad. Die werd ’s nachts aangevallen, met wederom dodelijk gevolg. Slachtoffers van dát geweld werden de dag erop begraven, waarbij de stoet tegelijk een boze demonstratie was. Toen een aantal van de demonstranten naar de Pearl Rotonde gingen, volgde een nieuwe aanval van politie en militairen, wederom met dodelijke gevolgen. De dag erop – zaterdag 19 februari inmiddels – bezetten duizenden betogers de rotonde opnieuw, tegenover een met traangas schietende maar zich terugtrekkende politiemacht. Enkele dagen later, op 22 februari, vond er een geweldig grote protestbetoging plaats,. Volgens de New York Times deden daar 100.000 mensen aan deel. In een land met bijna 600.000 burgers, en tegen de 1,3 miljoen inwoners – een meerderheid van de bevolking is migrantarbeiders zonder de burgerrechten van Bahreini’s – is dat immens.

De opstand richt zich tegen de macht van het vorstenhuis, de Khalifa-familie, en het daarmee verbonden establishment. De bovenlaag is overwegend soennietisch, een meerderheid van de bevolking is sjiitisch. Die meerderheid wordt achtergesteld, en dus klinkt protest tegen discriminatie. Dat de staat bijvoorbeeld ‘geschikte’ en ertoe opgeleide mensen van soennietische herkomst laat immigreren, versneld burgerrechten geeft en inzet als veiligheidstroepen tegen de ‘eigen’ bevolking, dat zet kwaad bloed. Maar daarmee is de opstand geen sjiitische opstand tegen soennieten als zodanig. “Noch Shia noch Soenni, maar Bahreini”, is een centrale leus. Het gaat betogers om meer vrijheid, een einde aan de arrogante onderdrukking vanuit het vorstenhuis en de bijbehorende staat. De eisten zijn intussen radicaler geworden, ook hier weerklinkt nu “De mensen willen de val van het regime”. Maar ook: “Weg met de koning, weg met de Khalifa’s”. Dat was bij het begin van de protesten – toen eisen naar hervormingen nog domineerden – anders. Het tekent de revolutionaire stemming, ook hier. Een kleine groep legerofficieren heeft meegedemonstreerd. “We besloten dat het onze baan is om mensen te beschermen, niet om ze in elkaar te slaan. Wapens die tegen het volk gebruikt worden zijn wapens van schande“, aldus één van hen.

Ook in Bahrein spelen in de opstand arbeiders in georganiseerd verband een rol. Leraren demonstreerden mee, en leraren staakten afgelopen week enkele dagen uit solidariteit. De GFBTU, vakbondsfederatie in Bahrein, riep tot een algemene staking op maar blies die snel erna af. Aan de eisen – tanks terugtrekken, demonstranten vrijuit laten demonstreren – was volgens de vakbondscentrale tegemoetgekomen. Maar de secretaris-generaal van de vakbondsfederatie legde ook uit dat betrokkenheid van de vakbonden bijh de protesten niet vreemd was. “Een van hun eisen is het aanpakken van de werkloosheid. Dat is iets wat we altijd zullen steunen”, zei hij.

De GFBTU beweegt zich wel in het gematigde deel van de protestbeweging, en probeert zioch in te zetten voor dialoog. Maar ze brengen ook klachten van arbeiders naar buiten. Die zeggen dat bedrijven salaris willen inhouden als arbeiders wegens deelname aan demonstraties wegblijven van hun werk. De GFBTU vindt dat in ieder geval arbeiders die deelnamen aan de staking van 20 februari waar de federatie toe had opgeroepen, gewoon doorbetaald zouden krijgen. Het lijken geen grote dingen, en de opstelling van de vakbondsfederatie is zelf niet bepaald revolutionair. Maar juist de wisselwerking van thema’s – meer politieke vrijheid, de strijd voor arbeidsrechten, de strijd tegen werkloosheid, is – ik zeg zulke dingen vaker maar ze doen er dan ook toe toe – twel ekenend voor de diepgang van een revolutie-in-wording. Over aanloop en achtergronden van de revolutie, over diverse oppositionele stromingen, gematigd en radicaler, heeft MERIP trouwens een mooi artikel.

