Guinee: repressie, veroordeling en de bauxietfactor

2 oktober, 2009

Het West-Afrikaanse land Guinee trilt nog na van de schok die het bloedbad dat soldaten onder aanhangers van de oppositie afgelopen maandag aanrichtten teweegbracht. Zowel de bevolking als het bewind voelen de dreun. Intussen staat er stevige internationale druk op het bewind vanwege de onderdrukking. Maar aan de internationale druk zit een naar bauxietluchtje.

Vandaag bezochten duizenden mensen  in de hoodstad Conakry een moskee waarin de stoffelijke overschotten lagen van mensen dietijdens het bloedbad waren omgekomen. Mensen probeerden daar de identityeit van de slachtoffers vast te helpen stellen, te kijken of er bekenden, familieleden, van hen bij waren. Soldaten hadden moeite om de menigte in bedwang te houden, zo berichtte de BBC.

Intussen reageerde de dictator, kapitein Camara, op zijn manier geschokt.  Hij zei dat 29 september “van nu af aan een symbool van geweld ” zou zijn Maar uitsluiten dat hij kandidaat zou zijn voor komende presidentsverkiezingen wil hij klaarblijkelijk nog steeds niet.  “Hij zei dat als hij geen kandidaat voor de verkiezingen zou zijn, een andere militaire officier het land zou overnemen.” En “hij beschreef ichzelf als een ‘gegijzelde’, zowel door het volk als door het ‘ongestructureerde’ leger”. Of de man spreekt de  waarheid, en dan is hij weinig meer dan een speelbal van militaire machthebbers achter de schermen. Of hij schuift de schuld van de onderdrukking op ondergeschikten uit angst dat hij anders nog meer tegenstand over zich ou afroepen. In beide gevallen wekt hij de indruk van de wankelende dictator, niet van een machthebber die stevig in het zadel zit.

Hij had eerder al opgeroepen om een regering van nationale eenheid te vormen, en had leiders van de oppositie uitgenodigd daaraan mee te werken. Die hebben voor de eer bedankt. Logisch ook: je gaat niet in een regering zitten op verzoek van, en in samenwerking met, de dictator wiens soldaten dvier dagen eerder 157 van je aanhangers hebben omgebracht op jouw protestmanifestatie. Camara’s oproep liet zien hoe wak hij zich voelde. De weigering van de oppositie om hem te helpen zijn gezicht en macht te redden, is kerngezond.

Kerngezond lijken ook de tamelijk felle reacties vanuit andere landen op het bloedbad. Lijkt, schrijf ik echter niet voor niets, want achter de morele verontwaardiging schuilen naakte materiële belangen. De felheid doet denken aan de Westerse houding toen Birma’s junta in september-oktober 2007 een beginnende revolutie neersloeg. De felheid staat in schril copntrast met de houding van dezelfde landen als een nauwe bondgenoot van Westerse mogendheden – of één van die mogendheden zelf! – grof geweld tegen protestbewegingen inzet. Die uiteenlopende houding alleen al geeft te denken.

Frankrijk heeft militaire samenwerking met haar voormalige kolonie Guinee stopgezet. De Afrikaanse Unie dreigt met sancties als Camara niet vóór 31 januari zegt dat hij geen kandidaat in de komende verkiezingen zal zijn. Dat bericht Aljaeera.  Ook de VS veroordeelden het grove militaire geweld. Dat hier van echte eerlijke verontwaardiging kunnen spreken, is niet aannemelijk. Dagelijks gebruikt deelfde VS grof geweld in land na land na land. Er moeten dus andere redenen ijn dan puur-morele voor de Westerse opstelling

De World Socialist Website (WSWS) plaatste een artikel van Ann Talbot dat hierover veel verheldert. Guinee heeft een straatarme bevolking maar is rijk aan grondstoffen.  Vooral bauxiet, de grondstof voor aluminium, is belangrijk. Eenderde van alle voorraden bauxiet ter wereld ligt in Guinee, en veel daarvan wordt naar  Noord-Amerika geëxporteerd. De VS heeft daardoor belang bij wie er regeert in Guinee, en hoe.

En die VS is over de huidige machthebbers in Guinee mogelijkerwije momenteel minder te spreken. Die heeft namelijk een serieuze doodzonde begaan. Ik doel niet op het laten vermoorden van demonstranten of iets dergelijks. Nee. “Rusland en China hebben  onlangs een contract gesloten voor de bouw van een hydro-elektrische dam ter waarde van 1 miljard dollar te bouwen in Guinee. In ruil daarvoor krijgt China het recht om bauxiet te winnen.”