Ten slotte Saoedi-Arabië. Van de gebeurtenissen in dat land hangt heel veel af. Het koningshuis aldaar is ruggensteun voor regimes in de buurt. Het feit dat koning Abdallah na terugkeer van een verblijf in het buitelnand wegens ziekte vrijwel meteen ging overleggen met de vorst van Bahrein, is veelzeggend. Revolutie in Bahrein is slecht nieuws voor het Saoedische bewind dat ongetwijfeld het overslaan van protesten vreest. Militair ingrijpen vanuit Saoedi-Arabië tegen die revolutie is een mogelijkheid, een dreiging voor de vrijheidsstrijd in Bahrein. Er waren al berichten dat de aan onderdrukking in de eerste opstandsweek daar Saoedische agenten deelnamen. Als de revolutie in Bahrein aan kracht blijft winnen zal de neiging tot militair ingrijpen vanuit Saoedi-Arabië wel eens kunnen toenemen. Pepe Escobar schetst in de Asia Times de verwevenheid van de gebeurtenissen in de twee landen in een artikel over de revolutie in Bahrein. Zo ’n Aaoedisch ingrijpen zou trouwens wel eens erg meedogenloos, erg bloedig, erg bruut kunnen worden. Saoedische militairen zullen minder rem voelen om op burgers uit Bahrein te schieten dan op burgers uit Saoedi-Arabië In dat tweede geval zouden ze immers moeten schieten op mensen die immers hun familieleden zouden kunnen zijn. Zoe iets doet eerder terugdeinzen. Mubarak kan de uitkomst van dat proces uitleggen…

Dit maakt de ontwikkelingen in Saoedi-ASrabië extra belangrijk. Opstand in dat land zelf bemoeilijkt militair ingrijpen over de grenzen heen. Hoe eerder er een Saoedische revolutie uitbreekt, hoe beter de kansen voor de revolutie in Bahrein en andere omloggende landen.. Saoedi-Arabië is een regionaal bolqwerk van reactionair initiatief, van steun aan andere conservatieve regimes en bewegingen – fiananciële steun, militaire steun. Het is ook nog eens een zeer belangrijk bondgenoot van de VS in de regio, één van de steunpilaren voor haar hegemonie in het Midden-Oosten. En er zit nogal wat olie. De val van het koningshuis Saud en het bijbehorende bewind zou een dreun zijn, niet alleen in de regio zelf maar eentje die het wereldwijde kapitalisme zal doen beven. De revolutie in Libië doet de olieprijzen al omhoogvliegen. De val van Mubarak heeft dictators van heinde en verre en hun sponsors al de stuipen op het lijf gejaagd. Deze effecten kunnen wel eens bleek afsteken tegen de effecten van een daadwerkelijke revolutie in Saoedi-Arabië.

Er zijn tekenen dat het in hoog tempo die kant op gaat. Er duiken berichten op dat groepjes sjiiten herhaaldelijk gedemonstreerd hebben voor de vrijlating van sjiitische gevanngenen die langrdurig zonder proces vastzitten. Na een eerdere van zulke demonstraties volgde vrijlate ing van een drietal gevangenen. Sjiiten vormen in het land een minderheid, maar wel een forse, en een achtergestelde minderheid bovendien. De dominante godsdienst is een strenge variant van de soennitische islam, het Wahabisme. Die stroming moet van de sjiitische islam niets hebbenb. Sjiiten wonen ook nog eens in het oosten van het land, niet ver van het onrustige Bahrein, en in een gebied waar olie zit.

Er speelt veel meer. Socialist Worker had afgelopen week een zeer vrolijk stemmend oogetuigenverslag over stakingsactie op een bouwproject, met 3000 hele kwade arbeiders die staakten en demonstreerden op de werkplek. Beveiligingspersoneel kreeg de arbeiders niet kalm, politie kreeg stenen naar het hoofd – en naar de politieauto die geraakt werd. Tot een bedrijfsbezetting kwam het niet, arbeiders hervatten het werk na een toezegging. Ze kregen extra geld uitbetaald, en hun woonverblijven zouden verbeterd worden. Arbeiders zetten wich vervolgens in om ook elders stakingen op gang te krijgen, en inderdaad vonden meerdere stakingsacties plaats. Ontwikkelingen van sociaal explosief belang, hoe versnipperd de protesten tot nu toe ook nog zijn. Intussen is er echter ook de vrijwel onvermijdelijke internet-oproep. Pakken we de agenda er weer eventjes bij? Er is een “Dag van Woede” aangekondigd via Facebook. De geplande datum is op 11 maart. Maar misschien haalt het tempo van gebeurtenissen dat sooert plannen we helemaal in…