Dat bauxiet waar de VS momenteel gebruik van maakt  dreigt in handen te vallen van China, steeds meer de concurrent van China op het wereldtoneel! En dan zit er voor de kust van het land ook nog olie. De WSWS concludeert: “De veroordeling van Guinee als ‘ongrondwettige regering’ door de VS, laat zien dat de VSeen onstabiele regering die bereid is om met China en Rusland samen te werken, voor onbepaalde tijd aan het bewind te laten.”

Het is te hopen dat de protesten in Guinee tegen de militaire machthebbers zullen doorgaan en tot de val van de dictatuur zullen leiden. De Westerse druk op die dictatuur is echter bepaald geen onverdeelde zegen is voor de bevolking, maar veeleer een middel om Westerse ondernemersbelangen veilig te stellen tegenover opkomende concurrentie – en zo nodig ook tegen een bevolking die voor haar eigen rechten opkomt.

Advertenties

Bloedbad in Guinee

30 september, 2009

Militairen hebben afgelopen maandag in het Westafrikaanse land Guinee een protestbijeenkomst van 50.000  uit elkaar geschoten. Dat kostte volgens het militaire bewind aan 57 mensen het leven. Volgens een mensenrechtengroepering was het dodental veel hoger: 157. Op basis van gegevens uit ziekenhuizen worden 1253 gewonden gemeld. Er zijn  berichten dat soldaten demonstranten op straat verkrachtten en met bajonetten bewerkten.  Ook de dag erop schoten soldaten minstens twee mensen dood. Militairen vielen huizen binnen en plunderden winkels. 

De militaire machthebber, Moussa Dadis Camara, betuigde spijt, maar zei dat ook hij geen volledige greep heeft op “oncontroleerbare elementen” in zijn leger. Het ministerie van binnenlandse zaken kwam intussen met een verklaring waarin het dodental van 57 werd gegeven; van die mensen zouden de meeste vertrapt of gestikt zijn, slechts vier zouden door kogels zijn omgekomen. Volstrekt ongeloofwaardig lijkt het me, typerend voor de militaire dictatuur die haar onderdrukking probeert te bagatelliseren.

Dat Guinee een militaire dictatuur heeft, is duidelijk.  Camara kwam eind vorig jaar aan de macht via een staatsgreep. Die volgde op de dood van de sterke man van Guinee, Lansane Conte. Mensen waren aanvankelijk hoopvol. “De bevolking van het West-Afrikaanse land zag in Camara de juiste man op het juiste moment. Hij zou de enorme corruptie in het straatarme land stevig aanpakken en vrije verkiezingen voorbereiden waaraan hij in geen geval zelf zou deelnamen. Totdat, natuurlijk, bleek hoe zoet de macht ook hem persoonlijk smaakte. En dus liet kapitein Camara doorschemeren dat hij volgend jaar jjanuari toch weleens keen van de kandidaten zou kunnen zijn. Daarmee wist de bevolking genoeg. 

Het zojuist bloedig onderdrukte protest vond plaats als reactie op eventuele verkiezingsdeelname van Camara, op het feit dat hij dus niet zonder meer de macht zal overdragen. Als een militaire dictator, met zijn greep op de macht, aan verkiezingen deelneemt, kun je van werkelijk vrije verkiezingen nauwelijks spreken. De eerder beloofde overgang naar democratie dreigt zo helemaal een wassen neus te worden. Logisch dus dat oppositiegroepen protesteerden. Een van de meegevoerde leuzen tijdens de onderdrukte manifestatie luidde: “Weg met het leger aan de macht”.

Het is niet voor het eerst dat brede democratische protesten in Guinee beantwoord worden met grof militair geweld. In de eerste maanden van 2007 hielden vakbonden en oppositiegroepen demonstraties en meerdere algemene stakingen om dictator Conte tot aftreden te bewegen. Feitelijk woedde in die weken een begin van een revolutie in dat land. Conte wist echter de macht te behouden door bescheiden concessies – een nieuwe premier die iets meer vertrouwen genoot van oppositiekrachten – te combineren met onderdrukking. De revolutoe verliep, en Conte kon zich als machthebber voortslepen naar zijn einde.

Hoe het nu verder gaat is moeilijk te zeggen. Dictator Camara zegt weliswaar sorry, en er zijn twee dagen nationale rouw plus een onderoek aangekondigd vanwege het bloedbad. Maar hij heeft tegelijk oppositiebijeenkomsten voor onbepaalde tijd verboden. Of de protesterende groeperingen die het protest van afgelopen maandag op touw hadden gezet – vakbonden en oppositiepartijen – de slagkracht bezitten om na het bloedbad eergisteren door te zetten en minstens het terugtreden van Camara af te dwingen, staat te bezien.